Het staatshoofd van Zwitserland

De belangrijkste bepalingen over de federale regering staan in de artikelen 174-179 van de federale Grondwet. Zij beschrijven de benoeming en het aantal leden van de regering (zeven), de ambtsduur (vier jaar), het collegialiteits- en gelijkheidsprincipe, de taken en werkwijze en benoeming van de kanselarij en de taken en de benoeming van het staatshoofd (de (vice) president).

De president (M/V)

Dit artikel gaat over het staatshoofd of de president (Art. 176). De president en de vicepresident (Vize) Bundespräsidentin/(Vize) Bundespräsident in het Duits, la (vice-)présidente/ le (vice-)président in het Frans, il (vice) presidente in het Italiaans, la (vice) presidenta/il (vice) president in het Romaans) worden door de verenigde vergadering van beide kamers (Volksvertegenwoordiging en Raad van Staten) jaarlijks benoemd voor de periode van één jaar.

Herverkiezing is mogelijk, maar niet in opeenvolgende jaren en de functie kan nooit door dezelfde persoon worden uitgeoefend.

Sinds 1890 volgt verkiezing op basis van anciënniteit (Anciennitätsprinzip). Het langst dienende lid van de regering wordt eerst voor één jaar benoemd als vicepresident en het jaar daarop als president (Rotationsprinzip).

De president zit weliswaar de regering voor, maar uitsluitend als primus/prima inter pares: volstrekt gelijkwaardig. Formeel en inhoudelijk is en blijft de voltallige regering als eenheid (collegialiteits- en gelijkheidsprincipe) optreden. De president is dus geen Eerste Minister of premier.

De president heeft vooral een coördinerende en voorbereidende rol van de vergaderingen van de regering, de samenwerking en coördinatie tussen en met de (zeven) departementen en beide kamers van het parlement. De president is zelf ook minister van een van de zeven departementen. Ook onderhoudt hij contacten met de kantons.

Daarnaast vertegenwoordigt de president de regering en het land bij gelegenheden in binnen- en buitenland als staatshoofd. De president krijgt bij deze taken steun van de presidentiële dienst van de kanselarij.

Invloed

De president kan desondanks wel zijn stempel drukken op de regering en haar beleid en zijn voorkeuren voor bepaalde onderwerpen laten blijken of bepaalde accenten in het regeringsbeleid naar voren laten komen. Dit hangt af van zijn/haar charisma, persoonlijkheid en belangstelling.

Ook in buitenlandse contacten en bijvoorbeeld in een rol als bemiddelaar bij (inter)nationale conflicten of discussies kan een president zijn waarde bewijzen en accenten leggen, zoals het nabij verleden heeft getoond.

Conclusie

Het ontbreken van dezelfde gekozen premier of hetzelfde gekozen staatshoofd voor vier, tien of soms zelfs zestien jaar geeft de politiek een permanente dynamiek en leidt niet tot verstarring, (parlementaire) clientèle vorming en patronage netwerken. Een nadeel is het ontbreken van een instituut met (internationaal) prestige, traditie en status.

(Bron: A. Vatter, der Bundesrat, Bazel, 2020).

St. Moritz, bridge, natuur en cultuur

De minerale bronnen in het Oberengadin zijn al eeuwenlang een begrip. De Romeinen en daarvoor de Räthische stammen en hun voorgangers kenden de heilende werking al.

De bronkerk van St. Mauritius (St. Moritz, St. Murezzan in de Romaanse taal) was bovendien in de middeleeuwen al een geliefd bedevaartsoord, zeker nadat Paus Leo X  (1475-1521) in 1519 de pelgrims plechtig toegang tot de hemel had beloofd.

Afbeelding Paracelsus in het nabijgelegen Samedan.

Gerenommeerde artsen zoals Paracelsus (1494-1541) prezen de wonderbaarlijke geneeskracht van het mineraalwater. St. Moritz behoorde, net als de rest van  Oberengadin, tot de Gotteshausbund. In 1577 nam het dorp de reformatie aan.

St. Moritz had in 1803 (de oprichting van het kanton Graubünden) 183 inwoners. In 1870 telde het dorp 400 inwoners. Maar daarna ging het snel. Vandaag telt de plaats meer dan 5 000 inwoners (ongeveer 3200 Zwitsers en 1 800 buitenlanders, afgezien van de vele (drie) dubbele nationaliteiten).

Verschillende galeries, prachtige musea (het Segantini Museum, het Museum Engiadinais, het Berry Museum, het Forum Paracelsus, het Mili Webermuseum) en een bibliotheek met een grote collectie literatuur, foto’s en documenten over de geschiedenis en cultuur van St. Moritz en het Engadin, getuigen hiervan.

Segantini Museum

Museum Engiadinais

Ook telt het dorp vele kunstwerken en diverse kunstpaden. Opmerkelijke monumenten zijn onder andere de scheve Toren (Schiefer Turm), de Grand Hotels en diverse kerken en seculiere gebouwen.

‘Wij waren wat jullie zijn en jullie zullen zijn wat wij zijn” (Puter idioom)

De scheve toren 

De 12e-eeuwse toren was onderdeel van de St. Mauritius kerk, die in 1890 is afgebroken. Hij is schever dan de Toren van Pisa!

1856 markeert het begin van de rijke Grand Hotel geschiedenis met het Kulm Hotel (in 1856 nog Pension Faller). De voornamelijk Engelse zomergasten kwamen toen nog alleen voor het zomerseizoen.

Johannes Badrutt (1819-1889), de eigenaar en oprichter van het Kulm Hotel nodigde hen uit in zijn hotel met Kerstmis. Als ze niet tevreden waren, zou hij ook de reiskosten betalen.

