Suchard en Neuchâtel

Al 164 jaar parfumeert de geur van cacao de vallei van Serrières (gemeente Neuchâtel). Het (Franstalige) boek is een uitnodiging om de geschiedenis van de beroemde chocoladefabriek te (her)ontdekken en de vallei van Serrières te verkennen.

Het is de kleur paars en de Milka-koe die het oog associeert met een reep melkchocolade, omdat de reclamemakers er aan het begin van de 20e eeuw in slaagden dit merk wereldwijd onder de aandacht van het publiek te brengen.

Van het kleine familiebedrijf tot de multinational, het bestaan van de chocoladefabriek is doorspekt met ups en downs, visionaire strategieën en gemiste kansen, maar het vormt een stuk industriële geschiedenis van het grootste belang dat de reputatie van Neuchâtel op wereldschaal heeft gevestigd, evenals de horlogerie.

Sinds 1989 wordt er geen chocolade meer geproduceerd in Serrières en in 1996 verlaat Suchard de plek voorgoed. Vandaag blijft Suchard een naam, een merk en een belangrijk industrieel erfgoed.

(Claire Piquet, Un parfum de chocolat, sur les traces de Suchard à Neuchâtel, Neuchâtel, 2022).

Disputatio, Reformatie, Michiel de Ruyter en Melksoep in Zwitserland

Op 29 januari 1523 vond in Zürich een destijds unieke gebeurtenis plaats over de Reformatie. Zeshonderd geestelijken, theologen, raadsleden en andere wereldlijke hoogwaardigheidsbekleders bespraken in het stadhuis het ware geloof. Het stadsbestuur had deze bijeenkomst belegd.

Religie en staat, kerkorde en wetgeving, waren destijds nog niet gescheiden. De kerkelijke autoriteiten in Zürich met de bisschop van Konstanz (en de paus) waren het hoogste gezag, ook in wereldlijke zaken.

Reichstag van het Heilige Römische Reich in Augsburg in 1530. Links keizer Karel V met katholieke en protestante afgevaardigden. Collectie: Dreiländer Museum Lörrach

En alleen de hoogste religieuze autoriteit – daartoe behoorde ook de Heilige Roomse Keizer – kon bijeenkomsten met onderdanen organiseren, bijvoorbeeld Karel V (1500-1558) op de Rijksdag van Worms in 1521 en in Augsburg in 1530 met het doel, tevergeefs, Maarten Luther (1483-1546) tot inkeer te brengen.

Anton von Werner (1843–1915). Maarten Luther en Karel V op de Rijksdag. Foto: Wikipedia

Aanleiding was het eten worst op 9 maart 1522, tijdens de vastentijd. Dit was niet alleen tegen de religieuze geboden, maar ook tegen de wet. Huldrych Zwingli (1484-1531), predikant aan de Grossmünster in Zürich, was een van de worsteters. Na studies in Wenen en Bazel was Zwingli predikant in Glarus en in het klooster Einsiedeln, voordat hij in 1519 naar Zürich kwam.

De Badener Disputatio, 1526. Links de katholieke theoloog Johannes Eck, rechts de protestante Johannes Oekolampad. Collectie: Zentralbibliothek Zürich

Hij was humanist en wilde de kerk hervormen in de geest van Erasmus (1466-1536) van Rotterdam. Erasmus verbleef lange tijd in Bazel en Zwingli had met hem en andere geleerden hierover contact. Zwingli was een tegenstander van de aflaathandel, die zeer lucratief was voor de kerk.

Hij verwierp ook het celibaat, de verering van heiligen, kerkelijke belastingen, pauselijke bullen, concilies en kerkelijke wetgeving, de buitensporige rijkdom en andere misstanden in de kerk.

Ook wilde hij de handel met Zwitserse huurlingen verbieden. Als veldprediker maakte hij de strijd en de nederlaag van de Eidgenossen bij Marignano (1515) mee en leerde uit eerste hand de ellende van de oorlog kennen.

Grossmünster, Huldrych Zwingli

Het eten van worst was een bewuste provocatie en paste in de tijdgeest en de onrust in andere streken, waaronder Duitsland, waar Maarten Luther in 1517 in Wittenberg zijn 95 stellingen had verkondigd.

Wat niet paste in de tijdgeest was de discussie, de Disputatio, geleid en geïnitieerd door burgers. De bisschop en de paus waren duidelijk: Zwingli moest niet alleen geëxcommuniceerd, maar ook tot de brandstapel veroordeeld worden.

