De Mineraalbronnen in Scuol en omgeving

Zwitserland is (vooralsnog) niet alleen het waterslot van Europa, maar is ook bekend vanwege zijn mineraalbronnen, kuuroorden en daaraan verbonden grand hotels.

Deze bronnen zijn in heel het land te vinden, zelfs als deze plaatsen tegenwoordig niet meer als kuuroord in gebruik zijn. Het epische centrum is echter het Engadin in kanton Graubünden, in het bijzonder het Unterengadin.

Over een afstand van slechts 6 kilometer ontspringen meer dan 30 bronnen met een hoge mineralenconcentratie. In de regio van Tarasp, Vulpera, Scuol, Ftan en Sent (Unterengadin, kanton Graubünden) aan beide kanten van de rivier de Inn.

Er zijn overigens nog veel meer bronnen zonder of met te weinig mineralen om te kwalificeren als mineraalwater. Nergens anders in Europa ontspringen zoveel verschillende gemineraliseerde bronnen in zo’n klein gebied.

Scuol

Mineraalwater

Mineraalwater wordt gevormd door regen- of smeltwater dat de ondergrond en rotsen via spleten binnendringt. Afhankelijk van de weg die het water aflegt, bepaalt het of het aan de oppervlakte komt als water zonder of met te weinig mineralen of als sterk gemineraliseerd water. De bron ontspringt meestal op het diepste punt, d.w.z. in de vallei.

Bogn Engiadina

Als water op grote diepte koolstofdioxide tegenkomt, wordt het daarmee verrijkt en ontstaat er zuur water (Sauerwasser of Säuerling). Afhankelijk van het soort gesteente neemt dit water verschillende elementen uit de rotsen op, zoals natrium, calcium, magnesium, kalium, ijzer, chloride of sulfaat. Na enkele jaren of decennia komt het vervolgens aan de oppervlakte als mineraalwater.

De geologische geschiedenis

Graubünden is geologisch gezien een van de interessantste regio’s van Zwitserland. De Rijnkloof (Rheinschlucht), het Zwitserse nationale park, het Ela Park, het Beverin Natuurpark, de Cavaglia Glacier Garden of de Sardona Tectonic Arena zijn slechts enkele voorbeelden. Het Unterengadin heeft niet alleen een vergelijkbare geologische geschiedenis, maar ook mineralen.

Ongeveer 125 miljoen jaar geleden is de zogenaamde Oer-Middellandse Zee gevormd. Ongeveer 95 miljoen jaar geleden botsten de Europese en Afrikaanse continentale platen op elkaar en ontstonden de Alpen.

Het ‘geologische venster van het Unterengadin’, een grote vallei, is in deze tijd ontstaan. Het is ongeveer 55 kilometer lang en 17 kilometer breed. Het strekt zich uit van Guarda tot Prutz in de Innvallei (Oostenrijk).

In het gebied rond Scuol-Tarasp ontspringen meer dan 20 sterk gemineraliseerde bronnen. Deze bronnen danken hun oorsprong aan dit ‘geologische venster’.

Scuol

Kuurtoerisme

Dat mineraalwater (en gezonde lucht) een gezond effect op het lichaam (e geest) heeft, is al lang onomstreden. Calcium, magnesium, natrium, ijzer, chloride en verschillende andere stoffen hebben een wetenschappelijk erkende genezende werking.

De helende werking is voor het eerst vermeld in 1369 en Paracelsus (1493-1541) raadde als eerste medicus de bronnen aan als therapie voor allerlei kwalen.

Hoewel gasten al in de 16e eeuw naar Tarasp (toen eigendom van de Habsburgers) reisden vanwege de mineraalbronnen, begonnen de hoogtijdagen van het kuurtoerisme halverwege de 19e eeuw.

Grand Hotel Belvédère 150 Jahre

In 1843 is in Tarasp de eerste Trinkhalle (Büvetta in het Romaans) gebouwd aan de oevers van de Inn. Het Grand Hotel Kurhaus Tarasp opende in 1864 zijn deuren. In 1876 is vervolgens een nieuwe drinkhal, de Büvetta Tarasp, geopend op de tegenoverliggende oever van het Kurhaus. Das Grand Hotel Schweizerhof opende in 1900 en het Grand Hotel Waldhaus in Vulpera in 1897 in Betrieb. De Grand Hotels Belvédère in Scuol en Val Sinestra bij Sent ontstonden ook in deze periode.

Schweizerhof

Een kuurverblijf duurde enkele weken of maanden. De dagelijkse routine van de gasten bestond voornamelijk uit het drinken van water, baden, lichaamsbeweging en sociale evenementen. Later werden winter- en zomersporten toegevoegd. De hoogtijdagen van het kuurtoerisme waren de periode tot 1914. Na een opleving in het interbellum (1918-1939) is het na 1945 snel bergafwaarts gegaan.

