CERN, het universum, de zichtbare onzichtbare wereld en het World Wide Web in Meyrin

Stephen Hawking (1942-2018) is beroemd om zijn werk over de oorsprong en structuur van het universum, van de oerknal tot zwarte gaten. Hij reduceerde het universum tot een duim. Maar toen hem werd gevraagd naar het ontstaan van dit allereerste begin van het universum, antwoordde hij iets in de trant van: ‘Dan stop ik met denken’.

Dit is ook het geval in deze bijdrage over het grootste onderzoeks- en experimentele centrum in de natuurkunde in Meyrin (kanton Genève). Deze bijdrage geeft eerder praktische dan technische informatie en is gebaseerd op informatie van CERN.

Zwitserland staat bekend om zijn uitstekende onderzoeksinstituten en universiteiten en ook CERN gedijt goed in deze regio!

CERN

De eerste oorsprong van CERN (Conseil Européen pour la Recherche Nucléaire) gaat terug tot jaren 1940. Een aantal wetenschappers in Europa en Noord-Amerika identificeerden de behoefte aan een topinstituut voor natuurkunde in Europa. De eerste resolutie betreffende de oprichting van een Europese Raad voor Kernonderzoek werd aangenomen in december 1951.

Opgericht in 1954, ligt het CERN-laboratorium in Meyrin bij de Frans-Zwitserse grens. Het was een van Europa’s eerste gezamenlijke ondernemingen en heeft nu 23 lidstaten, veel geassocieerde lidstaten en wereldwijde samenwerkingsovereenkomsten.

Samenwerking tussen naties, universiteiten en wetenschappers was en is vanaf het allereerste begin de drijvende kracht achter het onderzoek van CERN. Meer dan 17.500 mensen van over de hele wereld werken samen om de grenzen van kennis te verleggen.

De medewerkers van CERN, ongeveer 2500 in aantal, nemen deel aan het ontwerp, de bouw en de exploitatie van de infrastructuur voor onderzoek en experimenten. Ze dragen ook bij aan de voorbereiding en uitvoering van de experimenten, evenals aan de analyse van de verzamelde gegevens voor de grote wereldwijde gemeenschap van gebruikers, bestaande uit meer dan 12.200 wetenschappers van 110 nationaliteiten, van instituten in meer dan 70 landen.

Onderzoek

Het onderzoek van CERN heeft het begrip van het universum getransformeerd, maar er blijven nog veel fundamentele mysteries bestaan. De natuurkundigen en ingenieurs gebruiken de grootste en meest complexe wetenschappelijke instrumenten ter wereld om de basisbestanddelen van materie te bestuderen – de fundamentele deeltjes.

De instrumenten die bij CERN worden gebruikt, zijn speciaal gebouwde deeltjesversnellers en detectoren. Versnellers verhogen de energie van de deeltjesbundels voordat de bundels met elkaar of met stationaire doelen botsen. Detectoren observeren en registreren de resultaten van deze botsingen.

Subatomaire deeltjes worden met bijna de snelheid van het licht met elkaar in botsing gebracht. Het proces geeft ons aanwijzingen over hoe de deeltjes met elkaar omgaan en biedt inzichten in de fundamentele natuurwetten. CERN onderzoekt aldus de kleinste bouwstenen van ons universum.

Alle zichtbare materie in het universum bestaat uit een klein aantal deeltjes, waarvan het gedrag wordt bepaald door verschillende krachten. CERN heeft een vitale rol gespeeld in deze kennis.

Gedurende de jaren 1960 werden theorieën ontwikkeld om twee krachten – de zwakke kracht en de elektromagnetische kracht – in hetzelfde kader te verklaren. In de jaren 1980 bracht de ontdekking van de W- en Z-deeltjes – dragers van de zwakke kracht – bevestiging van de theorie. CERN-onderzoekers deelden de Nobelprijs voor natuurkunde in 1984 voor deze ontdekking.

Large Hadron Collider (LHC)

Tijdens de jaren 1990 testten CERN-experimenten de zogenaamde elektrozwakke theorie met extreme precisie, waardoor de resultaten betrouwbaar zijn. In 2010 begon de versneller LHC ( Large Hadron Collider) in de tunnel van 27 kilometer deeltjesbotsingen te leveren in een nieuw hoogenergetisch domein, waarbij de omstandigheden een fractie van een seconde na de oerknal werden gereproduceerd.

De LHC is een constructie die in een tunnel diep in de aarde in Frankrijk en Zwitserland loopt. Deze tunnel van 27 kilometer zal in 2040 worden vervangen. De nieuwe tunnel is wellicht de zogenaamde Future Circular Collider van 91 kilometer in Frankrijk en Zwitserland en onder het Meer van Genève. Op dit moment vinden haalbaarheidsstudies plaats. De deelnemende landen beslissen uiteindelijk in 2026.

De LHC leidde tot de ontdekking van het Higgs-deeltje (Higgs-boson)- lang gezocht als het deeltje dat verbonden is met het mechanisme dat massa geeft aan elementaire deeltjes.

Het laboratorium

Naast de LHC van CERN heeft het laboratorium een rijk en divers wetenschappelijk programma. Experimenten bij andere versnellers en faciliteiten, zowel ter plaatse als elders, zijn een  belangrijk onderdeel van de activiteiten van het laboratorium.

Hoewel fundamenteel onderzoek de primaire missie van CERN is, speelt het ook een toonaangevende rol in het ontwikkelen van nieuwe technologieën, het samenbrengen van naties, universiteiten, wetenschappers en bedrijven, en het opleiden en trainen van experts.

CERN is een belangrijk laboratorium voor de industrie – inclusief grote bedrijven, MKB’s of start-ups. CERN werkt ook samen met andere belanghebbenden, zoals beleidsmakers, lidstaten en geassocieerde lidstaten.

Industrie, toepassingen, samenwerking en uitvindingen

De bekendste CERN-technologie is het World Wide Web (WWW), uitgevonden door Tim Berners-Lee in 1989, om een steeds groter aantal wetenschappers van CERN in staat te stellen informatie te delen.

Even revolutionair is de Grid, die de kracht van computers over de hele wereld benut. Het is ontwikkeld bij CERN om de enorme hoeveelheden gegevens die door de LHC-experimenten worden verzameld te verwerken.