Het stadsbestuur van Zürich besloot echter anders, deels uit sympathie voor Zwingli’s ideeën, deels vanwege het vooruitzicht op de toe-eigening van rijke kloosters en ander kerkelijk bezit. Wat de motieven ook waren, op 29 januari 1523 deden alle partijen hun zegje, maar het stadsbestuur had feitelijk al gekozen. De tijd was rijp voor de reformatie.

De Täuferbibel van Heinrich Bullinger

Dee eerste Reto-Rromaanse bijbel gedrukt in Scuol in 1679. In aanvulling op talrijke gedrukte Bijbels heeft de collectie geschriften in de Grossmünster ook een verzameling  Reformatiegeschriften. Deze verzameling bijbels en geschriften uit de Reformatieperiode is te zien in de permanente tentoonstelling “Getruckt zů Zürich”, die zich richt op de Disputatio.

Het was nog geen democratie in de moderne zin van het woord, maar de vergadering was typisch Zwitsers en uniek: op veel plaatsen in Zwitserland heerste de overtuiging dat het (mannelijke) collectief moest beslissen over wereldlijke staatszaken en niet één persoon (paus, bisschop, vorst of een aristocraat).

Zwingli won: hij mocht zijn hervorming blijven prediken. Van 26 tot 28 oktober 1523 vond een tweede Disputatio plaats. Deze ging over het verwijderen van beelden en andere heiligenverering. Ook hier won Zwingli. Zürich besliste in het voordeel van de reformatie.

Guillaume Farel (1489-1565), de hervormer van Neuchâtel

De Disputatio in Zürich kreeg vervolgens op veel plaatsen in dit deel van Midden-Europa navolging. In de volgende jaren gingen belangrijke Zwitserse steden over tot het andere geloof, waaronder Bern, Bazel, Baden, Schaffhausen, Chur, St. Gallen, Genève en Neuchâtel.

De oude Confederatie van 13 kantons bleef bestaan, maar de kantons waren verdeeld in katholieke en protestantse kampen, en zelfs binnen de kantons, steden, dorpen en families waren er katholieke en protestantse gemeenschappen. Dit leidde tot relatief kleine burgeroorlogen in 1529 en 1531 (Kappeler-oorlogen), 1656 en 1712 (Villmerger-oorlogen) en tenslotte tot de Sonderbundsoorlog in 1847.

Albert Kaufmann, aquarel en potlood, 1843, Die Kappeler Milchsuppe (de Kappeler Melksoep). Collectie: Dreiländer Museum Lörrach. In 1529 brak in Kappel am Albis (kanton Zürich) een oorlog uit tussen gereformeerden en katholieken. Tijdens de vredesonderhandelingen ontmoetten de strijdende troepen elkaar onder het genot van melksoep. Het vredesverdrag van 1532 bepaalde dat iedere gemeente vrij is om zijn eigen kerkgenootschap te kiezen. Het evenement “Kappeler Milchsuppe” is nog steeds een symbool van de Zwitserse identiteit en crisismanagement.

Maar ondanks deze spanningen en (kleine) burgeroorlogen overheersten compromis en tolerantie. Het protestantse Bern en het katholieke Freibourg en solothurn bleven bijvoorbeeld bondgenoten.

In het kleine katholieke dorpje Arlesheim bij Bazel zetelden in 1679 de kanunniken van de bisschop van Bazel, die in 1529 naar Porrentruy was gevlucht vanwege de reformatie. De (kritisch) katholieke Erasmus (1466-1536)  is in 1536 begraven in de protestantse kathedraal, niet ver van de laatste rustplaats van Johannes Oekolampad (1482-1531), de hervormer van Bazel.

Op 10 februari 1676 redde Michiel de Ruyter 26 Hongaarse predikanten van de Spaanse galeien. De nieuwe Kerk in Amsterdam herbergt niet alleen het graf van deze zeeheld uit de Republiek van de Verenigde Nederlanden, maar ook een Hongaars monument. Deze en andere bevrijde predikanten zochten hun heil ook tijdelijk in Zürich.

In Glarus en bijvoorbeeld in Sta. Maria (kanton Graubünden) deelden protestanten en katholieken de kerk; de inwoners van Appenzell hadden een andere oplossing, een scheiding in 1597: Appenzell Innerrhoden (katholiek) en Appenzell Ausserrhoden (protestant).