Grand Hotel Scuol Palace/Kurhaus Tarasp

De bronnen hebben nog steeds dezelfde helende werking, maar tegenwoordig zijn er veel medische alternatieven en is het toerisme veranderd. De Trinkhalle is al sinds  2006 gesloten vanwege het gevaar van vallende rotsen.

De Trinkhalle

De Hotels Belvédère in Scuol en Val Sinestra bestaan nog steeds. Het Kurhotel Tarasp (gesloten), de Schweizerhof (te koop) en het Waldhaus in Vulpera (afgebrand in 1989) leiden een ander bestaan of bestaan niet meer. De Bogn Engiadina Scuol is in het voorjaar van 1993 als nieuw en succesvol project geopend.

Kurhaus in Nairs/ Kurhaus Tarasp

De mineraalwaterpaden

De mineraalwaterpaden (Mineralwasserwege) leiden naar de mineraalbronnen en fonteinen en geven informatie over de naam, het type bron, de ingrediënten en de eigenschappen van de bron.

De waterbronnen liggen vaak in het midden van een plein omringd door huizen. De bronnen hadden een sociale (ontmoetingsplaats) en een huishoudelijke (waterconsumptie) functie.

De mineraalbronnen hebben vaak koperen platen waarop de compositie is aangebracht. Viva, wat de Romaanse uitdrukking is voor ‘proost’ of ‘gezondheid’.

(Bron en verdere informatie: K. Mischol, Mineralquellen im Unterengadin, Geschichten und Fakten, Scuol, 2019; M. Dubois, Die Brunnen des Engiadina Bassa, Zürich, 2014; Bogn Engiadina Scuol; www.engadin.com)

Sent

 

De Basilica Minor Mariastein viert zijn honderjarige jubileum

15 augustus 1926 was een bijzondere dag voor het eeuwenoude Benedictijnse klooster en pelgrimsoord Mariastein (kanton Solothurn). Op deze dag kreeg de kloosterkerk van het Vaticaan de status van Basilica Minor, een hogere status binnen de katholieke kerk. Mariastein is al eeuwenlang een pelgrimsoord voor jaarlijks ongeveer 200.000 pelgrims.

De oorsprong van de bedevaart gaat terug tot de middeleeuwen, Het klooster werd in de 17e eeuw gesticht. Het vervult nog steeds een belangrijke sociale functie in de regio en zijn monniken onderhouden de religieuze en spirituele beleving.

(Bron en verdere informatie: Kloster Mariastein)

Romeinse dierenpark Augusta Raurica

Equus asinus (ezel), bos taurus (rund), numida meleagris (paarlhoen), capra hircus (geit), columba domestica (duif), pavo cristatus (pauw), sus domesticus (zwijn), gallus gallus (kip), anser domesticus (gans), anas domesticus (eend) of de columba domestica (duif) zijn maar enkele van de dieren van het Romeinse archeo-zoölogische dierenpark (Archäozoologie) in Augusta Raurica in Augst (Kanton Bazel-Landschaft).

Dit even originele, als wetenschappelijk interessante dierenpark doet onderzoek naar de huisdieren in het Romeinse Rijk. Augusta Raurica aan de Rijn, gesticht in 44 v. Chr. onder de naam Colonia Augusta Rauracum, was een Romeinse stad met ongeveer 10 000 inwoners in de eerste eeuw n. Chr.

Het onderzoek vindt plaats aan de hand van botten en skeletten, afval, muurschilderingen, teksten, DNA-onderzoek en andere technische hulpmiddelen. De kleinste vondsten kunnen een betrouwbaar beeld geven van de eetgewoontes en de sociale differentiaties.

Vele dieren zijn in het park te zien, dat te midden van en aan de voet van Romeinse ruïnes en de oostelijke toegangspoort en een viaduct van de stad ligt. Daarnaast besteedt het park aandacht aan de land- en akkerbouw in de omgeving van deze Romeinse stad en de plaats van de dieren daarin.

Het dierenpark maakt deel uit van het openluchtmuseum Augusta Raurica.

(Bron en verdere informatie: www.augustaraurica.ch).

Erasmus klingt weer in Basel

De grote humanist, theoloog, schrijver en geleerde Desiderius Erasmus (ca. 1466–1536) ligt niet alleen begraven in de kathedraal van Bazel, maar klinkt in Bazel tijdens het ‘Erasmus klingt! Festival – LAB’.

Het is een interdisciplinair festival dat de invloed van Erasmus op de wetenschappen in de daaropvolgende eeuwen wil belichten. De historische binnenstad van Bazel wordt van 6 tot en met 13 september 2026 voor de derde keer het toneel van dit interdisciplinaire festival.