Grand Hôtel des Bains Kempinski

Hôtel Kulm 

Hotel Victoria

Badrutt’s Palace

Ze reisden inderdaad naar het Oberengadin en keerden pas na Pasen terug, gebruind en tevreden. Zij waren de eerste wintertoeristen in de Alpen en ontdekten een nieuwe wereld: de droge en witte wintervakantie vol zonneschijn in plaats van de vochtige, koude en donkere winter in Engeland. Het wintertoerisme in de Alpen was gelanceerd, met de Olympische Winterspelen van 1928 en 1948 als hoogtepunten.

In 1868 werd de eerste Engelse schaatsclub opgericht, in 1880 de eerste curlingclub op het continent, in 1887 de rodelclub (skeleton), in 1893 de eerste golfclub in Zwitserland, in 1896 vond de eerste cricketwedstrijd op een bevroren meer plaats, in 1906 de eerste paardenrennen op sneeuw, in 1907 op een bevroren meer, in 1934 waren de eerste FIS-wereldkampioenschappen skiën en in 1960 was er de eerste polowedstrijd in de Alpen.

Speciale vermelding verdient de aanleg van de Cresta Run in 1885 van St. Moritz naar Celerina en de geboorte van het archetype van de bobslee in St. Moritz. Op 21 december 1897 werd de St. Moritz Bobslee Club (SMBC) opgericht.

Sinds 1941 is St. Moritz ook de thuisbasis van Europa’s eerste internationale bridgetoernooi, dat nog steeds bestaat. En dat niet alleen. De Bridge Host in  in het Suvretta House is de laatste der Mohikanen van zijn generatie die vijf maanden per jaar bridgelessen en -vreugde biedt aan gasten. Een traditie uit de tijd voor de Tweede Wereldoorlog!

Suvretta House, Internationaal Bridge toernooi 2023

Maar St. Moritz betekent ook natuur. Het meer van St. Moritz en de Alpen zijn een balsem voor de ziel in alle seizoenen.

(Bron en verdere informatie: www.stmoritz.com)

Confiserie Hanselmann

De bibliotheek

Ter herinnering aan Graaf Jules de Bylandt (1863-1907), op 18 februari 1907 verongelukt op de Cresta Run. 

Ilanz, Trun,de Graue Bund, Obersaxen en Vals

Ilanz (Glion in het Romaans/Sursilvan-idioom) is de eerste en enige stad aan de Rijn in het dal van de Vorderrhein. Deze loop is de aanduiding van de Rijn vanaf de bron in het Gotthardmassief, via Disentis/Muster, tot aan de samenkomst met de Hinterrhein bij Reichenau-Tamins.

Ilanz heeft altijd een belangrijke economische, religieuze en politieke rol in Surselva gespeeld. Surselva is de regio in het kanton Graubünden, waar, afgezien van het (Duitstalige) Obersaxen en het Valsertal en Vals, het Romaanse idioom Sursilvan wordt (of werd) gesproken.

Obersaxen

Ilanz heeft een goed bewaarde middeleeuwse stadskern. De parochiekerk van St. Martin is voor het eerst vermeld in 765. Het kasteel, de verdedigingstoren, de kerk St. Margarethen hebben de tand des tijds goed doostaan. Zelfs delen van de middeleeuwse stadsmuur staan nog overeind.

Stadhuis (1893) met daarvoor de openluchttentoonstelling over steensoorten in de Alpen

De stadsmuur

De St. Margarethenkerk met middeleeuws doopvont. Hier begon 8 januari 1526 de disputatie over de reformatie

De eerste Rijnbrug bij Ilanz leidde in de veertiende eeuw het goederen- en personenverkeer over de Lukmanier en andere wegen direct naar de stad.  Dit bracht de stad grote welvaart en politieke invloed.

Nicolaus Marie Joseph Chapuy (1790-1858), das Rheintor (La porta dil Rhein). Ilanz 1840.

In 1395 was in Ilanz de eerste aanzet voor de oprichting van de Graue of Obere Bund in 1424. De naam van het kanton Graubünden (gesticht in 1803) is hiervan afgeleid. Vanaf de 15e eeuw was Ilanz, de enige stad in de Graue Bund (ligia grischa), de thuisbasis van de Bundstag, de hoogste vergadering van de drie Bonden, bij toerbeurt met Chur (de Gotteshausbund) en Davos (de Zehngerichtenbund).

Trun, de St. Annakapelle, met de heraldiek van de Graue Bund.

Trun, cuort ligia grischa

De afgevaardigden van de Graue Bund kwamen bijeen in het nabijgelegen Trun. Dit gebouw was ook de rechtbank (cuort ligia grischa) van de Graue Bund. Het huidige gebouw stamt uit de periode 1674-1679. Het is tegenwoordig een museum.

Aan het begin van de 16e eeuw kreeg Ilanz grote betekenis vanwege belangrijke beslissingen voor Graubünden: in 1524 de eerste gezamenlijke grondwet van de Freistaat der Drei Bünde (Vrijstaat van de drie Bonden), de religieuze disputatie in Ilanz in 1526 maakte de weg vrij voor de invoering van de reformatie in Graubünden, gevolgd door de Ilanz-artikelen en in 1526 en 1557 de edicten voor de erkenning van het katholieke en protestantse geloof (gewetensvrijheid) in de Freistaat en in hun onderworpen Italiaans-sprekende gebieden (Bormio, Veltlin, Chivenna).

De naam Ilanz/Glion weerspiegelt de taalkundige situatie in het kanton. Ilanz is een Duitstalige gemeente (ongeveer 70% van de inwoners spreekt Duits, ongeveer 30% Romaans).

Door de fusie in 2012 met twaalf Romaanstalige gemeenten Castrisch, Duvin, Ladir, Luven, Pigniu, Pitasch, Riein, Rueun, Ruschein, Schnaus, Siat en Sevgein is een gemeente met twee officiële talen ontstaan. In het basisonderwijs worden twee talen onderwezen: Sursilvan en Duits.

Het Museum Regiunal Surselva presenteert deze geschiedenis en de cultuur van de regio Surselva.