Deze relatieve tolerantie gold niet voor iedereen: de wederdopers of Wiedertäufer, een beweging die opkwam in Zürich, werden meedogenloos vervolgd. De Disputatio van Zürich was en is echter uniek.

Bron en verdere informatie: Historisches Lexicon der Schweiz, Disputationen, I. Backus, 23.01.2006; Grossmünster Zürich

Basel Infinity Festival

Het Basel Infinity Festival verkent de grenzen van de klassieke muziek en creëert een sfeer met originele, interdisciplinaire concerten. Naast de programmering van nationale en internationale topartiesten biedt het festival ook jonge musici de kans zich aan het publiek te presenteren.

De combinatie van klassieke muziek met literatuur, etnische volksmuziek en dans bereikt een breed publiek. De serie “Klassieke muziek voor de jongeren” laat ook de jongere generatie kennismaken met de wereld van de klassieke muziek. Het concept toont dat zogenaamd onverenigbare zaken kunnen worden samengebracht door muziek en kunst.

Het festival put uit de overvloed aan muziek en presenteert een reeks muziekstijlen  van barok, klassiek en romantiek tot hedendaagse muziek.

Binningen, Schlosskeller, Katarina Leskovar (Cello), Nejc Grm (Accordeon)

De vierde editie van het festival is in februari 2023  begonnen met een kleine tournee in kanton Basel-Landschaft. Op 8 februari was in de gerenoveerde en onlangs geopende Schlosskeller in Binningen muziek te horen van Hongarije tot Zuid-Amerika, een reis door de werelden van de tango en rapsodieën met twee van de meest charmante instrumenten: de cello en de accordeon. Andere concerten en workshops vonden plaats in Dornach en Liestal. Op 18 en 22 maart vinden twee andere concerten plaats in Allschwil.

Die Männerstimmen in de Pauluskirche. Foto: Basel Infinity Festival

Zoals de naam al aangeeft is Bazel de hoofdlocatie van het festival. Van 7 maart tot 5. April zijn er tal van spannende en vernieuwende concerten: Of kwantumfysica, muziek en beeldende kunst in het Tinguely Museum, literatuur & muziek met Alain Claude Sulzer in de Jazzcampus Club, Heinz Holliger in het Gare du Nord, authentieke Kazachse volksmuziek met een aperitief in de Safranzunft, elektronische beats en Cubaanse ritmes in de Unternehmen Mitte, de Männerstimmen Basel in de Pauluskirche, een gespreksronde in de Paul Sacher Stichting met Alain Claude Sulzer en Heinz Holliger of het “Gala Infinity” in het Stadtcasino Basel met Alexander Sitkovetsky – met 30 evenementen is er voor elk wat wils.

Infinity Basel begint met de beroemde verzen van Johann Wolfgang von Goethe (1749-1832) uit “Walpurgisnacht”, een scène uit Goethes Faust. Ze inspireerden de 16-jarige Felix Mendelssohn Bartholdy (1809-1847) tot het componeren van zijn luchtige en euforische Strijkoctet opus 20 in 1825.

Dit opzwepende werk opent het festival op 7 maart met verve! Het strijkoctet van de Roemeen George Enescu (1881-1955) vormt een intense aanvulling. Op 19-jarige leeftijd componeerde hij eind 1900 zijn Octet opus 7, dat fascineert door zijn pulserende ritmes en donkere klanken.

Met Alain Claude Sulzer (Tekst en lezing), Anna Gagane (Klarinette), Sherniyaz Mussakhan (Viool) en Denis Linnik (Klavier), 17 maart, Jazzcampus Club

(Bron en verdere informatie: Basel Infinity Festival)

24 februari 2022

De Zwitserse kerken organiseerden op 24 februari jongstleden een oecumenische bijeenkomst onder auspiciën van de Arbeitsgemeinschaft christlicher Kirchen in der Schweiz, AGCK (Vereniging van Christelijke Kerken in Zwitserland), een jaar na de Russische inval in Oekraïne.

De viering vond plaats in de Münster van Bern met vertegenwoordigers van de Oekraïense gemeenschap en tal van hoogwaardigheidsbekleders in Zwitserland. De voorzitter van de Nationale Raad, Martin Candinas, hield het welkomstwoord.

