Le Corbusier, zijn Atelier de la recherche patiente en orde der dingen


Le Corbusier (Charles-Edouard Jeanneret), Nature morte au siphon, 1928, Fondation Le Corbusier, Paris © 2025, FLC/ProLitteris, Zürich

Het Zentrum Paul Klee wijdt een grote tentoonstelling aan de kunstenaar-architect, ontwerper, schrijver en theoreticus Le Corbusier (1887-1965). De tentoonstelling richt zich op het werkproces en het driedimensionale denken van de Zwitsers-Franse architect, ontwerper en stedenbouwkundige.

De tentoonstelling (Le Corbusier. The Order of Things) biedt een uitgebreid overzicht van zijn gehele oeuvre vanuit een artistiek perspectief. Het omvat iconische items en groepen werken die grotendeels onbekend zijn gebleven.

Charles-Édouard Jeanneret, beter bekend onder het pseudoniem Le Corbusier, is een van de belangrijkste leidende figuren van de moderne architectuur. Hij was een van de meest prominente en wereldwijd invloedrijke protagonisten van het internationale modernisme.

Hij gaf vorm aan de moderne architectuur met een enorme energie, radicale visies en provocerende retoriek. In zijn werk wilde hij woon- en stedelijke ruimten op een nieuwe manier ontwerpen.

Om dit te bereiken gebruikte hij de nieuwe mogelijkheden van de technische vooruitgang en combineerde deze met de klassieke principes van esthetiek. Le Corbusier gebruikte de producten van moderne technologieën, zoals gewapend beton in zijn gebouwen, oceaanstomers, vliegtuigen en auto’s, als modellen voor architectuur omdat deze vorm in een directe relatie met functie plaatsten.

Hij ontwikkelde methoden om op innovatieve wijze gebruik te maken van de artistieke en sculpturale mogelijkheden van deze moderne manier van bouwen.

Deze tentoonstelling draait om het werkproces van Le Corbusier, zijn driedimensionale denken en het artistieke experiment in het ‘Atelier de la recherche patiente‘, zoals hij zijn methode omschreef.

Men kan zien hoe Le Corbusier ruimte, licht en kleur combineerde. De presentatie bevat talrijke tekeningen en schetsen uit het ‘Atelier de la recherche patiente’. Hij zag tekenen als een manier om vast te leggen wat gezien werd en om nieuwe ideeën te ontwikkelen.

De tentoonstelling belicht ook de bronnen die in het ontwerpproces, van voorwerpen die op het strand gevonden zijn tot de architectuur van de oudheid.

Het principe ‘Orde’ was van groot belang voor Le Corbusier. Met dit concept pakt de tentoonstelling ook een toegankelijk en universeel kunst- en kunsthistorisch onderwerp op dat teruggaat tot in de oudheid en actueel blijft. Alleen door orde, zo geloofde hij, kon de mensheid zich spiritueel ontwikkelen en zich bevrijden van de stemmingen van de natuur, van toeval en willekeur.

In de architectuur is ‘het principe van orde’ in de eerste plaats gebaseerd op het verlangen om vormen, kleuren, licht en ruimte in een harmonische relatie te brengen. Zijn begrip van orde gaat terug op klassieke tradities in kunst en architectuur.

Hij deelde met de artistieke avant-garde van zijn tijd de ‘utopische’ impuls om tradities in twijfel te trekken en de geleefde realiteit van het leven van mensen opnieuw vorm te geven – te ‘ordenen’. Dit gedachtengoed verbond kunst en architectuur, cultuur en maatschappij.

De tentoonstelling is thematisch en chronologisch opgezet en onderverdeeld in drie assen: kunst, architectuur en onderzoek.

Schilderijen ‘verso ‘in Kunstmuseum Basel


Kunstmuseum Basel, tentoonstelling 'Verso'. Foto: TES

De tentoonstelling Verso laat zien wat er schuilgaat op de achterkant van schilderijen en beschilderde (religieuze) werken uit de veertiende tot achttiende eeuw. Deze kunstwerken waren in deze periode niet in musea, maar uitsluitend in de omgeving van de religieuze of seculiere opdrachtgevers te zien. Toentertijd was de betekenis in hun context duidelijk.

In musea ontbreekt deze context en tegenwoordig is de betekenis van symboliek en visualisatie veelal onbekend. De achterkant, ‘verso’ biedt veelal relevante informatie en soms zijn het zelfs kunstwerken op zich. Dat maakt deze originele tentoonstelling zo interessant en boeiend.