Bron en verdere informatie: Gemeente Ilanz/Glion; Historisches Lexicon der Schweiz, Martin Bundi, Ilanz/Glion.

Ilanz

Trun, St. Martinskapelle

Erenkerkhof vanaf 1920 naast de St. Annakapelle voor belangrijke persoonlijkheden voor de Romaanse taal en cultuur, onder andere de schilder Alois Carigiet (1902-1985) en de dichter Caspar Muoth (1844-1906)

St. Moritz 95 jaar Olympisch dorp

De eerste Olympische Winterspelen in St. Moritz (kanton Graubünden) begonnen op 11 februari 1928. 464 atleten, waaronder 27 vrouwen, uit 25 landen namen tot 19 februari aan zes sporten met 14 disciplines deel, waaronder snelschaatsen, kunstschaatsen, ijshockey, bobslee en skeleton, skiën, schansspringen, langlaufen en Noordse combinatie.

Affiche 1928 en de toegangsweg naar het Olympisch stadion

De keuze voor St. Moritz op 1822  meter was geen toeval. Het dorp was al decennia een wintersportplaats. Veel faciliteiten waren aanwezig. De investeringen voor de organisatie bedroegen dan ook ‘slechts’ 700 000 CHF, waarvan 250 000 CHF voor een nieuwe springschans. Het Olympische stadion was zeer bescheiden. Een dorp voor atleten was er niet. Ze logeerden, veelal op eigen kosten, in hotels of bij kennissen. De sfeer was in en buiten de wedstrijden nog olympisch in de ware zin van het woord. De sporters waren amateurs zonder professionele begeleiding of trainingen.

Openingsceremonie 1928

Ongeveer 40 000 toeschouwers en 330 vertegenwoordigers van de pers bezochten het evenement. Ook de radio was aanwezig. Nederland was met 2 schaatsers en 5 bobsleeërs vertegenwoordigd. Ze speelden geen rol van betekenis.

Ook of zelfs in 1925 speelde het weer niet altijd mee: het was 14 februari 25 graden, de dag daarna 10 graden met regen. Alle onderdelen vonden buiten plaats. Het schaatsen op de 10 000 meter ging dan ook niet door.

Snelschaatsen, 5 000 meter

De tweede Olympische Spelen in St. Moritz vonden van 30 januari tot 8 februari 1948 plaats. Het Olympische stadion deed weer dienst, een dorp voor atleten was er nog steeds niet en de olympische gedachte, deelnemen is belangrijker dan winnen, bepaalde nog steeds het beeld en de sfeer. Dat is maar goed ook, want de vier Nederlandse deelnemers in het schaatsen waren niet succesvol.

Affiche 1948 en Openingsceremonie 

Ook het weer was evenals in 1928 te warm en wisselvallig, om het vriespunt en sommige dagen dooi. 669 atleten, waaronder 77 vrouwen, uit 28 landen namen deel. Duitsland, Japan en de Sovjet-Unie waren niet vertegenwoordigd. 59 000 toeschouwers en 570 persvertegenwoordigers volgden de vijfde Olympische winterspelen. Het aantal sporten was nog steeds zes, maar met meer disciplines in het skiën. Voor het eerst was de televisie aanwezig: de BBC en drie Amerikaanse zenders.

St. Moritz is niet alleen een Olympisch dorp, maar ook een oord van sportpioniers op het gebied van bobslee en skeleton, de eerste curlingclub buiten het Verenigd Koninkrijk, professionele skileraren, ijsbanen, polo op ijs ( de Snow-Polo World Cup), de ‘White Turf” paarden races (skiërs getrokken door paarden op het meer van St. Moritz) en diverse nieuwe skionderdelen.

Kenmerkend voor een van de meest mondaine Zwitserse plaatsen is echter ook hier de ingetogen, veelal dorpse en gemoedelijke sfeer met diverse hoogstaande muzikale, museale en andere culturele evenementen en organisaties.

(Bron en verdere informatie: www.st.moritz.com)

De Gemeentes

Definitie

Ieder kanton is opgedeeld in gemeentes. Het gebied van een kanton is de som van deze gemeentes, zoals het gebied van Zwitserland de som is van de zesentwintig kantons.

Daarnaast kent ieder kanton ook districten (Bezirke). In tegenstelling tot de gemeentes zijn de districten niet afgeleid uit de federale Grondwet, maar uitsluitend in de grondwet van de kantons.

De gemeentes vinden een bescheiden plaats in de Grondwet. Art. 50 erkent alleen het bestaan van de gemeentes in relatie met de Confederatie en de kantons. De kantons hebben volledige autonomie bij het inrichten van de gemeentes, Art. 50 (1).

De Confederatie houdt bij wetgeving en uitvoering van besluiten rekening met de autonomie van de gemeentes, Art. 50 (2). De steden en  berggebieden nemen daarbij een bijzondere plaats in, Art. 50 (3).

Inrichting en taken

De inrichting van gemeentes verschilt  per kanton.  Zwitserland telt nog ongeveer 2200 gemeentes. De grootste gemeente heeft ongeveer 400 000 inwoners (Zürich), de kleinste gemeente is Corripo (kanton Tessin) met ongeveer 20 bewoners. Scuol (kanton Graubünden)is de grootste gemeente, Rivaz (Vaud) de kleinste.

De gemeentes vervullen de taken die de kantons en de federale overheid niet uitoefenen, het beginsel van subsidiariteit (de drie lagen van het Zwitserse staatsrecht (Art. 3 en Art 50 federale Grondwet).

De kantons definiëren in hun grondwet de rechtspersoonlijkheid, bestuur, ambtelijke organisatie, taken,  democratische vertegenwoordiging en het kiessysteem.  De gemeentes hebben  de autonomie die ieder kanton hun geeft.

De kantons zijn op basis van de federale Grondwet (Artikel 191c) verplicht rechterlijke instanties te hebben die over publiekrechtelijke geschillen tussen gemeentes en kantons oordelen met de federale Hoge Raad (Bundesgericht) in Lausanne als hoogste beroepsinstantie.