Martin Candinas, voorzitter van de Volksvertegenwoordiging (Nationalrat/Conseil fédéral)

De bijeenkomst begon met een vredeswens in de vier talen van Zwitserland en in het Oekraïens. Na een jaar vol onvoorstelbaar lijden, vol verwoesting en ontwrichting van miljoenen levens, en na een jaar dat bepaald wordt door deze (nieuwe) oorlog op het Europese continent, onvoorstelbaar tot 24 februari 2022, is er woede, droefheid, wanhoop, verbijstering en machteloosheid, maar er is ook hoop, vertrouwen, solidariteit en mededogen.

Mensen hebben in deze tijden behoefte aan vertrouwen in een goede afloop en vrede. Geloof en bijeenkomsten, uitgevoerd met symbolen en gesproken en gezongen woorden, voeden deze hoop. En veel van die kleine stroompjes kunnen uiteindelijk één grote stroom op weg naar (langdurige) vrede worden.

De bijeenkomst was een blik in de toekomst met een realistische kijk (zonder naïeve of valse pacifistische hoop en intitiatieven) op het heden. Het “Dona nobis pacem”, het aansteken van kaarsen en de olijftak waren uitdrukkingen van deze toekomst.

(Bron en verdere informatie: Arbeitsgemeinschaft christlicher Kirchen in der Schweiz)

De monumenten van Serrières

Vrijwel ieder dorp in Zwitserland heeft een of meerdere (cultuur)historische bezienswaardigheden, monumenten en altijd een mooie omgeving. Soms is het even zoeken. bijvoorbeeld wanneer een oude Romeinse nederzetting is opgenomen in een stedelijke agglomeratie.

De naam Serrières (tegenwoordig een wijk van de stad Neuchâtel), is afgeleid van het Latijnse woord serra, de zaag, waarmee in de Oudheid een plaats werd aangeduid waar veel zaagmolens stonden. De plaats ligt aan het meer van Neuchâtel. In de prehistorie en in de eeuwen voor de Romeinse bezetting (15-13 v. Chr.) was deze regio al bewoond.

De visrijkdom van het meer en de transportmogelijkheden van het netwerk van de drie meren van de Jura (meer van Neuchâtel, meer van Biel/Bienne en meer van Morat/Murten) en de rivier de Aare verklaren de aanwezigheid van een Romeinse nederzetting en villa. De Romeinse villa van Serrières is in 1908 ontdekt tijdens de bouw van de huizen van de cité Suchard, ’s werelds eerste chocolade-multinational.

De thermen of het complex van badhuizen lagen aan de oevers van het meer (het niveau van het meer is in de negentiende eeuw meters verlaagd).

De andere Romeinse gebouwen bevinden zich op de heuvel. De inrichting van de baden was  grotendeels bepaald door hoogte van de haard(en) (praefurnium/a) voor het produceren van warm water, dat in de vloerverwarmingen (Hypocauste) circuleerde, geleidelijk afkoelde om vervolgens via de muren (tubili) in het meer en de rivier  geloosd te worden.

In de Merovingische periode (6e-7e eeuw) was deze plek nog steeds bewoond. Er stond een kerkje en er was een begraafplaats. Meer dan 200 graven uit deze periode zijn hier aangetroffen.

De Karolingische kerk St. Jean uit de achtste of negende eeuw wijst ook op permanente bewoning, eeuwen voor het ontstaan van Neuchâtel en Peseux, in tegenstelling tot het middeleeuwse Cormondrèche en Corcelles Ien het Gallo-Romeinse Auvernier en Colombier (de woonplaats van Belle van Zuylen)!

(Bron  verdere informatie: www.neuchatelville.ch)

De Planetenweg in de Jura

Een wandeling langs de planeten lijkt een ambitieus plan. Mercurius ligt het dichtst bij de planeet aarde, maar nog altijd 155 miljoen kilometer ver weg. Neptunes ligt meer dan vier miljard kilometer van de aarde. De andere vijf planeten Venus, Mars, Jupiter, Saturnus en Uranus draaien hun rondjes om de zon in een afstand daar tussenin.

 Jupiter en Venus dicht bij elkaar, 2 maart 2023, volgende conjunctie in 2039 

De Planetenweg voert langs de acht planeten en de zon. De dwergplaneet Pluto wordt niet vergeten. Deze planeet ligt het verst van de aarde en is in 1930 ontdekt.