Voor de derde editie van het festival dienen de reisverslagen van Erasmus als inspiratiebron voor talrijke concerten en evenementen rond het thema ‘Viaggio’ – Erasmus onderweg.

Het festival wordt georganiseerd in samenwerking met verschillende onderwijs- en cultuurinstellingen in Bazel, waaronder de Universiteit van Bazel, de Schola Cantorum Basiliensis en de Volkshochschule beider Basel.

De universiteitsbibliotheek van Bazel herbergt een unieke collectie briefwisselingen, eerste drukken van zijn geschriften en andere publicaties. Deze zijn gedeeltelijk (digitaal) toegankelijk voor het publiek. Bovendien is deze universiteit een gerenommeerd centrum voor onderzoek naar Erasmus, zijn werk en zijn tijd.

(Bron en meer informatie: Erasmus Klingt! Festival –LAB)

500 Jaar geschreven Romaanse teksten

In 2027 viert de Romaanse taal het 500-jarig bestaan van de eerste geschreven literaire Romaanse tekst. De jurist, politicus en diplomaat Gian Travers (1483-1563) uit Zuoz schreef in 1527 de “Chianzun dalla guerra dagl Chiastè da Müs”.

Op zijn voordracht preekte Philipp Gallicus in 1554 in het Romaans in de kerk van Santa Chatrigna (Sint-Catharina). In datzelfde jaar bekeerde Zuoz zich tot het gereformeerde geloof en werd de kerk een opslagruimte. Vanaf 1900 is ze weer in gebruik als katholieke kerk.

Santa Chatrigna

Het jubileum wordt gevierd met een openluchtspel, thematische wandelingen in de de regio en evenementen in Zwitserse steden buiten het Romaanse taalgebied.

De festiviteiten monden uit in het Romaanse theaterfestival Travers in Zuoz. De gemeente Zuoz en de Lia Rumantscha organiseren de jubileumactiviteiten gezamenlijk.

Zuoz, Kulturarchiv Oberengadin

Om het hedendaagse Romaanse theater te promoten, hebben de gemeente Zuoz, de Lia Rumantscha en het Lyceum Alpinum Zuoz de Romaanse theaterprijs Premi Travers Zuoz en het festival Travers Zuoz in het leven geroepen.

Daartoe hebben de drie oprichtende instellingen in 2022 de vereniging Uniun Travers opgericht. Deze vereniging zal in de zomer van 2027 het jubileumfestival in Zuoz organiseren.

Naast het openluchtspel omvat het festival ook de toneelrealisatie van het stuk dat in 2026 met de Premi Travers Zuoz wordt bekroond, evenals andere culturele evenementen. De Premi Travers 2026 is al uitgeschreven. Er wordt gezocht naar een Romaanse monoloog. Tot 15 mei 2026 is het mogelijk om concept en een tekstfragment in te dienen. Alle informatie is te vinden op de website van de Uniun Travers.

In de zomer van 2027 wordt het openluchtspel «Il battibuogl» (de chaos) opgevoerd op de «Plaz Zuoz». Het festival vindt plaats van 28 juli tot 15 augustus 2027.

Zuoz

De geschreven Romaanse taal 

Het jubileum begint in juni 2027 met de opening in Trun. Na de opening vinden er verschillende thematische wandelingen plaats in de Romaanse regio’s en enkele evenementen buiten het Romaanse taalgebied. De wandelingen en evenementen zijn gewijd aan de geschreven Romaanse taal.

Het evenement, georganiseerd door de gemeente Zuoz en de Lia Rumantscha, begint in de Surselva en reist van (taal) regio naar regio door Graubünden en Zwitserland terug naar Zuoz.

(Bron en verdere informatie: Lia Rumanscha)

De Niesen, zijn panorama, sagen en zee verleden

De echte piramides staan in Egypte, enkele piramidevormige bergen en rotsformaties zijn echter in de Zwitserse Alpen te vinden. Een van de meest opvallende is de berg Niesen (2 363 m) in kanton Bern.

Deze berg heeft vanaf Mülenen (692 m) niet alleen een lange steile Standseilbahn naar de top en Berghaus Niesen Kulm met een tussenstop op  station Schwandegg (1 631 m), maar ook ’s werelds langste trap naar de top. Deze trap telt 11 674 treden en is alleen toegankelijk tijdens de jaarlijkse Niesen-Treppenlauf.

  

Een wandeling naar de top en weer terug via wandelwegen duurt weliswaar langer, maar loont zich iedere seconde. Aangezien het om een piramidevormige berg gaat, is de stijging navenant. Het eerste deel tot Schwandegg kan overigens met de Standseilbahn worden afgelegd.