In bepaalde gevallen kunnen gemeentes direct bij de hoogste rechter in Lausanne een zaak voorleggen. Kantonale rechtbanken in twee instanties beoordelen geschillen tussen burgers en gemeenten.

Soorten gemeenten

Er bestaan verschillende soorten gemeenten.

De inwoner- of politieke gemeente (Einwohnergemeinde of politische Gemeinde) omvat alle personen die in de gemeente wonen. Het territoriale element bepaalt het lidmaatschap van de gemeente. Deze gemeente speelt de belangrijkste rol in het staatsrecht. Alle kiezers oefenen hun politieke rechten in federale, kantonale en gemeentelijke aangelegenheden uit in de gemeente waar zij wonen (federale grondwet 39-2/4). Het burgerschap van de gemeente is de basis en de voorwaarde voor het verkrijgen van het burgerschap van het kanton en dus van het Zwitserse burgerschap (federale grondwet 37-1).

De helft van de kantons kent ook de burgergemeente (Bürgergemeinde). Het omvat alle personen die het burgerschap van de gemeente bezitten. Het is een gemeenschap van personen.

Alle kantons kennen de kerkgemeente (Kirchgemeinde) voor iedereen die lid is van een bepaalde kerk.

In sommige kantons zijn er bovendien speciale gemeenten (Spezialgemeinden) die met de uitvoering van bepaalde taken zijn belast.

De Volksvertegenwoordiging

De belangrijkste pijlers van de gemeentelijke indeling en (directe) democratie zijn het door de burgers gekozen parlement (kleinste aantal gemeentes) of de Gemeindeversammlung van burgers (meeste gemeentes) als wetgevende macht.

De staatsrechtelijke organisatie is per kanton zo verschillend, dat alleen de hoofdzaken aan de orde komen.

Uitgangspunt van iedere kantonale grondwet is het subsidiariteitsbeginsel en dat de burgers altijd het laatste woord hebben (directe democratie).  Behalve  de directe democratie  (diverse soorten referenda) hebben de burgers het recht van initiatief.

De grote meerderheid van gemeentes heeft geen parlement, maar een bijeenkomst van de stemgerechtigde burgers. De naam verschilt per kanton:  Gemeindeversammlung, Bürgerversammlung, offene Dorfgemeinde, Assemblea communale in seduta pubblica, Conseil général, Urversammlung, Assemblée communale.

Dit is het wetgevende en hoogste orgaan van de gemeente. De burgers komen meerdere keren per jaar of op verzoek van burgers of het gemeentebestuur bijeen.

Op deze bijeenkomsten is een agenda waarover wordt gestemd en beslist met meerderheid van stemmen door hand opsteken of op verzoek door geheime stemmingen in  het kieshokje, per post of (experimenteel in enkele kantons) elektronisch.

Het stemmen bij handopsteken stamt uit de middeleeuwse traditie van de directe democratie van de Landsgemeinde. In de kantons Glarus en Appenzeller Innerrhoden is deze stemmethode nog standaard.

Voor de wat grotere gemeenten is het niet mogelijk alle burgers op deze wijze bijeen te laten komen, maar is er sprake van een representatief systeem. Iedereen heeft het recht te komen en te stemmen, maar in de praktijk is dat maar een klein aantal van actieve burgers, zoals in iedere vereniging, stichting of politieke organisatie.

Voor de belangrijkste besluiten,  belangrijke projecten en wetgeving, bepaalt de gemeentewet meestal bovendien dat deze in  geheime stemmingen plaatsvinden. Immers, het referendum ligt altijd op de loer bij te veel ontevreden burgers.

Parlement

De grotere steden en gemeentes hebben bijna allemaal een direct gekozen parlement of gemeenteraad (Gemeindeparlament, Grosser Gemeinderat, Conseil général, Einwohnerrat, Consiglio comunale, Conseil communal, Generalrat, Conseil municipal).

De kantons bepalen in hun Grondwet de grens per inwoneraantal. Neuchâtel en Genève verplichten het voor alle gemeentes, Vaud vanaf 1 000 inwoners, Tessin vanaf 5 000 inwoners.

De grootste Zwitserse gemeentes zonder parlement  zijn Solothurn en Rapperswil-Jona (Kanton St. Gallen). Er is een groot verschil tussen het aantal leden, onder afhankelijk van  het aantal inwoners, 125 in Zürich, 100 in Bazel, 80 in Bern en 17 in Davos.

Bestuur

Het  stadsbestuur, de uitvoerende macht, wordt in alle kantons direct door de burgers gekozen, hetzelfde principe als in de kantons. De namen verschillen per kanton: Stadtrat, Gemeinderat, administratiever Rat, Bezirksrat, Rat, Gemeindevorstand, Gemeindebehörde, Municipio, Municipalité, Conseil comunal, Conseil adminitratif.

De grootte van het stadsbestuur varieert van enkele tot meer dan dertig leden. Ook in de gemeentes geldt het Milizsysteem.

Vooral in  de kleinere gemeenten is het bestuur vaak gedelegeerd aan een persoon (Stadtpräsident, Gemeindepräsident, Gemeindeammam, Syndic, Maire, Sindaco) die deze functie voltijds en betaald uitoefent.

Ook andere gekozen functionarissen, zoals burgemeester in de grotere gemeentes, ontvangen een salaris.

(Quelle und weitere Informationen: A. Auer, Staatsrecht der schweizerischen Kantone, Bern 2016).

Nieuw Regionaal Park Val Calanca

Het Parco Val Calanca (kanton Graubünden) is het kleinste natuurpark van Zwitserland. Hier versmelt de natuur nog met het traditionele cultuurlandschap tot een harmonieus geheel.