Aan het begin van de planetenweg staat, uiteraard, de zon, waar letterlijk alles om draait. Informatieborden geven kort en bondig de belangrijkste feiten van dit zonnestelsel weer, ook over het allereerste begin, ongeveer 4,5 miljard jaar geleden.

Het universum, dat is begonnen met de zogenaamde oerknal, is veel ouder, ongeveer 14 miljard jaar De geleerden zijn er nog niet uit over het hoe en waarom. De beroemde Engelse natuurkundige Stephen Hawking (1942-2018) zei het al: op een bepaald moment moet je ophouden met denken, in zijn geval over het ontstaan van de ‘speldenknop’  vóór de oerknal.

De Planetenweg is aanmerkelijk korter dan de afstand naar planeten, maar geeft wel een goed beeld van het zonnestelsel. Bovendien is de Jura en zijn weiden, bossen, dorpen, beken en vergezichten altijd de moeite waard. En ook hier geldt: ieder Zwitsers dorp heeft wel wat bijzonders.

De Glasshütte in de negentiende eeuw, links de gips- en kalkfabriek

De Birs

De Glasshütte

Het kleine dorp Bärschwil (kanton Solothurn) kent bijvoorbeeld een interessante industriële historie. Het dorp ligt aan de rivier Birs, Eeuwenlang stond aan de oevers van de rivier een bloeiende glasfabriek, Tegenwoordig is de Glasshütte een restaurant. Daar tegenover stond de kalk- en gipsfabriek ‘Hydraulische Kalk- und Gipsfabrik Baerschwyl’, sinds 1988 de Firma Carlo Bernasconi.

Bovendien staat even verderop de monumentale Laufner Ziegelscheune. Deze fabriek voor tegels en bakstenen stamt uit de 16e eeuw en was tot 1920 in gebruik!

De Laufner Ziegelscheune

Deze mooie omgeving heeft, uiteraard, ook dichters en schrijvers voorgebracht, onder anderen vader (Albin Fringeli (1899-1993) en zoon Dieter Fringeli (1942-1999):

“Zeit ist’s ein Lied zu singen von jeden Liedern die nicht gesungen wurden als es Zeit war ein Lied zu singen von jener Zeit” (Dieter Fringeli).

Geboortehuis met schuur van Albin Fringeli bij Bärschwil

Een minder plezierige omstandigheid was de grens in de Eerste en Tweede Wereldoorlog, letterlijk het verschil tussen oorlog en vrede. Grellingen en Bärschwil hadden in deze tijd militaire garnizoenen en verdedigingswerken.

Toblerones

Monument 1939-1945

Zwitserland bleef echter neutraal. Het stadje Laufen is derhalve ongeschonden uit deze tijd gekomen en heeft veel authentieke (cultuur) historie te bieden. Vanaf de Keltische tijd, de Merovingers en Karolingers, twee Bourgondische Koninkrijken, het Bisdom Bazel, de (revolutionaire) Franse tijd en inlijving bij Frankrijk vanaf 1793 tot 1813, de periode bij kanton Bern van 1815 tot 1994. De bewoners van het Laufental kozen in een referendum voor aansluiting bij kanton Basel-Landschaft.

Laufen (Kanton Basel-Landschaft)

Het lijkt allemaal heel wat. Wat betekent het echter op een historie van 14 miljard jaar universum en 4,5 miljard jaar aarde?

De Zwitserse Alpen Club

De Zwitserse Alpen Club (Schweizer Alpen Club, SAC/Club Alpin Suisse, CAS) organiseert regelmatig wandeltochten in deze omgeving (en elders) in het land.

Hoewel de naam anders doet vermoeden, organiseert de SAC niet alleen skitochten, bergbeklimmingen en andere sporten in het hooggebergte en de Alpen, maar ook (wandel) activiteiten in andere regio’s.

(Meer informatie: www.sac-cas.ch).

Bron en verdere informatie: www.baerschwil.ch

Poschiavo en Val Poschiavo

Val Poschiavo (Puschlav), Valle (Val) Mesolcina (Misox), Val Calanca en Val Bregaglia (Bergell) vormen samen met het dorp Bivio (Beiva in het Romaans) aan de voet van Julierpas, de Grigione Italiano, het Italiaans sprekende deel in het drietalige kanton Graubünden.