Het prachtige bergpanorama, met uitzicht op de Thunsersee, de Brienzersee, de Berner Alpen, het Berner Mittelland, de Jura, het Simmental, Kandertal, Diemtigtal en andere dalen, doet het stijgingspercentage echter snel vergeten.

Het Berghaus Niesen is in 1856 gebouwd, de Niesenbahn in de jaren 1906-1910. Deze pioniersarbeid van de langste Standseilbahn van Europa vond haar afsluiting met de feestelijke opening op 13 juli 1910.

De historie van Mülenen reikt echter vele eeuwen terug. Mülenen ligt aan de oevers van de Kander en aan het begin van het Kandertal. Het dorp wordt voor het eerst vermeld vanwege zijn Letzi. Een Letzi is een burcht aan het begin van een dal. Ze is voor het eerst vermeld in 1269  en bestond uit een toren en een gracht (Graben) eromheen.

   

De burcht en het dorp waren het centrum van de Heren van Kien. Bern verwierf deze plaats in 1352. Bern gebruikte de burcht aanvankelijk als residentie van de voogd, maar verplaatste het bestuurlijke centrum naar de Tellenburg in Frutigen. De burcht is daarna afgebroken en als bouwmateriaal gebruikt.

Van veel oudere datum is echter de Niesen. Hoewel ook de trotste miljoenen jaren oude Alpen hier en daar slijtageverschijnselen vertonen, staat de Niesen nog fier overeind. De eerste vermelding van de berg stamt uit 1357 onder de naam ‘an Yesen’, die is afgeleid van Enzian, een plant van de familie Gentiana.

De Niesen staat aan het oostelijke einde van de Niesenkette, die zich in ongeveer 50 miljoen jaar heeft gevormd. De top van de berg neemt nog steeds 0,4 mm per jaar toe, maar verliest door erosie van 1 mm per jaar toch 0,6 mm. De natuur heeft de tijd, maar is uiteindelijk onverbiddelijk, niet alleen voor de mens, maar ook voor bergen, zeeën, rivieren, flora en fauna.

Een verdere bespreking van de geologische samenstelling van stenen blijft achterwege, maar ook hier zijn de steenlagen gevormd van materiaal uit zeeën die eens het Europese continent bedekten.

Afgezien van diverse sagen en legenden over deze opmerkelijke berg, bezochten diverse beroemdheden deze berg en de heilbaden in haar omgeving. Albert von Haller, de dichtende wandelaar, Johann Wolfgang von Goethe, Lord Byron, Felix Mendelssohn en Prinz Friedrich von Hohenzollern zijn enkele van de vele bezoekers.

Het sagendorp op de Niesen

De badhuizen (Heustrichbad, Züneggbad en Mülenenbad) en andere kuuroorden zijn al lang verleden tijd. De sagen leven echter voort, evenals het Berghaus Niesen, het panoramaplatform en de ontmoetingen met andere bergbewoners.

(Bron en verdere informatie: www.spiez.com)

De ijzermijnen van Valdera, Buffalora en de Ofenpas

De naamgeving van dorpen, steden, rivieren, bergen en bergpassen heeft in veel gevallen een lange historie. In het viertalige Zwitserland met haar Keltische, Romeinse, Alemanische, Bourgondische, Habsburgse, vele lokale heersers en bisdommen, multiculturele en religieuze, industriële- en handelsachtergrond zijn echter veel namen te verklaren.

Een voorbeeld is de Ofenpas of de Pass dal Fuorn (kanton Graubünden). De Ofenpas ligt aan het begin van de Biosfera Val Müstair en bij het Zwitserse Nationale Park op 2 149 meter hoogte. Conrad Planta verkreeg op 25 november 1332 de licentie voor de ijzermijnen van Valdera op de berg Buffalora op 2300-2500 meter hoogte. Graubünden werd tot de 17e eeuw bestuurd door Habsburg respectievelijk de vorst van Tirol. De pas heette in deze periode nog de Pass da Valdera.

De ijzerertsmijnen wekten echter de belangstelling van de bisschop van Chur, en het bisdom verwierf ook rechten op de exploitatie. De exploitatie bereikte van de 17e tot de 19e eeuw haar hoogtepunt met vele mijnen.

De mijnwerkers woonden in de nederzetting Valdera, die later de naam Buffalora kreeg. Het huidige restaurant Buffalora en uitgangspunt voor excursies herinneren hier nog aan.

De Ofenpas

Deze mijnbouw leidde ook tot het verwerken van ijzererts tot ijzer in ovens. Daar ontleent de Ofenpas uiteindelijk haar naam, il fuorn in het Romaans, aan.

De vereniging Amis de las minieras brengt deze historie weer tot leven en heeft enkele mijnen weer toegankelijk gemaakt voor het publiek.