In het noorden grenst het gebied aan het Hinterrhein-dal, in het oosten aan de Misox (Mesolcina), in het westen aan het kanton Tessin (Ticino) en in het zuiden aan de gemeenten Castaneda, Sta. Maria, San Vittore en Roveredo. Het huidige gebied omvat de drie gemeenten Buseno, Calanca en Rossa.

De verandering van het landschap als gevolg van de achteruitgang van de traditionele landbouw is onmiskenbaar, maar veel elementen van dit eeuwenoude cultuurlandschap zijn nog steeds zichtbaar, bijvoorbeeld de karakteristieke boerderijen en nederzettingen, de akkerbouwterrassen met hun droge stenen muren en weides, afgewisseld en omzoomd door de kastanje-en lariksbossen.

Een bijzonder cultuurkenmerk zijn de goed onderhouden muilezelpaden (Saumwege). In de steile Calanca vallei met zijn verspreide boerderijen en gehuchten was een goed ontwikkeld netwerk van paden noodzakelijk.

Terwijl in de rest van Graubünden in 1900-1960 veel werd geïnvesteerd in de aanleg van autowegen (hoewel het kanton tot 1925 auto’s in het kanton verbood!) bleef het steile dal langer afhankelijk van muilezelpaden. Zelfs aan  het begin van de 20e eeuw werd nog een muilezelpad aangelegd in plaats van een autoweg naar Landarenca en Braggio!

De ViaCalanca (www.viacalanca.ch) van Grono naar Rossa loopt vaak over deze traditionele muilezelpaden.

De burgers van Buseno, Calanca, Rossa en Santa Maria i.C. stemden op 29 januari 2023 in een referendum voor het label “Regionaal Natuurpark”. Dit label is een formele erkenning van de status natuurpark door de federale overheid.

(Bron en verdere informatie: Parco Val Calanca)

De Romeinse mozaïeken van Vallon en Boscéaz

In het plaatsje Vallon, gelegen aan de weg van Avenches naar Yverdon in kanton Vaud, zijn twee Romeinse mozaïeken van uitzonderlijke kwaliteit gevonden, die zich in een Romeinse villa bevonden. De villa is ook gereconstrueerd en is een tijdspad voor de romanisering en toegenomen welstand in het gebied.

De eerste versie van een eenvoudige villa stamt uit de eerste decennia na Christus en was tevens een werkplaats voor de vervaardiging van bakstenen uit klei.

Om deze reden lag de villa aan een beekje. Rond 60 n. Chr. is de villa uitgebreid met pakhuis en extra (woon) ruimtes. Na drie generaties had de villa een typisch Romeins voorkomen van de elite.

Een binnentuin, omgeven door een zuilengalerij,  ontvangst- en eetzaal, slaapvertrekken, keuken, bibliotheek , goede watertoevoer, riool en een badencomplex. De villa is vooral bekend door het Bacchus-, Ariadne- en het jachtmozaïek. Het jacht mozaïek (Venatio in het amfitheater ) was een geliefd thema in Romeinse villa’s.

In het nabijgelegen plaatsje Boscéaz, vlakbij Orbe, zijn in de grootste Romeinse villa ten noorden van de Alpen negen vrijwel intacte mozaïeken aangetroffen.  Het gaat om een villa van 200 meter lengte met een ommuurde wal van 400 meter.

De mozaïeken beelden goden uit (onder anderen de zeven goden, die de zeven planeten verbeelden) en mythologische motieven, onder andere een episode uit de Trojaanse oorlog (Odysseus op het eiland Skyros).

Deze villa’s, hun architectuur, inrichting en mozaïeken duiden op een hoge mate van romanisering.

(Bron en meer informatie: Musée romain de Vallon (museevallon.ch); Mosaïques | pro-urba).

De kantons

Definitie 

Zwitserland bestaat uit zesentwintig kantons (Artikel 1 Federale Grondwet). Dit zijn in alfabetische volgorde (met tussen haakjes de aanduiding op de nummerplaten van auto’s); Aargau (AG), Appenzell Ausserrhoden (AR), Appenzell Innerrhoden (AR), Bern (BE), Basel-Landschaft (BL), Basel-Stadt (BS), Freiburg (FR), Genève (GE), Glarus (GL), Graubünden (GR), Jura (JU),  Luzern (LU), Nidwalden (NW),  Neuchâtel (NE), Obwalden (OW), Schaffhausen (SH),  Solothurn (SO), Schwyz (SZ), St. Gallen (SG), Thurgau (TG), Ticino (TI), Uri (UR, Valais (VS), Vaud (VD), Zug (ZG), Zürich (ZH).

De onderlinge verschillen in oppervlakte, inwonersaantal, urbane en/of rurale karakter, taal, religie en geologische karakteristieken zijn groot.

Ontstaan

Het feitelijke ontstaan van deze kantons is een eeuwenlang proces geweest dat in deze bijdrage niet aan de orde komt. Deze kantons bestonden al in 1848. Jura is sinds 1979 een nieuw kanton,  afsplitst van kanton Bern.

Artikel 1 bepaalt ook het grondgebied van Zwitserland: deze bestaat uit de gebieden van de kantons.

Kantons zijn in Europa en wellicht in de wereld unieke staatsrechtelijke soevereine constructies in een soeverein land, de Confederatie of Eidgenossenschaft (zie voor de relatie tussen het federale niveau en de kantons art. 42-53 Federale Grondwet).

De kantons hebben namelijk in 1848 samen met het (mannelijke) volk in een referendum de Eidgenossenschaft én de federale overheid (der Bund, Artikel 3 Grondwet) in het leven geroepen.

Bevoegdheden en subsidiariteit

De federale overheid heeft niet minder, maar ook nooit meer bevoegdheden dan artikel 3 aangeeft.

Op alle andere gebieden zijn de kantons soeverein en hebben ze hun eigen Grondwet, gezondheidszorg, onderwijssysteem, parlement, regering, belastingheffing, ambtelijk apparaat en rechtspraak (met inachtneming van de Grondwet en internationale verdragen).