Het Lago di Poschiavo scheidt het bovenste en onderste dal van Puschlav; de hoofdplaats Poschiavo ligt in het bovenste dal en de gemeente Brusio in het onderste dal. In de 12e eeuw hadden de gemeenten Poschiavo en Brusio van elkaar gescheiden administratieve en bestuurlijke structuren.

Lago di Poschiavo

Poschiavo

Samen met de Veltlin schonk Karel de Grote (748-814) de Val Poschiavo aan het klooster van St. Denis bij Parijs in de achtste eeuw. In de 12e en 13e eeuw bestuurden de heren van Matsch-Venosta de vallei.

Tegelijkertijd breidde de stad Como haar macht over de vallei uit. Toen Milaan in 1335 Como onderwierp, kwam ook de Puschlav in 1350 onder de heerschappij van de hertog van Milaan, de Visconti. In 1408 kwamen de inwoners in opstand tegen de hertog. Zij sloten zich aan bij de Lega Caddea (Bond van het Godshuis, der Gotteshausbund). Vanaf dat moment deelden Poschiavo en Brusio het lot van de Drie Bonden (Drei Bünde).

Poschiavo en Brusio hadden vanaf 1408 een gemeenschappelijke grondwet, de “Comungrande”. Het was een vrij en onafhankelijk gebied. In 1524 werd de regio opgenomen in de Vrijstaat van de Drie Bonden (Der Freistaat der Drei Bünde) en in 1803 in het kanton Graubünden. De splitsing in twee autonome gemeenten, Poschiavo en Brusio, vond plaats in 1851.

Al in de 14e eeuw en later tijdens de bezetting van de Valtellina door de Drie Bonden en de Freistaat (1512-1797) speelde de Valposchiavo een belangrijke rol in het transalpiene handelsverkeer. De Berninapas was een van de belangrijkste noord-zuid verkeersassen. Tegenwoordig zijn de traditionele muilezelpaden (säumerpfade) nog steeds toegankelijk door de  wandelroute “Via Valtellina”.

Tirano was het startpunt van de wijnbouwers van de Veltliner: de beroemde “Veltliner” groeide en groeit hier nog steeds. Proeven van de Valtellina specialiteiten (wijnen, bresaola en kaas) en een bezoek aan het Palazzo Salis is nog steeds mogelijk! Tirano is ook het beginpunt van de Italiaanse voortzetting van de Via Valtellina, want hier begint de Via Terrazzamenti naar Morbegno.

Napoleon Bonaparte verenigde de Veltlin met de Cisalpine Republiek in 1797. De Puschlav werd toegewezen aan de Helvetische Republiek. Deze afscheiding verzwakte de plaatselijke economie aanzienlijk. De slechte economische toestand dwong veel mensen uit het dal om te emigreren.

De aanleg van de Berninaweg (1842-1865), de spoorweg en de realisatie van hydro-elektrische installaties in de centrales van Brusio in 1906-1910 verbeterden de economische situatie echter.

Aan het Lago di Poschiavo volgde de opening van het Grand Hotel Bagni in Le Prese. Het dorp Poschiavo werd een stadje. Er verrees een reeks statige gebouwen, waaronder die van het huidige museum (Museo Poschiavo) in het Palazzo de Bassus-Mengotti en het Casa Tomé. Het toerisme droeg daar in aanzienlijke mate aan bij, onder andere door de Gletschergarten Cavaglia (Giardino dei ghiacca di Cavaglia).

Tot in de jaren 1970 bleef smokkel echter een belangrijke economische activiteit. Een van de belangrijkste overslagpunten voor naar Italië gesmokkelde sigaretten en koffie was het kleine gehucht Viano boven Brusio. Van hieruit leidden de oude smokkelaarspaden over de grens naar Roncaiola en Baruffini in de naburige Valtellina. De smokkelaarspaden kunnen nog steeds bewandeld worden.

Bron: Historisches Lexicon der Schweiz, Arno Lanfranchi, Puschlav, vertaling Pia Todorovic Redaelli, 29.09.2011; www.valposchiavo.ch

De rivier Poschiavo

Het mooiste dorp Hospental

Hospental (kanton Uri) is in januari 2023 erkend door de organisatie ‘De mooiste dorpen van Zwitserland’ (Die schals een van de mooiste dorpen van het land. De naam zelf, Hospental, komt van het Latijnse woord voor herberg.