(Bron en verdere informatie:Amis de las minieras Val Müstair)

Biosfera Val Müstair

De Schweizer Psalm, de Internationale en slopers van de Confoederatio Helvetica

Op de gebruikelijke ingetogen wijze is op 1 augustus in Zwitserland de nationale dag gevierd. Het Zwitserse volkslied was in alle uithoeken van het land te horen in de Duitse (Schweizer Psalm), Franse (Cantique suisse), Italiaanse (Salmo svizzero) en Romaanse taal (Psalm svizzer).

De Schweizer Psalm

De compositie en tekst zijn geschreven door Alberych Swissig (1808-1854) en Leonhard Widmer (1808-1868) en vervolgens vertaald in Romaanse  (Gion Antoni Bühler, 1825-1897), Franse ( Charles Chatelanat,1833-1907) en Italiaanse (Camillo Valsangiacomo, 1898-1978) versies.

In tegenstelling tot de meeste andere nationale hymnes heeft dit volkslied geen bombastische, historische, nationalistische of expliciet politieke lading. De begrippen vrijheid, landschap, natuurelementen en vertrouwen in de schepper doen de benaming Psalm alle eer aan. De compositie is echter ontroerend mooi en zelfs bergen, meren, rivieren, flora en fauna laat het niet onberoerd.

De Internationale in de kathedraal Saint-Pierre van Genève

Van geheel andere orde was echter een vertoning in de kathedraal Saint-Pierre van Genève op 18 juni jongstleden. Deze sinds 1536 hervormde kerk (Le Temple in het Frans) doet nog steeds als zodanig dienst. Dit weerhield de aanwezigen bij de herdenkingsdienst van de linkse activist en intellectueel Jean Ziegler (1934-2026) er echter niet van om de Socialistische Internationale ten gehore te brengen.

Onder de vlag van de Internationale werden christenen in Oost-Europa echter tot 1989 vervolgd. En tegenwoordig nog in een aantal andere landen van de ‘Internationale’.  Het gebrek aan kennis van de religieuze en historische achtergrond van deze Temple zegt ook wat over de medeorganisatoren (de Socialistische Partij, PS). Dit gebrek aan zelfreflectie en deze omgang met (Europees) heden en verleden hebben ook betrekking op Zwitserland. De ‘Internationale’ in plaats van de ‘Schweizer Psalm’ voor een Grote Burger van Zwitserland is ook een keuze.

De Internationale in Zwitserland

Dit achterhaalde strijdlied staat niet op zichzelf, maar past in een patroon. Wereldwijd worden nog steeds miljoenen christenen vervolgd onder de vlag van de „Internationale“, onder andere in de ‘heilstaten’ Noord-Korea en China, net zoals destijds tot 1989 in Oost-Europa.

De huidige held van deze partij is de socialistische, antisemitische en islamitische burgemeester van New York, die met een populistische campagne à la Trump zijn kiezers mobiliseert.

De achtergrond van veel deelnemers aan deze herdenking en met name de condoleances van afwezigen, waaronder die van de Cubaanse dictator, de beruchte antisemiet Jean-Luc Mélenchon en Francesca Albanese (speciaal rapporteur van de VN), zijn veelzeggend.

De SP neemt bijvoorbeeld, zonder juridisch bewijsmateriaal, laat staan op basis van een rechterlijke uitspraak, de beschuldiging van genocide door Israël over. De standpunten en meningen van VN-deskundigen hebben net zoveel juridische waarde als de uitspraken van extremistische Israëlische ministers.

Daarmee schendt de SP bewust en opportunistisch, met het oog op haar nieuwe doelgroep, een grondbeginsel van de rechtsstaat: het vermoeden van onschuld, totdat een rechtbank anders vaststelt. Bovendien kunnen honderden miljoenen slachtoffers, verwoeste landen en economieën van deze Internationale (met Nicaragua als meest recente toevoeging) hun stem niet meer laten horen.

Dit gebrek aan zelfreflectie, respect en historisch perspectief betreft ook Zwitserland. De „Internationale“ in plaats van de „Schweizerpsalm“ in Le Temple voor een blijkbaar ‚grote‘ Zwitserse burger is tegelijkertijd een keuze voor het internationale socialisme, de staatseconomie, een gestuurde of getrapte democratie (in het gunstigste geval), centralisatie en bureaucratie, en tegen federalisme, decentralisatie, markteconomie, directe democratie en subsidiariteit à la Suisse.

Deze SP is geen sociaaldemocratische partij, maar een populistische socialistische partij van de oude stempel. De Groenen zijn, net als in Nederland, in toenemende mate een intolerante partij van activisten, moralisten en zelfbenoemde hoogopgeleiden (wat dat tegenwoordig ook nog mag betekenen) – ze is in ieder geval geen garantie voor wijsheid, integriteit en bedachtzaamheid.