De meest verbazingwekkende ontdekkingen en uitvindingen zijn: het Higgs-deeltje, het W-deeltje (-boson), het Z-deeltje (-boson), het World Wide Web en antimaterie (antimatter).

De basisinstrumenten van CERN – deeltjesversnellers en detectoren – hebben ook toepassingen in het dagelijks leven. Uitgevonden als onderzoeksinstrumenten, zijn er tegenwoordig duizenden deeltjesversnellers functioneel met toepassingen variërend van medische diagnose en therapie tot de fabricage van computerchips.

Conclusie

CERN is het prototype voor wetenschappelijke samenwerking in Europa, zelfs tijdens de Koude Oorlog, en heeft aanleiding gegeven tot organisaties met opdrachten variërend van astronomie tot biologie.

De nieuwste organisatie die in de voetsporen van CERN treedt, is SESAME, een laboratorium voor het Midden-Oosten in Jordanië. Israël én de Palestijnse Autoriteit behoren tot de oprichters van SESAME, dus het is mogelijk! Niet alleen kunst, maar ook wetenschap verbroedert en doet grenzen, taalbarrières, afkomst, politiek, religie en nationaliteit vervagen.

(Bron en verdere informatie: CERN)

 

Charmey, Cerniat en Broc, kleine dorpen met een groots verleden en heden

Cerniat, nooit van gehoord? Toch is dit dorp in de gemeente Val-de-Charmey (kanton Freiburg) de vestigingsplaats van de enige Chartreuse in Zwitserland.

De Chartreuse de la Valsainte (le val de tous les saints) is in 1924  opgericht door Girard de Corbières, Seigneur van de Corbières. Freiburg verwierf de Seigneurie in 1553. De Chartreuse is, afgezien van de kapel, niet toegankelijk voor het publiek en functioneert nog steeds.

Foto: Les moines Chartreux ©: Monastère de la Grande Chartreuse

De naam van het dorp heeft ook een lange geschiedenis achter zich. Het woord Cerniat is afgeleid van het woord ‘cierne’ in het patois en betekent weide. De oorsprong gaat terug op het Latijnse woord circinus, ‘cerné’ in het Frans.

Het dorp ligt in het huidige district Gruyère van het kanton en de graven van Gruyère speelden tot hun faillissement in 1553 ook een belangrijke rol in deze regio.

Cerniat en het nabijgelegen Charmey fuseerden in 2014 tot de gemeente Val-de-Charmey. De Seigneurs van de Corbières bestuurden ook Charmey tot 1454. De graven van Gruyère verwierven het dorp in dat jaar. Vanaf 1555 maakt Charmey deel uit van kanton Freiburg.

Charmey was in de 17e en 18e eeuw een belangrijke handelsplaats op de verkeersweg naar Lyon. De beroemde Gruyère kaas en de unieke kelders voor het rijpingsproces van kaas (les caves à fromages de la Tzintre) waren de belangrijkste troeven.  De grote herenhuizen herinneren nog aan deze twee ‘Gouden Eeuwen’ van het kleine dorp.

Musée Charmey

Het dorp is tegenwoordig onder andere bekend vanwege zijn badhuiscomplex,  hotelfaciliteiten, prachtige natuur en mogelijkheden voor winter- en zomertoerisme en huisvest bovendien een interessant museum.

Broc is ook een dorp dat buiten Zwitserland geen al te grote bekendheid geniet. De toegang tot het dorp herbergt echter al een lange historie. Het eeuwenoude kasteel (Château) d’En Bas (12e eeuw) is dan ook de toegangspoort tot het dorp.

De baronnen van Montsalvens bewoonden het kasteel van 1340 tot 1555. In dat jaar verwierf Freiburg ook de deze baronnie en Broc. De huidige stenen brug stamt uit 1580 en is de vervanger van de veel oudere houten brug. In de 19e en 20e eeuw is het kasteel nog diverse keren verbouwd.

De kapel de Notre-Dame des Marches (18e eeuw), aan de voet van de Dent de Broc, op nog geen kilometer van het dorp, is de religieuze hoofdattractie.

Fabriek en maison Caillier

Broc heeft echter ook veel zoets te bieden, namelijk de chocoladefabriek Cailler. Deze chocolade-kunstenaars zijn een van de oudste chocolademerken ter wereld. Het Maison Cailler geeft op een interactieve en letterlijk tastbare  wijze vorm aan de komst van de cacaobonen naar Europa, de opkomst van de Zwitserse chocoladefabrikanten en Cailler in her bijzonder.

Kunst in Maison Cailler 

Van een andere orde is het informatie- en voorlichtingscentrum Electrobroc. Deze instelling toont aan de hand van documentatie, films, apparatuur. maquettes en andere visualisatie de fascinerende wereld van elektriciteit, de (huidige) veranderingen en aanpassingen en de functie en rol van elektriciteit voor het milieu, klimaat en de energieverzorging.

Impressies van Charmey

Het hotel- en badhuiscomplex van Charmey

Een wereldprimeur van religieuze hervormingen in Zürich in 1525

Martin Luther luidde op 31 oktober 1517 met zijn 95 stellingen in Wittenberg de grootste scheiding van de christelijke kerk aan sinds 1054 (de scheiding tussen de rooms-katholieke kerk en de orthodoxe kerk).

Deze scheiding was niet alleen religieus en politiek, maar ook geografisch geïnspireerd. West- en Centraal-Europa aan de ene kant, Oost-Europa (het Byzantijnse rijk) aan de andere kant. De orthodoxen hadden weliswaar een gemeenschappelijke noemer, maar ontwikkelden al snel hun eigen regionale identiteiten.

Paus Leo IX (1002-1054) en Michael Kerularios (1000-1059), Patriarch van Constantinopel. Grieks handschrift 15e eeuw. Staatsbibliotheek Palermo. Beeld: Wikipedia

Protestanten en wederdopers

Vijf eeuwen en verschillende mislukte hervormingspogingen later was het rooms-katholieke Europa klaar voor een scheiding. De hervormingen voorgesteld door Luther waren weliswaar de directe aanleiding, maar de discussies waren al eeuwenoud. Erasmus was een van de vele kritische theologen, Jan Hus was een eeuw eerder (1415) op de brandstapel terecht gekomen.

Dankzij de boekdrukkunst, de renaissance, het humanisme en de armoede in de steden en landelijke gebieden bereikten de hervormingsplannen van Luther in korte tijd een breed publiek. Bovendien schreef hij in het Duits en niet in het Latijn (hoewel een groot deel van de bevolking nog analfabeet was).