Het dorp lag aan de Säumerweg over de Gotthard pas. Het dorp leefde vanaf de dertiende eeuw van de tolinkomsten en overnachtingen, maar trotseerde ook het barre winterklimaat en oorlogscampagnes. De Russische generaal Alexander Suworow nam het in 1799 bijvoorbeeld in deze regio op tegen Napoleon.

Veel huizen dateren nog uit de late middeleeuwen. De toren dateert uit de 13e eeuw en domineert het stadsbeeld. Zumdorf hoort ook bij de gemeente Hospental. Zumdorf is niet alleen het kleinste dorp in de regio Andermatt, maar heeft het kleinste aantal vaste inwoners. Van het land. Slechts vier mensen wonen het hele jaar door in het dorp. Hospental zelf heeft 190 inwoners.

Bron en verdere informatie: Die Schönsten Schweizer Dörfer; www.hospental.ch)

Mevrouw Fasnacht is weer welkom

De eerste toeschouwers hebben zich al in het centrum van Bazel geïnstalleerd en wachten met spanning op het Fasnacht Cortège. Na een afwezigheid van drie jaar vanwege Corona vindt het Cortège dit jaar weer plaats. Dit verliep echter niet zonder problemen tussen Frau Fasnacht en Herr kanton Basel-stadt.

Frau Fasnacht wilde zelfs scheiden omdat zij gedurende drie jaar niet of slechts beperkt gewenst was. Het Häbsetheater heeft er zelfs een toneelstukje aan gewijd. Maar eind goed, al goed. Frau Fasnacht heeft zich verzoend en wordt vanaf maandag 27 februari om 04.00 uur herenigd met haar geliefde!

Impressies Mimösli 2023

Kortom, de Vorfasnacht is begonnen. Uit ramen, kelders en andere repetitieruimtes klinken piccolo’s, tamboerijnen en blaasinstrumenten van de cliques en Fasnächtler en Fasnächtlerinnen . In theaters, cafés, restaurants en andere plaatsen worden tal van evenementen gehouden ter ere van Frau Fasnacht.

Toneel, viool, piano, cello, dans, fantastische decors en choreografieën, satire en optredens van de cliques vinden hun plaats, uiteraard met een knipoog.

Affiche Pfyfferli 2023

Impressionen von Drümmeli 2023

Het Kulturhaus Häbse (Mimösli), het theater Fauteuil (Pfyfferli-Ensemble), het Volkshaus (Charivari), de evenementenhal van de jaarbeurs (Drümmeli), het theater Arlecchino (Schyssdräggziigli), het Marionettentheater (de Källerstraich) en voorstellingen voor kinderen in het stadstheater en straatparades zijn slechts enkele van de grotere voorstellingen van de Vorfasnacht.

Het is (klein) kunst en cultuur met een grote K en C, creatief, goed voorbereid, van hoog niveau, aangenaam gedisciplineerd, satirisch, altijd met respect voor het lijdend onderwerp en vooral met grote betrokkenheid.

De Fasnacht, die deel uitmaakt van het UNESCO-werelderfgoed, vindt dit jaar plaats van 27 februari tot 04.00 uur op 2 maart. Niet alleen in Bazel, maar ook andere plaatsen in het land, maar dan, meestal, een week eerder. Ook dat heeft zijn redenen, maar bevestigt het fundament van de Confoederatio Helvetica: eenheid in grote verscheidenheid.

Verdere informatie: Fasnachts-Comité Basel

Impressies Charivari 2023

Kindervorfasnacht in de straten van Bazel

Stad en bisdom Chur

De geschiedenis van Chur (Kanton Graubünden) gaat terug tot ongeveer 11.000 voor Christus. Het gebied was al bewoond in de prehistorie. Rhaetische stammen bewoonden deze regio toen de Romeinen het gebied in de jaren 15-13 v. Chr. veroverden. Chur (Curia) was de hoofdstad van de Romeinse provincie Raetia Prima.

Het begin van het bisdom Chur gaat terug tot de 4e eeuw. Chur was een van de eerste christelijke steden in Zwitserland en een van de eerste bisdommen ten noorden van de Alpen. De eerste bekende bisschop is Asinio, die in een document uit 451 wordt genoemd. Het eerste kasteel en de eerste kerk op het terrein van het huidige bisschoppelijke complex dateert uit deze periode.