Ook de sympathie voor islamisten, de banden met hen en de antiwesterse en anti-markteconomische sentimenten zijn verontrustend. Iran (en Hamas, Hezbollah), Noord-Korea, Rusland en China juichen deze Internationale toe. En dit is geen complottheorie; Iran (en zijn protectoraten Hamas en Hezbollah), Noord-Korea, Rusland en China juichen deze „Internationale“ toe. En dit is geen complottheorie, maar een gevaarlijke situatie, ook voor Zwitserland.

Zwitserland en de Europese Unie

Het enthousiasme voor het nieuwe verdrag met de Europese Unie moet ook vanuit dit perspectief worden bezien. Noch de SP, noch de Groenen zijn enthousiast over de markteconomie of het Zwitserse bedrijfsleven, maar gebruiken dit wel als belangrijkste argument om akkoord te gaan met de ‘Bilaterale III’.

Dit verdrag is echter een verdrag, waarin wetgevende, rechtsprekende en uitvoerende bevoegdheden worden overgedragen aan een internationale organisatie en dus lidmaatschap in de geest en bedoeling van art. 140 B Grondwet. Een Ständemehr is grondwettelijk verplicht. Het negeren is niets anders dan een staatsgeep, nog afgezien van andere aperte inbreuken op de Grondwet (onder andere vanwege immigratie en de soevereiniteit van de kantons).

Dit leidt ook naar een lid van de Bundesrat, die bij eerdere gelegenheden publiekelijk ook juridisch en feitelijk apert onjuiste standpunten heeft ingenomen. Jans heeft bij een van zijn toespraken op 1 augustus gezegd dat ‘Zwitserland bij Europa hoort’. Zijn geografische kennis lijkt op orde te zijn, zijn staatsrechtelijke, juridische en politieke inzicht is ook in dit geval echter ingegeven door activisme. Europa is niet de EU, de EU is niet Europa en Zwitserland hoort niet in deze EU, wat wel in het partijprogramma van de SP staat.

Directe democratie

Directe democratie betekent veel meer dan een referendum. Het is een proces van communicatie, met betrokkenheid van alle geledingen van de maatschappij, en vooral van burgers en het bedrijfsleven. Daar is bij de EU geen sprake van, laat staan dat de Zwitserse directe democratie bij de EU functioneert. Het is gewoon een leugen, zoals het beoogde nieuwe verdrag met  de EU een acute sociale, financiële, economische, politieke en vooral democratische bedreiging is voor Zwitserland.

Zelfs het Nederlandse parlement heeft vaak geen idee van het wetgevingsproces van de EU en de vele machtige lobbyorganisaties, corruptie en nationale belangen van (grote) landen, en zo ja, dan wordt het te vaak weggestemd door andere leden (immigratie, euro, visserij, landbouw, pensioenen, sociale zekerheid et cetera ). Gevolg: steeds meer rellen en verzet tegen de nationale overheid, steeds minder vertrouwen in de democratie (of wat daar nog van over is in Nederland en haar corruption à la néerlandaise).

Het model van de EU

De EU is een top-down (ad absurdum geprivilegieerde) bureaucratische, centralistische, protectionistische, intransparante, financieel-monetair failliete, niet te hervormen regelfokkerij, incompatibel met het Zwitserse model. De EU is gebaseerd op ‘one size fits all’, kwantiteit, steeds meer schulden, subsidies, steeds minder transparantie, goed bestuur en contact met burgers en het Midden- en Klein Bedrijf (MKB).

De grenscontroles moeten terug en Zwitserland moet vooral het immigratiebeleid zelf in de hand houden en niet aan de EU overdragen, wat het nieuwe verdrag wel beoogt. Kortom: een opt-out van het mislukte EU-immigratiebeleid, geen automatisch verblijfsrecht na vijf jaar verblijf, het strafrechtelijke verleden van immigranten uit andere EU-landen nagaan en, indien de verdragen en vooral de rechterlijke interpretaties niet worden aangepast, de gedateerde mensenrechtenverdragen opzeggen wat betreft familiehereniging en minderjarigen.

Dat is een plicht van de Zwitserse overheid jegens haar burgers en samenleving. Deze EU moet terug naar de basis van feitelijk haalbare economische integratie (interne markt) en intergouvernementele samenwerking en coördinatie op het gebied van immigratie, onderwijs, politie, defensie, buitenlands beleid en ander grensoverschrijdend beleid.

Dit doet niets af aan de verdiensten van de EU die ook vooral in stand moeten blijven, maar het financiële, politieke en bestuurlijke model van de EU is niet meer van deze tijd. Men sticht tegenwoordig ook geen monarchie meer, net zo min moet Zwitserland lid worden van deze EU.