De ideeën van Luther bereikten snel de Zwitserse Confederatie, in de eerste plaats de grote steden (Bazel, Bern, Zürich, Schaffhausen). Zürich had een wereldprimeur: in korte tijd ontstonden er rond 1525 twee nieuwe wereldreligies: de evangelisch gereformeerde kerk volgens Huldyich Zwingli (1484-1531) en de wederdopers. Luther en Zwingli verschilden op verschillende religieuze dogmatische punten, maar verwierpen en vervolgden beiden de wederdopers (hoewel zij ook protestanten waren).

Collégiale in Neuchâtel met standbeeld Guillaume Farel (1489-1565)

Calvinisme

Niet alleen de stedelijke gebieden van de oude Zwitserse Confederatie, maar tien jaar later waren de onafhankelijke republiek Genève en het vorstendom Neuchâtel gebieden met een eigen hervorming: het calvinisme. Zwitserland was het episch centrum van het humanisme aan de ene kant en de dogmatische discussies van de nieuwe wereldreligies aan de andere kant.

Genève bleef eeuwenlang de hoofdstad van het calvinisme. Duizenden studenten uit Nederland bezochten bijvoorbeeld de door Calvin opgerichte academie. Willem van Oranje wordt zelfs geëerd op de Muur van de Reformatie in Genève, net zoals Michiel de Ruyter zijn plaquette heeft in de Grossmünster in Zürich (en zijn graf in de Nieuwe Kerk in Amsterdam en een feest dat aan hem is gewijd in Hongarije).

Willem van Oranje op de Muur van Hervormers:Le 26 juillet 1581 les Etats-Generaux reunis a la Haye adpotent la déclaration d’indépendance des Provinces-Unies”.

Disputatio in Zürich

De hervorming in Zürich was de eerste in de oude Zwitserse Confederatie, op Zwitserse wijze na een ‘disputatio‘, discussie en stemming in de regering. Deze hervorming ging echter niet ver genoeg voor sommige hervormden. Zij baseerden zich op de afwijzing van de doop van baby’s, omdat het geloof een belijdenis is en een baby nog niet dat onderscheidingsvermogen heeft.

En ze wilden geen staatskerk, maar religieuze gemeenschappen die privé georganiseerd waren. Met andere woorden, ze erkenden de kerkelijke, dus staatskundige hiërarchie niet. In die tijd was er nog geen scheiding tussen kerk en staat.

Ook in dit geval vond er een disputatio plaats op 17 januari 1525 tussen de protestant Zwingli en de wederdoper Konrad Grebel (1498-1526). Zwingli won het debat, maar dat verhinderde niet de doop van de eerste volwassenen op 21 januari 1525, waaronder Grebel en Felix Manz (1498-1527).

Daarna escaleerde het conflict, vooral omdat de wederdopers de staatskerk (de nieuwe protestante kerk, de katholieke kerk was dat al eeuwen) en de gewapende dienst voor de regering niet erkenden.

Voor de machthebbers was het anabaptisme (wederdopers) synoniem met anarchie, het niet betalen van belastingen en het niet dienen in het leger. Zo ondermijnden ze het gezag van de staat (en de privileges van de leiders). Ze werden vervolgd (door de protestanten en de katholieken) en soms, zoals Felix Manz, ter dood gebracht.

De disputatio van 17 January 1525. Seculiere bestuurders (l), theologen (r), vooraan de wederdopers, zittend de hervormers (Zwingli). Collectie: Zentralbibliothek Zürich 

Een nieuwe wereldreligie met wortels in Zürich

Vanwege de vervolging in Zürich (en later andere steden) zochten en vonden ze toevlucht op het platteland, waar de wederdopers op veel sympathie en aanhangers konden rekenen. Het was immers de tijd van de boerenopstanden. De religieus geïnspireerde wederdopers en de politiek gemotiveerde boeren hadden elkaar gevonden. Een tentoonstelling in het Dreiländermuseum in Lörrach onderzoekt deze context in detail.

De wederdopers van Zürich vluchtten uiteindelijk naar de Verenigde Staten, waar ze Amish- en Mennonieten gemeenschappen stichtten. De Amish zijn vernoemd naar de Zwitser Jacob Ammann (1644-1712), de Mennonieten naar de Fries Menno Simons (1496-1561). Bovendien zijn er nog verschillende andere afsplitsingen van de wederdopers in de wereld, een echte wereldreligie derhalve.

De tentoonstelling Verfolgt, Vertrieben, Vergessen – 500 Jahre Täufertum im Kanton Zürich‘ in de Zentralbibliothek Zürich toont deze weinig bekende maar bewogen geschiedenis met documenten uit eigen archieven en andere instellingen.

Ze vindt plaats ter gelegenheid van het vijfhonderdste jubileum van de eerste volwassenendoop op 21 januari 1525. Op 29 mei zullen ook de wereldconferentie van de Mennonieten en een dienst in de Grossmünster in Zürich plaatsvinden. De cirkel is rond, op minder dan 100 meter van de plek waar Felix Manz in 1527 door verdrinking in de Limmat ter dood werd gebracht.

(Bron en aanvullende informatie: Zentralbibliothek Zürich, M. Jost, Unpassend. Roman zu den Anfängen der Täuferbewegung, St. Gallenkappel, 2024; Mennonitica. Schweizerischer Verein für Täufer geschichte)

Het Reto-Romaanse Cultuurfestival FESTIVALET

Het Reto-Romaans (Romaans) heeft zijn oorsprong in de taal van de stammen van de Raetiërs in het huidige Graubünden (en verder noordelijk) en het Latijn uit de tijd van de Romeinse heerschappij tot de vijfde eeuw. Het is dus een van de oudste levende talen van Europa!

Daarna ontwikkelde zij zich in een eeuwenlang proces. Langobardische dialecten, de Alemannische (Duitse) taal, de immigratie van (Duitstalige) Walser en Franse invloeden van Frankische en Karolingische heersers vormden de taal. Het Romaans is sinds 1938 de trotse vierde taal van Zwitserland.