Dit is in het kort de staatsrechtelijke relatie tussen Eidgenossenschaft (als overkoepelend geheel), kantons en federale overheid (Bund).

Daarnaast bestaan er de gemeenten. Artikel 50 van de Grondwet bevestigt de hiërarchie: Bund, Kantons en Gemeentes.

De kantons zijn democratische republiek en soevereine staat, voor zover artikel 3 de federale overheid geen bevoegdheden geeft. De kantons zijn op federaal niveau vertegenwoordigd in de Standerät (Raad van Staten) in het federale parlement.

In 1848 waren defensie, buitenlands beleid, douane en munt de belangrijkste bevoegdheden van de federale overheid.

Daarna zijn vooral na 1945 steeds meer bevoegdheden door de kantons (met instemming van de  Ständerat en het volk via verplicht referendum aan de Bund overgedragen.

87 van de 195 artikelen van de Grondwet (versie jaar 2000) hebben betrekking op deze overdracht van bevoegdheden. De kantons zijn op deze gebieden niet meer soeverein, maar implementeren de federale wetten en besluiten (Artikel 49-1 Grondwet).

Bij deze implementatie zijn de kantons weer wel soeverein (Artikel 46 Grondwet). Dit verklaart ook dat de federale overheid maar weinig ambtenaren heeft, ongeveer 38 000.

De Hoogste federale rechter in Lausanne (Bundesgericht) beslist uiteindelijk bij  vragen over deze omzetting en implementatie van recht van de Bund in de kantons.

Internationale en kantonale verdragen

Daarnaast bestaan er ook honderden verdragen tussen twee of meerdere  kantons, het interkantonale recht (Art. 48 Grondwet), dat boven kantonaal recht gaat. Internationale verdragen, inclusief met de Europese Unie, gaan ook voor het recht van de kantons.

Buitenlands beleid is de competentie van de Bond (Art. 54). De Bond informeert de kantons vroegtijdig over buitenlands beleid dat ook voor de kantons van belang  is  (Art. 55).

De Conferentie van de kantonsregeringen (Konferenz der Kantonsregierungen, gehuisvest in  het Huis van de kantons in Bern) speelt hierbij een belangrijke rol. Met name de relatie met de Europese Unie is voor de kantons van groot belang.

Het gaat tegenwoordig met name over het zogenaamde institutionele verdrag met de Europese Unie, het zogenaamde Rahmenabkommen of accord-cadre. Deze discussie blijft hier achterwege.

De kantons zijn wel bevoegd verdragen te sluiten met andere landen indien dit zaken van de competentie van het kanton zijn en het recht en het beleid van de Bond niet schaden.

De kantons zijn verplicht de Bond voor het sluiten van de verdragen te informeren (Art.56). Dit geldt niet indien het verdragen zijn met lagere overheden van het kanton (Art.56).

Grondwetten

De kantons hebben hun eigen Grondwet, die onderling afwijken, maar altijd op basis van de democratische beginselen van de Constitutie (Art. 51).

De burgers van de kantons hebben, uiteraard, diverse mogelijkheden om via referenda de wetgeving en Grondwet van de kantons te beïnvloeden.

Bovendien kunnen kantons via de Standesinitiative (160 Grondwet) het federale parlement oproepen wetgeving te initiëren.

Door het Kantonsreferendum kunnen minstens acht kantons het facultatieve referendum tegen wetten en besluiten van de federale overheid inroepen (Artikel 141 Grondwet).

Het Huis van de Kantons in Bern huisvest daarnaast diverse structuren voor samenwerking tussen de kantons (zie Staatsinrichting en Democratie Swiss Spectator).

De kantons zijn de dragers van de Eidgenossenschaft, de pouvoir constituant originaire.  Ze hebben haar geschapen, ze ontwikkelen haar door wetgeving (als wetgever via de Ständerat en in de kantons) en ze geven haar feitelijk inhoud.Het kanton is daarmee tevens een pouvoir constituant dérivé.

Dit wil zeggen dat de kantons (samen met het Volk) de federale (Grond) wet kunnen aanpassen en veranderen. Beide hebben altijd het laatste woord.

Net zo belangrijk als deze staatsrechtelijke constructie is  echter de linguïstische, culturele en politieke identiteit van de inwoners  van deze soms eeuwenoude democratische republieken in het hart van Europa.

(Source: Häfelin, W. Haller, H. Keller, D. Thurnherr, Schweizerisches Bundesstaatsrecht, Basel 2020; www.admin.ch).

Suchard de eerste chocolademultinational

Suchard in de vallei van Serrières  (een wijk van de stad Neuchâtel) is een industriële plek van honderdvijftig jaar industriële architectuur van het beroemde  chocolademerk.

Boudry. Geboortehuis Suchard

Philippe Suchard (1797-1884) was een van de pioniers van de chocolade-industrie in Zwitserland. Hij werkte aanvankelijk in de koffiezaak van zijn broer, maar vertrok in 1824 naar Amerika. Daar deed hij zijn inspiratie op voor zijn carrière in de chocolade industrie.

In 1824 opende hij zijn eerste chocoladezaak „Chocolat Suchard‘ in Neuchâtel. Kort daarop opende hij zijn eerste fabriek. Door zijn productie en recepten groeide het bedrijf snel. Hij specialiseerde zich in de confiserie.

Philippe Suchard, Serrières

Zijn grote doorbraak kwam in 1842 door een grote opdracht van de Koning van Pruisen Frederik Willem IV  (1795-1861). Het kanton Neuchâtel was in 1815 weliswaar tot de Confederatie toegetreden, maar de Koning van Pruissen zou tot 1857 prins van Neuchâtel blijven.

De Suchard Chocolade fabriek (Chocolat Suchard) in Serrières aan de voet van het oude Romeinse badhuis. Opgravingen in 1908.