Zesendertig kunstwerken uit de collectie van het museum worden getoond in een speciaal voor de gelegenheid ontwikkelde opstelling die bezoekers in staat stelt om beide kanten van de schilderijen te bekijken.

Hans Holbein de Jongere (1497-1543), 1516, Jacob Meyer zum Hasen (burgemeester van Bazel) en zijn vrouw Dorothea Kannengieser (recto) met 1520 het ‘verso’ aangebrachte familiewapen 

Verso biedt een historische, sociale, religieuze en dynastieke context die normaal gesproken alleen door museummedewerkers en andere insiders kan worden bestudeerd. De tentoonstelling opent op deze wijze nieuwe perspectieven van zelfs bekende kunstwerken (onder andere van Hans Baldung, Lucas Cranach de Oudere, Hans Holbein de Jongere, Ambrosius Holbein en Konrad Witz).

Onbekende kunstenaar, 16 eeuw. Afbeelding van David Joris alias Johann von Brügge, rond 1544. Inschrift in de Latijnse en Duitse taal aangebracht in 1559

De tentoonstelling toont in acht afdelingen verschillende facetten met ‘verso’ afbeeldingen en biedt een schat aan observaties over tijdsgeest, motieven, maar ook bijvoorbeeld over hergebruikt materiaal.

De tentoonstelling toont ook enkele kunstwerken waarin kunstenaars de relatie tussen recto en verso bewust aan de orde stellen:

Niklaus Manuel (genaamd Deutsch), 1517, Bathsheba aan het baden (voorkant); de dood als oorlogsknecht met een jonge vrouw (achterzijde) , 1517. Kunstmuseum Basel, Amerbach-Kabinett, Inv. 419, Objekt-ID4547 . Foto Martin P. Bühler

Impressies van de tentoonstelling

Meester van Sierentz, St. Joris en de draak, rond 1445, ‘verso’ de bewening van Christus, rechter vleugel van een retabel. Collectie: Kunstmuseum Basel. Foto Martin P. Bühler

Kunstschatten uit het Petit Palais in Genève


Gustave Caillebotte (1848-1894), 1876, Le Pont de l’Europe. Collectie: Association des amis du Petit Palais, Genève. Foto: Rheinisches Bildarchiv Köln

De Fondation de l’Hermitage presenteert 136 meesterwerken uit het Petit Palais in Genève, een unieke collectie impressionistische en post-impressionistische schilderijen.

De collectie, die in de jaren 1950 bijeen is gebracht door Oscar Ghez (1905-1998), getuigt van een opmerkelijk vrije en niet conventionele verzamelgeest. De ondernemer was geïnteresseerd in laat 19e en vroeg 20e eeuwse schilderkunst, zonder zijn selectie te beperken tot de grote meesters.

Naast schilderijen van Édouard Manet en Auguste Renoir kocht hij schilderijen van minder bekende kunstenaars uit die tijd, zoals Gustave Caillebotte, Charles Angrand, Maximilien Luce en Louis Valtat, van wie sommigen nu erkend worden als belangrijke vertegenwoordigers van hun tijd.

Een ander bijzonder kenmerk van de verzameling van Oscar Ghez is de vroege en, voor zijn tijd, uitgebreide aanwezigheid van werken van vrouwelijke schilders. De anti-conformistische geest van de verzamelaar en zijn overtuiging dat deze vrouwelijke kunstenaars niet de juiste erkenning kregen, vestigde zijn aandacht onder andere op Marie Bracquemond, Suzanne Valadon, María Blanchard, Nathalie Kraemer, Jeanne Hébuterne en Tamara de Lempicka aan het einde van de jaren 1950. Hij kocht talrijke werken van deze schilders.

Hij benaderde de belangrijkste stromingen van de figuratieve schilderkunst op dezelfde manier: naast de grote namen van het impressionisme, neo-impressionisme, fauvisme, de École de Paris en het kubisme bevat zijn collectie ook werlen van kunstenaars die minder bekend waren in de tweede helft van de 20e eeuw.

Friedrich Dürrenmatt en de atomaire wereld in Neuchâtel en Paris


Centre Dürrenmatt Neuchâtel, poster van de expositie 'Imaginaires atomiques'

Het Centre Dürrenmatt Neuchâtel (CDN) presenteert de tentoonstelling ‘Imaginaires atomiques/ Atomare Bildwelten’ over de visie van Friedrich Dürrenmatt (1921-1990) op de atoombom en combineert zijn werk met dat van hedendaagse kunstenaars.