Ongeveer een derde van de Reto-Romanen leeft tegenwoordig echter buiten hun oorspronkelijke taalgebied.  In het kader van het project “Rumantsch en la diaspora”, Romaans in de diaspora, van de Lia Rumantscha zijn al vijf Romaanse gemeenschappen in Duitstalig Zwitserland opgericht. De Federale overheid heeft in 2021 de bevordering van de Romaanse taal en cultuur buiten Graubünden al tot prioriteit verklaard.

Cultuurfestival FESTIVALET

De vereniging Cultura Rumantscha en la Bassa (CRB) organiseert op 20 en 21 juni aanstaande het Romaanse evenement FESTIVALET in Zürich. Het doel van de vereniging is de Romaanse cultuur te verspreiden in het ‘Unterland’. ‘la Bassa’ betekent ‘Unterland’, zeg maar het gebied het westen en noorden van  Graubünden.

FESTIVALET biedt het podium aan muzikanten van de levendige en kleurrijke Romaanse pop- en liedermuziekscene, evenals de beste Romaanse koren (en dat zijn er nogal wat voor zo’n kleine bevolkingsgroep).

Wie kent niet de melodie van het prachtige ‘Buna not, dorma bain’, het mooie ‘Chara lingua da la mamma’, het melodieuze ‘Il bös-ch rumantsch’, of het melancholische ‘Sch’eu füss ‘na randulina’?.

Maar ook andere cultuur heeft haar plaats op het festival: literatuur, een Spoken Word Performance, een geselecteerde filmprojectie, kunst, de Bündner keuken en lezingen over de vierde nationale taal. Daarnaast is er een  familieprogramma voor kinderen.

FESTIVALET, emprim festival da cultura rumantscha

20 en 21 zercladur/Juni 2025

 Turitg/Zürich: X-Tra Haus der Musik e Johanneskirche 

Tickets ed infuormaziun: FESTIVALET

De Mittlere Brücke, Augusta Raurica, Augst en Kaiseraugst

Het Romeinse legioen dat op 11 maart de brug van Kleinbasel naar Grossbasel overstak begreep er niet veel van. De Centurion was er ook van overtuigd dat er tweeduizend jaar geleden al een brug over de Rijn was. De duiding op het gebouw aan de kant van Kleinbasel liet er echter geen misverstand over bestaan: deze brug is 800 jaar oud.

De verwarring bij de Romeinen was echter te begrijpen. Ze waren immers al meer dan 16 eeuwen niet meer in deze regio geweest, na hun vertrek in 410 n. Chr. Ze konden zich niet voorstellen dat de kleine Keltische oppidum met nederzettingen op de Münster en bij de oude gasfabriek en de kleine vicus (Basilia?) een brug had, en nog wel een van steen.

Deze brug is de vervanger van de deels houten, deels stenen brug die sinds 1226 Kleinbasel verbond met Grossbasel. Vanwege zware verkeersmiddelen, zoals trams, auto’s en vrachtauto’s, is deze brug in 1905 vervangen door de huidige brug.  Deze verbinding leidde tot een grote toename van het handels- en personenverkeer en maakte Bazel in een klap de belangrijkste stad in deze regio.

Niet lang daarna (1392) vond de vereniging van Kleinbasel en Grossbasel in een gemeente plaats. De Lallekönig in Grossbasel en Vogel Gryff in Kleinbasel houden de animositeit echter in ere.

De Lallekönig

Het Romeinse legioen heeft 16 eeuwen terug wel degelijk over een Rijnbrug gelopen. Deze brug lag echter in Augusta Raurica (het huidige Augst en Kaiseraugst). De fundamenten en een verdedigingswerk zijn nog steeds te traceren. 16 eeuwen terug was de Romeinse colonia Augusta Raurica de enige stad in deze regio.

Evenals andere steden langs de Rijn (Rheinfelden en Laufenburg bijvoorbeeld) is ook het Romeinse Augusta Raurica door de loop de geschiedenis gesplitst in twee delen: Augst in kanton Basel-Landschaft en Kaiseraugst in kanton Aargau. Tot de 14e eeuw was Augst de naam voor het Romeinse Augusta Raurica.

Napoleon heeft hier nu eens niets mee te maken. In de 14e eeuw verwierf het Habsburgse Rheinfelden het gebied van het huidige Kaiseraugst, vandaar de naam met ‘Kaiser’.

De heren van Farnsburg verwierven 1461 het gebied van het huidige Augst. De stad Bazel verwierf dit gebied van Farnsburg. Kaiseraugst viel vanaf 1803 onder kanton Aargau en Augst onder kanton Bazel en vanaf 1833 kanton Basel-Landschaft.

(Bron en verdere informatie: Die Stadtgeschichte Basel; Geschichte der Stadt Basel)

Huningue, Zwitserse neutraliteit, Alemannische dichters en de Dreiländerbrücke

Huningue staat bekend om de Dreiländerbrücke/la Passerelle des Trois Pays, die sinds 2007 Zwitserland, Duitsland (Weil am Rhein) en Frankrijk verbindt, of, preciezer, Baden, de Elzas en het kanton Basel-Stadt. Deze verdere afbakening is interessant vanwege de geschiedenis van dit kleine stadje aan de Rijn.

De eerste vermelding van Huningue was in een document uit 828 onder de naam ‘Villa Huninga’. Dit document was een schenkingsakte aan het klooster van St. Gallen. De akte meldt Villa Huninga als plaats van ondertekening. De naam Villa en het ondertekenen van een akte duiden al op enige relevantie in de grotendeels ongeletterde Middeleeuwen.

Na de elfde eeuw was het prinsbisdom van Basel eeuwenlang de eigenaar (Dinghof) van Huningue. Cultureel was er ook een sterke verbinding, en het Alemannisch was de gesproken taal. Bovendien is Basel slechts één kilometer verwijderd.

In de 12e of 13e eeuw verwierf Habsburg deze plaats echter. Vanwege een (chronisch) gebrek aan geld verpandde Habsburg het in 1310 opnieuw aan Bazel. Enige tijd later regeerde Habsburg opnieuw over de stad, maar Bazel herwon de controle na het sluiten van een nieuwe pandakte.

Huningue raakte ook verwikkeld in de rivaliteit tussen Habsburg (met zijn andere eigendommen in de Elzas en delen van Baden en adellijke loyalisten (Domherren/het kapittel in Bazel) en Bazel. In 1509 kozen de inwoners van Huningue de kant van Bazel in een conflict (de zogenaamde Türkenpfennig).