Conclusie

Ook Zwitserland kan en moet deel uitmaken van Europese en internationale samenwerking, ook op het gebied van defensie, want tijden zijn veranderd sinds 24 februari 2022 en niet meer te vergelijken met 1914-1918, 1940-1945 of 1989.

De huidige EU is echter niet compatibel met het Zwitserse model. Deze EU sluit echter naadloos aan bij de visie van aanhangers van het nieuwe verdrag: het opheffen van het ‘Ungeheuer’ Zwitserland (terminologie van andere grootmachten na 1815) en het opgaan in de Unie van (fictieve) Europese broedervolken.

Deze Europese Unie heeft dan ook steeds meer weg van de  Verenigde Naties, en dat is geen compliment. De bovengenoemde herdenkingsdienst wijst op een visie van slopers van de Confoederatio Helvetica, die op een aantal gebieden hervormd moet worden, maar niets te zoeken heeft in deze EU, weg is weg en het begin van het einde van CH.

Het Zwitserse Nationale Park

Het kanton Graubünden is de locatie van het nationale park (Schweizerischer Nationalpark/parc naziunal svizzer in het Romaans), vier regionale natuurparken (Parc Ela, Naturpark Beverin, Parco Val Calanca en het Biosfera Val Müstair) en (deels) het UNESCO-werelderfgoed TektonikArena Sardona.

Het Zwitserse nationale park vormt samen met de Biosfera Val Müstair en delen van de gemeente Scuol ook de UNESCO Biosfera Engiadina Val Müstair.

De cratschla. 

Het symbool van het nationale park is de vogel cratschla (Tannenhäher/notenkraker), tevens de naamgever van het tijdschrift Cratschla van het Nationalparkzentrum in Zernez. Het nationale park is gesticht in 1914 en is daarmee het oudste beschermde natuurgebied in de Alpen. Het gebied wordt terecht een ‘wild’ park genoemd. Het devies van het park is dan ook ‘Echt wild’.

Twee van de oprichters van het Nationalpark. Paul Sarasin (1856-1929) en Fritz Bühlmann (1848-1936) in de Val Cluozza rond 1910.. Beeld: Schweizerischer Nationalpark

De natuur gaat zijn gang zonder menselijk ingrijpen of menselijke activiteiten. Sneeuw- en rotslawines zijn geen rampen, maar natuurlijke processen. De (teruggekeerde) wolven, beren en andere roofdieren zijn natuurlijke bewoners en kunnen ongestoord hun gang gaan.

 

Opnames uit het Panorama-Raum

Wel onderzoeken wetenschappers de ontwikkeling van het ecosysteem, de flora en de fauna. Alle dieren, ook de kleinste van een paar millimeter, zoals slakken, worden al ruim 100 jaar nauwgezet gevolgd, tegenwoordig ook om de gevolgen van de klimaatverandering in kaart te brengen.

Zo heeft onderzoek aangetoond dat slakken (Schnirkelschnecken bij voorbeeld) steeds hoger de berg opgaan, tot wel 2500 meter, wat 30 jaar geleden nog ondenkbaar was. De natuur past zich aan. Daarnaast staan ook grote en kleine roofdieren in het middelpunt van de belangstelling.

Het onderzoek bestrijkt ook het God da Tamagur (Woud van Tamagur), het hoogst gelegen dennenbos (Arvenwald) van Europa. Het ligt vlakbij S-charl, een gehucht zonder permenente inwoners. Het woud ligt op de route naar de Ofenpas en Lü in de Biosfera Val Müstair. Inderdaad, het nationale park en deze Biosfera zijn een aaneengesloten gebied van 499 km2.

Het nationale park is niet alleen een echt ‘wild’ park en een bron van wetenschappelijk onderzoek, het heeft ook onlangs het nieuw ingerichte informatiecentrum in Zernez in gebruik genomen.

Het oude informatiecentrum dateerde uit 2008. Het vernieuwde informatiecentrum heeft een interactieve op drie leeftijdsgroepen gericht aanbod in vijf talen (Duits, Frans, Italiaans, Romaans en Engels). Een mediaguide begeleidt jong en oud in deze talen.

Beeld uit het Panorama-Raum

Het nationale park komt letterlijk tot leven in alle jaargetijden en tot de hoogste toppen (Piz Quattervals 3165 m) en diepe dalen, kloven, beekjes en meertjes in levensechte visuele presentaties op een half panorama en vele gedetailleerde opnames in het ‘wilde’ park. De uitvoerige en toch overzichtelijke documentatie en toelichting geven een goed beeld van het fascinerende ecosysteem in de jaargetijden, de flora en de fauna.