De komst van de atoombom had een sterke invloed op Friedrich Dürrenmatt. Hij reageerde met een uitgebreid oeuvre aan artistiek en literair werk, maar ook met burgeracties en pacifistische verklaringen.

In zijn beroemde toneelstuk De fysici, maar ook in zijn karikaturen en cabaretstukken, neemt hij zijn toevlucht tot humor en het groteske om de mensheid te waarschuwen voor het gevaar van zelfvernietiging.

Naast de werken van Friedrich Dürrenmatt geven werken van Vanessa Billy (*1978), Christine Boillat (*1978), Miriam Cahn (*1949), Alain Huck (*1957) en Gilles Rotzetter (*1978) hedendaagse inzichten in een zeer actueel onderwerp.

In de tentoonstelling ‘L’Âge atomique – Les artistes à l’épreuve de l’histoire in het Musée d’Art Moderne in Parijs worden tot negen februari 2025 nog meer werken van Friedrich Dürrenmatt uit de CDN-collectie getoond.

De geschiedenis en functies van irrigatiekanalen in Wallis


De permanente tentoonstelling van het Walliser museum voor irrigatiekanalen  (Musée valaisan des bisses/Walliser Suonenmuseum) toont de geschiedenis en de verschillende functies van de bisses (Suonen in Duits).

De streek rond Visp, Raron (en het Bietschtal), de Lötschberg (in het bijzonder de dorpen Steg-Hohtenn en Niedergestein) en het Baltschiedertal in kanton Wallis is een droog gebied in de vallei van het stroomgebied van de Rhône.

Het droge en milde klimaat schept de voorwaarden voor wijnbouw, landbouw en veeteelt. De irrigatie vindt echter al eeuwenlang kunstmatig plaats door zogenaamde ‘Suonen’ (bisses in het Frans).

In een tiental thematisch ingedeelde afdelingen komt de complexe wereld van de irrigatie in beeld. Geschiedenis, geografie, bouwtechnieken, irrigatietechnieken en de sociale organisatie komen aan bod.

Honderden documenten en voorwerpen, interactieve media, films en de reconstructie van een irrigatiekanaal op ware grootte laten de irrigatietechnieken zien die in dit Alpengebied zijn ontwikkeld en nog steeds worden toegepast.

Tijdschriften van de avant-garde 1910 -1933


Affiche van de tentoonstellung 'Zeitschrfiten der Avantgarde'. © Zentrum Paul Klee, Bern

In het kader van zijn permanente tentoonstelling richt het Zentrum Paul Klee in Bern zich thematisch ook op de tijdschriften van de avant-garde in het begin van de 20e eeuw. Het fenomeen van de artistieke ‘avant-garde’ ontwikkelde zich in Europa en Amerika in de jaren 1910.

Deze tijdschriften waren een belangrijk medium in de kunst – van futurisme via dadaïsme tot surrealisme en verder. Tussen 1910 en 1933 ontstonden er talloze stromingen, waarvan velen hun eigen tijdschriften publiceerden om hun visie op kunst en maatschappij naar buiten te brengen en de aandacht op zichzelf te vestigen.

Deze tijdschriften met titels als MERZ, Cabaret Voltaire, Sturm, Kentiku Sekai en Habitat zijn de belangrijkste documenten van het modernisme. Vooral hun vaak innovatieve vormgeving is fascinerend: veel avant-gardistische tijdschriften gebruikten vormgeving en typografie als een mogelijkheid om radicale ideeën en concepten visueel toegankelijk te maken.

Ze gebruikten expressieve lettertypes, kleuren en vormen en werkten met combinaties van tekst en beeld om dynamiek en het breken met tradities aan te geven. Daarmee zijn ze voorlopers van de moderne visuele communicatie en reclamevormgeving, die met dezelfde principes werken..

Een andere vernieuwing was dat veel avant-garde tijdschriften meertalig werden gepubliceerd of inhoud in verschillende talen bevatten. Deze meertaligheid weerspiegelt de leefwereld van veel vertegenwoordigers van de moderne kunst, die bijvoorbeeld tijdens de wereldoorlogen in ballingschap leefden of migranten waren.

Avant-garde kunstenaars hadden vaak wereldwijde netwerken en smeedden en koesterden allianties over de landsgrenzen heen. Voor de betrokken kunstenaars had het publiceren van eigen tijdschriften of het bijdragen aan tijdschriften voordelen. Ze konden op deze wijze hun theorieën en werken zichtbaar maken en laten circuleren in de kunstwereld.