Chocolade was in deze tijd nog een luxeproduct en de faam van Suchard had het Hof in Berlijn bereikt. De Koning zelf liet zich nooit zien in zijn prinsdom, maar de chocolade van zijn onderdanen wilde hij wel kopen.

Als koninklijke hofleverancier was zijn internationale naam gevestigd en in 1905 openden zijn opvolgers zaken in Frankrijk, Duitsland en Oostenrijk en was de eerste Zwitserse chocolade multinational geboren.

Sinds 1989 wordt er geen chocolade meer geproduceerd in Serrières en in 1996 heeft Suchard de locatie voorgoed verlaten, met achterlating van een naam, een merk, een woonwijk en en rijk industrieel erfgoed.

Zoals andere andere (Zwitserse) industriëlen in deze periode (het (Tsjechische) Batadorp is een voorbeeld in Nederland) bouwde hij woonhuizen en andere faciliteiten voor zijn arbeiders.

De Cité Suchard, Serrières

(Bron en verdere informatie : Claire Piquet, Un parfum de chocolat, sur les traces de Suchard à Neuchâtel, Neuchâtel, 2022; www.neuchatelville.ch).

De fraaie en voor die tijd opmerkelijke advertentieposters van Suchard zijn te bewonderen in het Musée d’art et d’histoire de Neuchâtel.

De Grondwet van de kantons

De 26 kantons hebben in het Zwitserse staatsbestel een (politiek) machtige en bijzondere plaats. In Europees perspectief zijn het zelfs unieke eeuwenoude constructies. Deze bijdrage bespreekt de Grondwet van de kantons.

De grote politicus en ondernemer Alfred Escher (1819-1882) verwoordde in 1848 wat tegenwoordig nog steeds het fundament is van het federale en democratische systeem:

“Der schöne Baum unseres neuen Bundes, der seine schützenden Zweige über das ganze Vaterland ausbreitet, hat zu seinen Wurzeln die Kantone. Würden wir diese Wurzeln verkümmern und absterben lassen, so wäre damit auch dem Baum der sichere Untergang bereitet. Die Kantone sind die Säulen, auf denen das ganze Bundesgebäude ruht” (J. Jung, Alfred Eschers Thronreden, Zürich 2021).

Inleiding

De kantons en de (kiesgerechtigde) burgers (das Schweizervolk, le peuple suisse) zijn de stichters van de Confederatie (Eidgenossenschaft/ la Confédération) en de federale Grondwet (FG). Deze Grondwet geeft de federale overheid (der Bund of la Fédération) en de kantons (en gemeentes) een eigen plaats.

De relatie federale overheid-kantons komt uitgebreid aan de orde in de FG. Het principe staat in artikel 3 FG: de kantons zijn soeverein, tenzij de bevoegdheden aan de federale overheid zijn overgedragen. Overigens heeft deze soevereiniteit alleen betrekking op de relatie met de federale overheid. Er is geen soevereiniteit in de betekenis van het internationale publiek recht.

De FG heeft veel artikelen die de relatie federale overheid en kantons tot onderwerp hebben, onder andere de suprematie van federale wetten, maar implementatie door de kantons, mede- en samenwerking tussen federale overheid en kantons, de kantons als organen (bijvoorbeeld de Raad van Staten) van de federale overheid, de territoriale onschendbaarheid van de kantons en de rol van het Volk en andere onderwerpen).

Art. 51 FG. eist dat ieder kanton een democratische Grondwet heeft die voldoet aan de voorwaarden van de FG  (en internationale verdragen).

De kantonale Grondwet

Alle kantons hebben een Grondwet. Voor iedere aanpassing is de goedkeuring van het federale parlement én de stemgerechtigde burgers van het desbetreffende kantons verplicht (obligatorisches Referendum (referendum obligatoire). Bovendien kan de federale rechter (Bundesgericht/tribunal fédéral) in bepaalde gevallen toetsen aan de federale Grondwet.

Voor het overige zijn de kantons vrij in het opstellen van de Grondwet (Verfassungsautonomie) en het inrichten van de overheid, de rechterlijke-, wetgevende- en uitvoerende macht, burgerschap en stemrecht en het creëren en inrichten van gemeentes, districten en andere publiekrechterijke organisaties. Dit is een centraal element van het Zwitserse federalisme.

Bovendien zijn de kantons soeverein in het vaststellen en de financiering van hun begroting (Finanzautonomie). De kantons heffen de directe en de indirecte belastingen (voor zover niet overgedragen aan het federale niveau) ter financiering van hun taken en bevoegdheden. Dit is ook een belangrijk aspect van het federalisme.

Deze soevereiniteit neemt niet weg dat de federale overheid kantons financieel kan ondersteunen en er kantons van nettobetalers en kantons van netto-ontvangers zijn.

Republiek, Staat, Stand, Lid

Het bijzondere constitutionele en politieke karakter van de kantons blijkt ook uit de eerste artikelen van hun Grondwet. De meeste kantons fixeren de duale functie van (soevereine) staat en stand (van de Schweizerische Eidgenossenschaft, la Confédération suisse), soevereine republiek en kanton.

De bewoordingen lopen uiteen. De grote lijnen zijn echter: “ ein freiheitlicher, demokratischer und sozialer Rechtsstaat”, “ein Stand der Schweizerischen Eidgenossenschaft”, “Une République et l’un des Etats de la Confédéderation suisse”, “ein souveräner Stand”, “ein souveränes Bundesmitglied”, “eine demokratische Republik” of, bijvoorbeeld, “un canton souverain de la Confédération suisse”.

De teksten benadrukken de meervoudige functies van de kantons: als autonoom of zelfstandig lid van de Schweizerische Eidgenossenschaft, mee- en samenwerkend op veel gebieden of een orgaan (bijvoorbeeld de Ständerat/Conseil d’Etats) van de federale overheid op andere terreinen.