Veel burgers van Huningue dienden in de militie van Bazel. Musée historique et militaire de Huningue

Als gevolg daarvan bekeerde Huningue zich tijdens de Reformatie van Basel in 1529 ook tot het protestantisme, de enige gemeente in Habsburgs en katholiek Sundgau (naam van een zuidelijk gebied van de Elzas)!

Onder de hoede van Bazel bleef de situatie stabiel tot 1623, toen de pandakte afliep en Habsburg weer volledige eigendom verwierf. Bazel probeerde nog wel, tevergeefs, Huningue te verwerven. Het was de periode van de Dertigjarige Oorlog (1618-1648) en het protestante stadje aan de Rijn was van groot symbolisch en strategisch belang voor het katholieke Habsburg, dat toen nog heer en meester was in de Elzas.

Als gevolg daarvan werd dit Habsburgse gebied in Sundgau in 1648 bij de Vrede van Westfalen Frans. Lodewijk XIV (1638-1715), de Zonnekoning, bezocht Huningue in 1681 na de verovering van de hele Elzas, inclusief Straatsburg (en tijdelijk Breisgau en Freiburg in Baden). Op 20 oktober 1681 arriveerde hij in Huninque na een reis met 400 koetsen via Sainte-Marie-aux Mines, Sélestat, Breisach, Freiburg en Ensisheim.

In Ensisheim (de oude hoofdstad van Vorderösterreich) overlaadden de 13 kantons van de Confederatie en hun bondgenoot (zugewandter Ort) Mulhouse de Zonnekoning met lof en eerbewijzen. Mulhouse bleef tot 1798 (!) nog Mühlhausen, onafhankelijk en geassocieerd lid van de Confederatie.

De koning was (financieel) gul voor de afgevaardigden van de kantons en de gouverneur  van het fort de markies de Puisieux verwoordde het als volgt:

Que le roi l’avait chargé de veiller le mieux possible à l’amitié portée a la ville de Bâle et aux bonnes relations avec à la ville de Bâle“.

Model van het Fort van Vauban in Huningue. Musée historique et militaire de Huningue

Sinds 1516 en 1521 hadden Frankrijk en de Confederatie de ‘Eeuwige Vrede’, (der ewige Friede, la Paix éternelle). Het eerste wat de Zonnekoning echter deed in Huningue was het bezoeken van het nieuwe fort door Sébastien Le Prestre de Vauban (1633-1707), zijn fortenbouwer (zie onder andere de (verdwenen) forten in Neuf-Brisach, Breisach en Belfort). Tijdens dit bezoek verklaarde zijne majesteit:

“Dat de Zwitserse natie zich geen zorgen hoefde te maken over de oprichting van het fort; dat de stad Bazel niets te vrezen had, dat haar handel alleen maar kon profiteren onder deze bescherming, die de onschendbaarheid van haar grenzen garandeerde; dat het fort van Huningue was gebouwd om invasies tegen te gaan en de Zwitserse neutraliteit te doen respecteren“.

Beeld: naar een tekening van Emanuel Büchel (1705-1775). De (illegale) uitbreiding van Fort Vauban op de Schusterinsel en het grondgebied van Bazel en deels Baden is zichtbaar op de rechteroever van de Rijn. Het dorp tegenover Huningue is Kleinhüningen in kanton Bazel (tegenwoordig is het een wijk van Bazel). De rivier is de Wiese, aan de andere kant ligt de stad Bazel

Meer dan een eeuw later, in 1796, was Huningue een frontstad in de Eerste Coalitieoorlog (1792-1797). Oostenrijkse troepen hadden de Rijn bereikt. Frankrijk had al het Schusterinsel (ook bekend als Kälberinsel) in de Rijn direct aan en over de grens van Basel bezet. Het garnizoen telde meer dan 3000 officieren en manschappen onder generaal Jean Charles Abbatucci (1770-1796).

Place d’Abbatucci 

L’église St. Louis (1700). De kerk van het garnizoen van het fort van Vauban. Alleen deze gebouwen van het fort zijn in 1815 niet verwoest. Model: Musée historique et militaire de Huningue

De neutraliteit van de Confederatie stond op het spel omdat Bazel zich niet had verzet tegen de Franse schending van haar neutraliteit. De situatie werd verder gecompliceerd door de opmars van Oostenrijk door het grondgebied van Bazel zonder weerstand en zelfs in samenwerking met andere prominente burgers en tegenstanders van revolutionair Frankrijk, waaronder Johann Rudolf Burckhardt (1750-1813), de vader van Sheik Ibrahim ibn Abdallah.

Een andere Basler, Peter Ochs (1752-1821), die later een prominente rol speelde in de Helvetische Republiek (1798-1803), veroordeelde voornamelijk de schending van neutraliteit door Oostenrijk. Ochs steunde de ideeën van de Franse Revolutie en wilde de oude Confederatie en haar ancien régime veranderen.

Neutraliteit was al een bron van discussie en onenigheid in die tijd. Ochs schreef uitgebreid over deze neutraliteit in zijn Geschichte der Stadt und Landschaft Basel/Histoire de Bâle (1786-1821). Dit onderwerp heeft niets aan relevantie verloren.

Capitulatie van Franse troepen voor Oostenrijk. Musée historique et militaire de Huningue

Napoleon negeerde de woorden van de Zonnekoning en veroverde de oude Confederatie en Basel in 1798. Het fort van Vauban werd na de Franse capitulatie in 1815 gesloopt.

De restanten van het fort

Drie oorlogen (1870-1871, 1914-1918 en 1939-1945) en de neutraliteit van de Confederatie verder, verbindt de Dreiländerbrücke/Passerelle des Trois Pays de Elzas, Baden en Basel. De taalkundige scheiding lijkt echter definitief met Frans, Hoogduits en Baseldeutsch.

De oversteek naar Duitsland, april 1945

De educatieve, culturele, politieke, economische en sociale contacten, projecten en uitwisselingen zijn echter intens en succesvol. Van de 6000 inwoners van Huningue werken er ongeveer 1500 in Basel, en het dichterspad (Sentier des poèts des trois pays/DreylandDichterweg) langs de Rijn heeft meer dan symbolische waarde. Ooit spraken en schreven ze allen Alemannisch.