De omvang van het bisdom kwam in grote lijnen overeen met de Romeinse provincie Raetia prima en strekte zich uit tot het huidige kanton Graubünden, Liechtenstein, Oostenrijk (Voralberg en Tirol)) en Italië (Zuid-Tirol of Vinschgau). Het grondgebied van het bisdom kreeg in de middeleeuwen de naam Churrätien of Rätien.

Bisschop Tello was de laatste telg uit het Rätische heersersgeslacht van de Zacconen of Viktoriden. De huidige laat-Romaanse kerk is op 19 juni 1272 ingewijd na een bouwperiode van 120 jaar.

Het bisdom Chur hoorde tot 843 bij het aartsbisdom Milaan. Na het Verdrag van Verdun in 843 (de verdeling van het Karolingische Rijk in drie onafhankelijke koninkrijken) viel het bisdom tot 1803  onder het aartsbisdom Mainz.

De bisschop kreeg onder de Karolingische heersers en de keizers van het Heilige Roomse Rijk in de periode 800-1300 steeds meer politieke en economische  macht. Vanaf 1299 had de bisschop ook de jurisdictie over Chur en de omliggende dorpen. Met het einde van de middeleeuwen begon zijn wereldlijke macht echter af te nemen. De burgers van de stad stonden al enige tijd op gespannen voet met de bisschop.

De burgers probeerden de rechten en inkomsten van de stad voor zichzelf te houden. Keizer Frederik III (1415-1493) verleende de stad in 1464 constitutionele onafhankelijkheid van het bisschoppelijk bewind. De nieuwe grondwet van de stad (1465) was gebaseerd op de vijf gilden (wevers, schoenmakers, kleermakers, smeden, bakkers).

Door deze gildeconstitutie ging de politieke macht over van de bisschop naar de gildes, feitelijk een nieuwe oligarchie van ambachtslieden. De resterende politieke invloed van de bisschop nam nog verder af door de Reformatie aan het begin van de zestiende eeuw.

Regeringsgebouw van het kanton met de herdenkingszuil van de Drei Bünde

Tijdens de Franse Revolutie en de Napoleontische veldtochten werd Graubünden vanaf 1798/99 oorlogstoneel. Chur was wisselend in Franse of Oostenrijkse handen. Sinds 1803 is Graubünden een kanton van de Zwitserse Confederatie.  Na aanvankelijke concurrentie met Ilanz (hoofdplaats van de Graue Bund) en Davos (hoofdplaats van de Zehngerichtenbund) slaagde Chur (hoofdstad van de Gotteshausbund) erin hoofdstad van het kanton te worden.

Het bisdom valt sinds 1803 direct onder het Vaticaan. De Oostenrijkse gebieden (Vorarlberg en Tirol) zijn in 1816 van het bisdom Chur afgescheiden en toegewezen aan de twee bisdommen Brixen en Trient. Hiermee kwam een einde aan een kerkgeschiedenis van 1300 jaar.

Na de afscheiding van deze gebieden was het gebied van het bisdom beperkt tot kanton Graubünden, delen van kanton St. Gallen en het grondgebied van het Vorstendom Liechtenstein. In 1819 werden uitgestrekte gebieden van het bisdom Konstanz toegevoegd aan het bisdom Chur. Tegenwoordig bestrijkt het bisdom de kantons Graubünden, Zürich, Schwyz, Obwalden, Nidwalden, Uri en Glarus.

De Romaanse dichter Giachen Caspar Muoth en zjjn beroemde phrase

Kantoor van de Lia Rumantscha

De stad telt vandaag 15 keer meer inwoners (ruim 37 000) dan 200 jaar geleden. Chur is tegenwoordig een moderne stad met onder andere de zetel van het bestuur en parlement van het kanton, het hoofdkantoor van de Rhätische Bahn, diverse musea (Rätisches Museum, Bünder Kunstmuseum Chur, Domschatzmuseum, Ausstelling der Prehistorie, Fotostiftung Graubünden, Forum Würth en diverse andere culturele instellingen), de Lia Rumantscha, uitgeverijen, toeristische attracties, de Rijn, een fascinerende historie en een prachtige natuur in de nabije omgeving.

(Bron: Historisches Lexicon der Schweiz, J. Simonett, Chur; H. Schlapp, die Kathedrale von Chur, Coire, 2009; R. Kaiser, Churrätien im frühen Mittelalter, Bâle, 2008)

Impressies van Chur

 

Von Planta,  Rotes Haus, met Familiewapen

Benedikt Fontana Monument