Impressies van de Wildnisarena

Na deze presentaties volgt een in scene gezette beleving van het ‘wildleven’, de Wildnisarena, inclusief authentieke geluiden en het nabootsen van de seizoenen. Het is een soort 3-D wereld waarin de toeschouwer zich waant, maar dan zonder 3-D bril. Na de atmosferische beleving en een korte historie van het ontstaan van het park in 1914 volgt de wetenschappelijke- en onderzoeksruimte.

Het Freiluftlabor

Bezoekers worden actief betrokken bij het onderzoek naar het ontstaan van het landschap, de evolutie en huidige stand van flora en fauna, de gletsjers en de huidige (klimaat) ontwikkelingen. Met behulp van interactieve media, modellen en documentatie komen miljoenen jaren in beeld alsof het gisteren was. Ook hier is de opzet geschikt voor de drie leeftijdsgroepen.

Bovendien zijn de bezoekers, ook in de drie leeftijdsgroepen, actief betrokken bij hun beleving en perceptie van de ‘wilde’ natuur. Experts begeleiden de bezoeker hierbij op monitoren en andere visuele media en geven informatie over specifieke onderwerpen.

De Mens en de Natuur in de Alpen verbeeld

De mens is immers ook de natuur, al zijn velen zich dat wellicht niet (meer) bewust. De plaats en de functie van de mens in de natuur is geen abstracte grootheid. Ieder individu heeft daarin zijn rol, perceptie én verantwoordelijkheid.

De mens is ook natuur en een van de vele spelers, maar wel de eerste viool. Maar uiteindelijk zijn het toch bacteriën, virussen, schimmels, plankton, andere grondleggers van de huidige flora en fauna en natuurlijke processen die deze planeet vorm (gaan) geven.

Bron en verdere informatie: Schweizerischer Nationalpark

Het bezoekerscentrum (Informationszentrum) in Zernez organiseert ook tijdelijke tentoonstellingen.

Federale muzikaliteit op lokaal niveau

Meer dan 40 bergtoppen boven de 4.000 meter, zo’n 1.500 grote en kleine meren, duizenden grote en kleine rivieren en beken, en misschien wel de meeste kruidentuinen per vierkante kilometer in Europa, ook de muzikaliteit per hoofd van de bevolking is zowel kwalitatief als kwantitatief groot.

Naar schatting zijn er in de stad Bazel (ongeveer 185.000 inwoners) alleen al 10.000 piccolo-spelers en duizenden drummers, waaronder ook de absolute wereldtop. Muziek zit in de genen van Bazel – met talloze amateurkoren en -orkesten, professionele muziekopleidingen en academies, evenals meerdere professionele orkesten en koren.

Pianoconcert in de Schmiedenhof in Bazel

Deze muzikaliteit beperkt zich niet tot Bazel, maar strekt zich uit van Graubünden tot Genève, van Ticino tot het Appenzellerland. Zo kan het gebeuren dat in een restaurant in St. Imier (kanton Bern) een groep handorgelspelers (Schwyzerörgeli, Handörgeli of gewoon Örgeli) uit kanton Basel-Landschaft spontaan een concert geeft.

Een antiek Örgeli

Schoolkinderen geven regelmatig straatconcerten en op veel plaatsen in de bergen vinden muziekfestivals plaats op opmerkelijke hoogte, wat betreft de ligging boven de zee en wat betreft de kwaliteit. De hoogstgelegen stad van Europa, La Chaux-de-Fonds, heeft zelfs de wereldberoemde Salle de la Musique – net zoals Montreux jaarlijks de jazz- en popelite van de wereld ontvangt.

De kwaliteit, kwantiteit en diversiteit zijn te overweldigend om op te noemen. Jodelen (het Zwitserse jodelfestival vindt in 2026 plaats in Bazel), volksmuziek, klassiek, pop, jazz en andere muziek zijn er in alle vormen.

Ten onrechte roept jodelen in het buitenland meestal slechts een meewarige glimlach op. Toch is het vaak muziek van topkwaliteit – vaak in combinatie met instrumenten en soms ook samen met andere zangdisciplines.

Daarom hier slechts een klein eerbetoon aan een van de vele lokale muzikanten – zomaar, in een prachtige romaanse kerk en in een restaurant in Saint-Imier. Ook op muzikaal gebied is Zwitserland een bottom-up-land – met de hoogste kwaliteit aan de top (al zijn ook in dit land de hoogste rechterlijke, bestuurlijke en politieke instituties aan slijtage onderhevig).

Ardez, zomer 2026

Dat is geen vanzelfsprekendheid, maar ook onderdeel van cultuur, traditie, discipline, organisatie, opleiding en opeenvolgende generaties.

Musikweg Unteres Fricktal