(Bron en verdere informatie: (Le Bulletin 2023, Societe d’Histoire Huningue, Village-Neuf et de la Région frontalière; Ville de Huningue)

Musée historique et militaire de Huningue

De Dreiländerbrücke/la Passerelle de Trois Pays gezien van Place d’Abbattucci

Kanaal van Huningue en het park Des eaux vives

De protestante kerk

Vereniging klooster Schönthal 25 jaar

Het voormalige klooster Schönthal bij Langenbruck (kanton Basel-Landschaft) is idyllisch gelegen te midden van 100 hectare bos, weiden en Juralandschap. Vandaag de dag gaan kunst en natuur een dialoog aan op het terrein van het middeleeuwse klooster.

Het terrein biedt een vrij toegankelijk beeldenpark met meer dan 30 hedendaagse kunstwerken en wisselende tentoonstellingen en culturele evenementen.

De vereniging “Kloster Schönthal” viert dit jaar haar 25-jarig bestaan en grijpt deze gelegenheid aan om kunst- en natuurliefhebbers een gevarieerd cultureel programma aan te bieden.

Het programma is afgestemd op de cyclus van de seizoenen. Het programma begint in het voorjaar met de Britse kunstenaar Richard Long (*1945), wiens werk Cowshed Ellipse al te zien is in het beeldenpark: hij maakt een nieuw site-specific werk in de kerk en een op de binnenplaats van het klooster.

Van 1 mei tot 7 december 2025 zullen deze nieuwe werken te zien zijn naast andere kunst uit zijn creatieve periodes.

(Bron en verdere informatie: Verein Kloster Schönthal)

Tulpenfestival in Morges en de tuinen van slot Vullierens

Morges organiseert opnieuw het Tulpenfestival, een evenement met meer dan 140.000 bloemen en ongeveer 350 soorten tulpen. Van 28 maart tot 11 mei 2025 is het thema  dit jaar “water” en kan de bezoeker zich onderdompelen in de wereld van “water” en het Meer van Genève.

Het festival wordt georganiseerd door de vereniging Morges Fleur du Léman en viert de schoonheid van bloemen en de natuur, net als het Dahliafestival dat elk jaar plaatsvindt van juli tot oktober.

PS: ook kasteel Vullierens opent haar tuinen weer voor het publiek.

(Bron en verdere informatie: Schloss Vullierens; Verein Morges Fleur du Léman)

Maelwael, Gebroeders Van Lymborch en de Bijbel van Moutier-Grandval

Op 21 maart jongstleden vond in de Stevenskerk in Nijmegen de opening plaats van het jaar van de gebroeders van Lymborch en Johan Maelwael. Herman (1385-1416), Paul (1386-1416), Johan (1388-1416) van Lymborch en hun oom Johan Maelwael (1370-1415) zijn tegenwoordig erkend als de grondleggers van de Nederlandse schilderskunst. (zie onder andere de Vereniging Gebroeders Van LymborchStichting Maelwael Van Lymborch en het Maelwael Van Lymborch Huis in Nijmegen).

De Rembrandts van de middeleeuwen

Nijmegen was aanvankelijk hun vestigingsplaats in dienst van het machtige Hertogdom Gelre ( tot 1543 het laatste onafhankelijke gebied in de Nederlanden!). Zij waren aanvankelijk werkzaam voor de Hertog van Gelre. Ze waren echter zo getalenteerd en veelzijdig dat de Hertogen van Bourgondië en  leden van het Franse koningshuis (de Hertog van Berry) hun na 1400 in dienst namen.

Maelwael is overigens afgeleid van het Duitse Malen (schilderen) en wael (wel), hij was dus een goede schilder en aanvankelijk afkomstig uit de buurt van Xanten.

Het Gebroeders van Lymborchhuis op de Burchtstraat in Nijmegen en 2025 staan in het teken van hun innovatieve, veelzijdige en oogverblindend schone kunsten. In Dijon, Saumur, Bourges, Parijs en Chantilly hebben deze ‘Rembrandts’ van de late middeleeuwen hun sporen nagelaten.

De Belles Heures (links) van de Duc de Berry, de Très Riches Heures (rechts) van de Duc de Berry, fascimili, Maelwael Van Lymborch Huis 

Met andere woorden, tussen 1375 en 1420 hebben kunstenaars uit het Hertogdom Gelre de toon gezet voor de Vlaamse primitieven en de hoge cultuur aan het Franse en Bourgondische hof.

De prachtige Très Riches Heures en de Belles Heures (getijdenboeken) van de Duc de Berry (1340-1416)  zijn de bekendste werken van de gebroeders. Pagina’s (folia) uit De Belles Heures waren in 20o5 te bezichtigen in het Valkhof in Nijmegen, in het Getty Museum in Los Angeles en in 2010 in het Metropolitan Museum in New York.

In New York trok zelfs een stoet ridders, jonkvrouwen en hun gevolg uit het Hertogdom Gelre door de avenues en Grand Central! De Très Riches Heures zullen binnenkort deels te bewonderen zijn van (7 juni tot 5 oktober) in Musée Condé in kasteel Chantilly bij Parijs. Ook hier zal het adellijk gevolg uit Gelre zijn intrede doen!

Maelwael Van Lymborch Huis 

Très Riches Heures (Ms 65, fol. 2r), Collectie: Musée Condé in kasteel Chantilly, muurschildering in het Maelwael Van Lymborch Huis 

Johan van Maelwael, Piéta’s, rond 1400, originelen in het Louvre. Maelwael Van Lymborch Huis 

Johan van Maelwael, rond 1400, kopie, origineel in het Louvre. Maelwael Van Lymborch Huis 

De Bijbel van Moutier-Grandval

Ruim 600 jaar daarvoor waren het echter uitsluitend monniken die zich wijden aan geïllumineerde werken. Wie in de zomermaanden  de Très Riches Heures  in het Musée Condé in het kasteel van Chantilly wil bewonderen (met een bezoek aan het Louvre en de unieke werken van Johan Maelwael), kan voorafgaand naar Delémont (kanton Jura) reizen, met vervolgens een mooie en interessante route via Dijon, Chapmol, Bourges, Saumur naar Chantilly.

Het museum van Delémont (Musée jurassien d’art et d’histoire) toont net zo’n uitzonderlijk werk: de bijbel van Moutier-Grandval. De abdij van Moutier-Grandval hoorde vanaf 999 bij het bisdom Bazel. Een van haar manuscripten was deze bijbel.