De (stemgerechtigde) burgers

De (stemgerechtigde) burgers, (das Volk, le Peuple), zijn het belangrijkste orgaan van iedere Grondwet. De burger heeft door de directe democratie altijd (verplicht referendum) of op eigen initiatief (diverse types facultatieve referenda) het laatste woord.

Bovendien kan ook op kantonaal niveau de Grondwet door een Volksinitiatief aangepast worden. De kantons regelen met inachtneming van de federale wet het stemrecht en burgerschap.

Scheiding der machten

De organen van het kanton moeten voldoen aan de Trias Politica of scheiding der machten. Dit staat expliciet in de meeste Grondwetten en geldt in andere gevallen impliciet. De FG stelt deze eis ook (impliciet).

Parlement

De wetgevende macht, het parlement, wordt direct door de burgers gekozen. De kantons zijn meestal in kiesdistricten opgedeeld.

Er bestaan twee kiessystemen: proportionele vertegenwoordiging (Proporzsystem) of evenredige vertegenwoordiging (aantal zetels op basis van op een partij uitgebrachte stemmen) en absolute meerderheid per kandidaat (Majorzsystem).

De kiessystemen en de rol van de hoogste federale rechter (Bundesgericht/Conseil fédéral) komen in de volgende bijdrage aan de orde.

Milizsystem

Het parlement heeft officieel alleen (onbetaalde) politici in deeltijd (Milizsystem). Wel zijn er (on) kostenvergoedingen. De laatste decennia is er echter sprake van meer (feitelijke) beroepspolitici. Het aantal zetels verschilt per kanton. Het functioneren en de bevoegdheden zijn door de Grondwet geregeld.

Regering

De uitvoerende macht, de regering, wordt ook direct gekozen door de burgers. Dit is uniek in Europa. Het kanton geldt als één kiesdistrict. Er wordt gekozen volgens de absolute meerderheid per kandidaat. alleen Tessin kent een proportioneel systeem.

De regering telt per kanton tussen de 5 en 7 leden. Evenals de federale regering is de kantonale regering gebaseerd op het Collegialiteitsprincipe (Kollegialprinzip).

De leden spreken naar buiten met één stem. In grote lijnen is de regering in de praktijk een afspiegeling van de zetelverdeling in het parlement.

Het systeem van de absolute meerderheid per kandidaat schept een directe band tussen kiezers en regering. Persoonlijkheden en niet (hun) partijen hebben de prominente rol.

Deze tweedeling van evenredige vertegenwoordiging (Proporzsystem)in het parlement en absolute meerderheid (Majorzsystem)in de regering wordt soms ook wel het ‘Schweizer Wunderwaffe genoemd‘ en niet geheel ten onrechte.

Rechterlijke macht

De Grondwet regelt ook de rechterlijke macht, die, op basis van de federale Grondwet, onafhankelijk moet zijn.

De kantons organiseren hun straf-, civiel- administratief rechtbanken in twee instanties (eerste instantie en hoger beroep). Gemeentes hebben geen rechterlijke instanties. De federale wetgeving geeft wel de procedures en voorwaarden gedetailleerd aan.

De rechters worden door het Volk en in sommige gevallen door parlement en beroepsrechters gekozen voor een bepaalde tijd (4,6 of 10 jaar).

Het Bundesgericht, Conseil fédéral, de hoogste rechter, met zetels in Lausanne, Bellinzona en St. Gallen is de hoogste (beroeps) rechter van de kantonale instanties. Deze rechter toetst bovendien in sommige gevallen de kantonale Grondwet aan de federale Grondwet.

Overigens is de vertegenwoordiging van de kantons in de Raad van Staten (Ständerat/Conseil d’Etats) een orgaan van de federale overheid (zie hierboven) en niet van het kanton. Wel kiezen de burgers per kanton hun afvaardiging voor deze medewetgever. Dit is een ander fundamenteel aspect van het federalisme.

‘Dubbel ja’

Bij een verplicht referendum of een volksinitiatief op nationaal niveau is een ‘Doppeltes Ja’ voor een positief resultaat noodzakelijk. Een absolute meerderheid op landelijk niveau én een meerderheid van de kantons (Ständemehr) op basis van de uitslag van de stemming per kanton zijn vereist.

Historische ontwikkeling en conclusie

De belangrijk rol van de Grondwet van de kantons blijkt ook uit hun historische ontwikkeling, in het bijzonder na 1815, en hun invloed op de federale Grondwet in 1848, 1874 en 1891 en de invoering van directe democratie.

Dit tijdvak kent een Restauratie (Restauration) 1815-1830, een terugkeer naar de oude Grondwetten en kantons van voor 1798, de periode van nieuwe dynamiek (1830-1845), ook wel de regeneratie (Regeneration) genoemd,  de democratische beweging in de kantons, onder andere voor directe democratie  na 1848.

De kantons hebben diverse toepassingen van directe democatie in hun grondwet opgenomen, daarna volgde de FG in 1874 en 1891. Alleen het verplichte referendum bij wijziging van de FG was in 1848 al op nationaal niveau ingevoerd.

De kantonale Grondwet heeft vooral na 1945 aan betekenis ingeboet, omdat steeds meer bevoegdheden zijn overgedragen naar de federatie.

Het Haus der Kantone/Maison des Cantons in Bern, het interkantonale overleg, interkantonale verdragen en interkantonaal recht en zelfs internationale verdragen van kantons tonen dat de kantons nog springlevend zijn.

Ook is er (nog steeds) een relatief grote betrokkenheid van maatschappelijke organisaties en burgers, bijvoorbeeld bij kantonale en nationale referenda.

Recente referenda zijn onlangs bijvoorbeeld op landelijk niveau aangenomen door een meerderheid van stemmers, maar door het ontbreken van een meerderheid van kantons (Ständemehr) toch afgewezen.

(Bron: A. Auer, Staatsrecht der Schweizerischen Kantone, Bern, 2016).

Foto: Les 26 Cantons Suisses (jeretiens.net)