De oorsprong van deze bijbel was rond 840 in de abdij St. Martin in Tours (Frankrijk). Deze prachtige Karolingische bijbel ging daarna op reis naar de abdij van Moutier-Grandval. De Karolingers waren de beschermheren van de abdij en ze kende in de 9e en 10e eeuw haar bloeiperiode.

De abdij is in 1499 verwoest, de kloosterkerk tijdens de reformatie in 1531. De bijbel en andere kunstschatten gingen naar Solothurn en Delémont. De (adellijke) Chorherren van Moutier-Grandval bouwden op de hun bekend wijze stadspaleizen en een kasteel.

De stiftskerk van Moutier-Grandval. Collectie: Musée jurassien d’art et d’histoire

Eeuwenlang ging het goed, tot de Franse inval en bezetting van Delémont in 1792. De bijbel van Moutier-Grandval ontkwam nog een keer aan plunderingen en dook in 1822 weer op in handen van Joseph Alexis Bennot (1753-1837), burgemeester van Delémont.

Indruk van de tentoonstelling ‘Le Bible de Moutier-Grandval. Sur les traces d’un chef-d’oeuvre’

Hij verkocht  vervolgens de bijbel, mede dankzij bemiddeling van Baron Konrad Karl Friedrich von Andlau (1766-1839), de voormalige gouverneur (1814-1815) van het voormalige prinsbisdom Bazel in Arlesheim.

De nieuwe eigenaar was Johann Heinrich von Speyr-Passavant (1782-1852) uit Bazel. Von Speyr-Passvant was een verzamelaar van handschriften. De Universiteitsbibliotheek Bazel beheert zijn grote collectie.

In deze tijd nam echter ook de belangstelling voor geïllumineerde middeleeuwse handschriften en kunst toe en Von Speyr was niet alleen verzamelaar, maar ook handelaar. In 1836 verkocht hij de bijbel aan het British Museum.

Sindsdien is Londen zijn nieuwe verblijfplaats, maar hij is tevens cultureel en erfgoed van de wereld. In 1981 kwam de bijbel van Moutier-Grandval  voor het eerst weer naar Delémont. Bijna vijftig jaar later voelt hij zich weer voor korte tijd thuis in de nabijheid van kasteel van de Chorherren.

Indruk van de tentoonstelling ‘Le Bible de Moutier-Grandval. Sur les traces d’un chef-d’oeuvre’

Fazit

Wat de Très Riches Heures en de Belles Heures de Duc de Berry van de gebroeders Van Lymborch en de bijbel van Moutier-Grandval gemeen hebben is hun uitzonderlijke schoonheid, vakmanschap en innovatie. Hoezo donkere middeleeuwen?

Hoe zou een middeleeuwer reageren op de 20e en 21e eeuw met zijn atoombommen, gifgas, concentratiekampen, holocaust, communisme, nazisme en milieuvervuiling? Iedere tijd heeft zijn zonden.

De kunsten brengen echter licht, zelfs in de meest donkere tijden. Zowel de tentoonstelling (8 maart-8 juni) in Delémont, als in het Musée Condé in kasteel Chantilly  (7 juni-5 oktober) zijn eenmalige toegankelijke kunst op locatie en wellicht is een bezoek chronologisch te combineren!

(Bron en verdere informatie: L. Marti, Le Bible de Moutier-Grandval. Sur les traces d’un chef-d’œuvre, Delémont, 2025; A. Stufkens, Cl. Verhoeven, Johan Maelwael en de Gebroeders van Lymborch. Grondleggers van de Nederlandse schilderskunst, Nijmegen, 2025)

Directe democratie, burgers en regering in Zwitserland

Het is het buitenland geheel ontgaan, maar op 12 maart 2025 jongstleden hebben de verenigde kamers (Vereinigte Bundesversammlung, l’Assemblée fédérale, chambre réunies) van het Zwitserse parlement ( de Nationalrat/Conseil national) en de Ständerat/Conseil d´États) een nieuw lid van de nationale regering (Bundesrat/ Conseil fédéral) gekozen op basis van de Zauberformul/formule magique. Martin Pfister van de partij Die Mitte/Le Centre is daarmee opvolger van een partijgenote, die vanwege persoonlijke redenen vroegtijdig is teruggetreden.

Voor nadere informatie over het functioneren van de regering en de verkiezingsprocedures van leden van de regering wordt verwezen naar voorgaande publicaties. Wat deze verkiezing echter bijzonder maakt is de benoeming door het parlement tegen de voorkeur van een kandidaat van het bestuur van die Mitte/Le Centre.

Palais fédéral, salle de réunion du Conseil fédéral. (Photo: www.admin.ch)

Benoeming en samenstelling federale regering

Op basis van de Zauberformul/formule magique is de regering sinds de jaren 1950 samengesteld op basis van de vier grootste partijen: tegenwoordig twee zetels voor een conservatieve partij, twee zetels voor een liberale partij, twee zetels voor een linkse partij en een zetel voor een middenpartij (Die Mitte/Le Centre). In grote lijnen komt dit overeen met de stemming in het land: ongeveer 60-65% conservatief-liberaal-midden en ongeveer 35-40% links-groen.

Rekrutering van leden van de regering is een van de belangrijkste taken van een regeringspartij vanwege de Zauberformul/formule magique. Dit concept werkt immer alleen indien de ministers van rechts tot links gekwalificeerd zijn en ook samen kunnen werken, niet op basis van een regeringsprogramma, maar gebaseerd op het noodzakelijke beleid en actuele thema’s.

In feite worden deze zeven ministers opgesloten in een denkbeeldige ruimte van de collegialiteit zonder chef en zonder de mogelijkheid naar buiten (publiek en media) afwijkend beleid te verkondigen.

De eerste regering is op 16 November 1848 gekozen (foto: www.admin.ch)

De leden van het parlement zijn dan ook vrij in hun keuze. En al eerder is het voorgekomen dat anderen dan de officiële door de partij voorgedragen kandidaten de absolute meerderheid halen van de 246 stemmen. Vaak zijn er bovendien meestal meerdere stemrondes nodig. De regering is gebaseerd op de principes van samenwerking en het vinden van kompromissen (Konkordanz/concordance) en het spreken met één stem (Kollegialität, principe collégiale).

Hetr zoeken van ministers is bovendien geen aangelegenheid van één persoon, zoals een premier, want die kent Zwitserland niet. De regering is zonder hiërarchie en alle zeven leden zijn volstrekt gelijkwaardig. Ieder jaar kiest het parlement een van de leden van de regering als het  staatshoofd of president met voornamelijk een ceremoniële functie. Een herverkiezing is mogelijk, maar niet twee jaar achter elkaar.

Daarnaast worden kandidaten voor de verkiezing in het parlement uitvoerig gescreend op het niveau van de partij in de kantons (de broedplaatsen van de Zwitserse democratie). Afgezien van karaktereigenschappen en kwaliteiten, wordt er vooral gekeken naar de politieke staat van dienst, maatschappelijke ervaring en aantoonbare betrokkenheid voor het openbaar bestuur.

Het is onmogelijk dat kandidaten even worden ingevlogen om een partij te leiden of zelfs om minister te worden na  een langdurige afwezigheid in het land. Het is immers een serieuze zaak en een van de hoogste ambten van het land. Voor opportunisme, demagogie en ‘de sterke man/vrouw’ is geen plaats in het Zwitserse systeem, dat bovendien is gebaseerd op het Milizsystem/systèm de milice.

Daarnaast verdient deze procedure en de samenstelling van de regering een plaats in het Guinness Book of World Records. Sinds 1848 heeft de Zwitserse regering 7 leden en 7 departementen, niet meer en niet minder. The proof of the pudding is in the eating en dit bijzondere systeem in het multiculturele, veeltalige en multireligieuze land met zijn 26 soevereine kantons heeft zijn waarde en nut bewezen.

De stemming voor een nieuwe regering of lid van de regering in de verenigde zitting van het parlement. Foto: www.admin.ch

Hervormingen

Dat wil niet zeggen dat er geen noodzaak en behoefte voor een hervorming is op een aantal gebieden, bijvoorbeeld wat betreft de opkomst van nieuwe partijen (Groenen en Groenliberalen) en een mogelijke zetel in de regering ten koste van een andere partij.

Ook is een vergroting van de regering met twee leden aan de orde vanwege de toegenomen overheidstaken en (internationale) complexiteit.  Het fundament is echter het respecteren van de kollegialiteit en de bereidheid compromissen aan te gaan (Konkordanz).

Bovendien is het aantal facultatieve referenda en Volksinitatieven aan inflatie onderhevig. Bij de invoering in 1874 respectievelijk 1891 was het geen makkelijke opgave de nodige handtekeningen te verzamelen. Tegenwoordig is het niet moeilijk met hulp van moderne en sociale media 50 000 respectievelijk 100 000 benodigde handtekeningen te verzamelen.

Genève, 25 september 2022, een facultatief referendum

Directe democratie

Dit milicia systeem uit 1848 functioneert al ruim 175 jaar. De bereidheid en noodzaak compromissen aan te gaan van rechts tot links komt ook door de directe democratie: als een wet of Europees beleid aan de orde is, wordt gekeken naar de haalbaarheid vanwege een (verplicht of facultatief) referendum.

Dit systeem werkt tot tevredenheid, hoewel uiteraard niet perfect. In het algemeen aanvaarden de maatschappij en burgers door de uitgebreide raadpleging van organisaties en betrokkenen en fundamentele publieke discussies het (nieuwe) beleid en voor overhaast en opportunistisch beleid is geen plaats.

En toch nemen ook in Zwitserland polarisatie, persoonlijke aanvallen door enkele (sociale) media en politici op leden van de regering en afnemende kollegialiteit binnen de regering toe. Dit ondergraaft het fundament van het systeem: Konkordanz en kollegialiteit.

De Zwitserse maatschappij en politiek zijn grotendeels gebaseerd op het Milizprincipe. Indien polarisatie en agressiviteit toenemen, zullen, mede door de rol van (sociale) media, steeds minder gekwalificeerde kandidaten hun andere carrière willen opgeven voor een publieke functie.

Bern, de zetel van de federale regering en parlement

Conclusie

Het unieke Zwitserse systeem is derhalve niet vanzelfsprekend. Niet alleen de ministers maken het verschil, maar de burgers, media en maatschappij. In Zwitserland zijn de burgers immers de soeverein en dat schept ook een verplichting. De burger is de politieke parel van het land, noblesse oblige, en de ministers zijn ´slechts´ de uitvoerende macht.

Of met en in andere woorden:

Demokratie kann anstrengend sein, mühsam, und Entscheidungen brauchen oft länger als in anderen Staatsformen. Dennoch ist die direkte Demokratie auch aus ethischen Überlegungen die richtige Staatsform.

Der Zusammenhang ist mittelbar: Die Menschen, die von einer Entscheidung betroffen sind, fällen diese gemeinsam. Und die Menschen, die eine Entscheidung getroffen haben, tragen auch die Konsequenzen gemeinsam.

Die urliberale Forderung nach mehr Freiheit und Eigenverantwortung wird in der direkten Demokratie am umfassendsten umgesetzt. Ebenso leuchtet ein, dass in einem Staat mit gut ausgebauten Mitbestimmungsrechten ein wesentlich besseres Vertrauensverhältnis zwischen Bürger und Staat besteht.

Wenn der Bürger den Staat nicht als Feind betrachtet, sondern als Gemeinschaft, in die er eingebunden ist und in der er mitbestimmen kann, dann akzeptiert er die Entscheidungen eher und ist er eher bereit, seinen Betrag zu leisten.

Das mag erklären, warum die Schweizer partout nicht der Europäischen Union (EU) beitreten wollen. Immerhin hat die Schweiz ihre Europäischen Union, die Eidgenössische Union bereits 1848 hinter sich gelassen und durch ein modernes und nachhaltigeres System ersetzt. Ob vielleicht die EU der Schweiz beitreten sollte ?“ ( Th. Lötscher, Demokratie mit Zukunft. Die Erschaffung der modernen Schweiz, Thun, 2022)

Of wellicht Elzas, Baden in Baden-Württemberg en Vorarlberg ? En zou de Europese Unie vanwege haar democratisch functioneren  überhaupt toegelaten worden?

(Literatuur en bronnen: A. Vatter, Der Bundesrat, Zürich 2020; G.Malinverni, M. Hottelier, M. Hertig Randall, A. Flückiger, Droit Constitutionnel suisse, Berne 2021;  Zwitserse regering; Zwitsers parlement)

De nieuwe regering per 12 maart 2025, rechts de Kanzler/chancelier (Foto: www.admin.ch)