Aristocratische Geesten van papier, moderne en 18e eeuwse kunst


Hedendaagse en 18e-eeuwse kunst vermengen zich met papieren geesten die op bezoek komen aan het hof van Frederik II (1712-1786), koning van Pruisen en prins van Neuchâtel.

Frederick Beck, Friedrich II, 1788. Privé collectie

In Château de Nyon zijn de papieren figuren gerangschikt in een scenografie de kunstenares Isabelle de Borchgrave (1946-2024). Zij haalde haar inspiratie vaak haalde uit portretten van het hof in Berlijn en Versailles, uit porselein gemaakt en uit het interieur van paleizen.

De link tussen Berlijn en Nyon is het porselein. Jakob Dortu, die in 1781 de porseleinfabriek in Nyon oprichtte, deed zijn ervaring op in de fabriek in Berlijn, die door koning Frederik II was opgericht.

Bovendien bevat de collectie van het museum Meissen-porselein met chinoiseriedecoraties, die een prominente plaats innemen in de tentoonstelling.

Impressies van de tentoonstelling

Gravures van mode, rond 1780

Overeenkomsten, verschillen, clichés en waarheden uit de drielandenregio Elzas, Baden en Bazel


Cartoon van Peter Gayman in de tentoonstelling 'Typisch Dreiland'. Foto: TES

De Cartoonist Peter Gaymann liet zich inspireren door het ‘Dreiland’ van Bazel, Baden en Elzas om nieuwe cartoons, tekeningen en objecten te maken.

Naast zijn bekende kippen laat hij ook varkens, vrouwen, mannen, kinderen en katten over de grenzen kijken en ontdekt hij onverwachte overeenkomsten, verschillen, clichés en andere waarheden uit alle levensgebieden in Frankrijk, Zwitserland en Duitsland naast dierlijke en menselijke afgronden.

Grillige, verrassende en zelden getoonde stukken uit de collectie van het Dreiländermuseum vullen de tentoonstelling aan.

De tentoonstelling “Typisch Dreiland” is een samenwerking tussen het Dreiländermuseum en Baaske Cartoons, Müllheim in Markgräflerland.

Op reis met Matisse in de Fondation Beyeler


Fondation Beyeler, tentoonstelling 'Matisse – Einladung zur Reise'. Foto: TES

Met meer dan 70 belangrijke werken uit gerenommeerde Europese en Amerikaanse musea en privécollecties richt de onlangs geopende tentoonstelling “Matisse – Einladung zur Reise” in de Fondation Beyeler zich op de ontwikkeling en diversiteit van het baanbrekende oeuvre van Henri Matisse (1869-1954).

De tentoonstelling is gebaseerd op het beroemde gedicht “l’ invitation au voyage” van Charles Baudelaire (1821-1867) uit 1857 en nodigt bezoekers uit op een reis door het unieke oeuvre en leven van Matisse. De kunstenaar maakte vele reizen, zoals in de kunst, als in zijn leven.

Op zijn verkenningstochten door landen als Italië, Spanje, Marokko en Tahiti liet de Franse kunstenaar zich steeds weer inspireren door de natuur en de kunst van andere culturen.

De overzichtstentoonstelling omvat alle creatieve fasen van de Franse kunstenaar en presenteert een onmiskenbaar samenspel van schilderkunst, tekenkunst en beeldhouwkunst.

De Etrusken en Grieken zijn weer te bezichtigen in Bazel


Antikenmuseum Basel und Sammlung Ludwig, Neue Dauerausstellung «Wie ein Meisterwerk entsteht». © Ruedi Habegger, Antikenmuseum Basel und Sammlung Ludwig

Het Antikenmuseum Basel heeft een collectie Griekse keramiek die tot ver buiten de landsgrenzen bekend staat om zijn kwaliteit en diversiteit.

Met de heropening op 14 en 15 september worden drie nieuwe permanente tentoonstellingen gepresenteerd in een nieuwe scenografie en twee nieuwe audiotours die de rijkdom van de collectie op een gevarieerde en interactieve manier presenteren. Daarnaast zullen alle (Romeinse en Oosterse) collecties van het Museum tegelijkertijd open zijn voor het publiek.

Permanente tentoonstelling 1: Schatten uit de collectie en hun verhalen

Deze nieuwe permanente tentoonstelling is gewijd aan de geschiedenis van het museum, dat werd opgericht in 1961 en geopend in 1966.

Nieuwe permanente tentoonstelling “Schatten uit de collectie en hun historie” (Schätze der Sammlung und ihre Geschichten). © Ruedi Habegger, Antikenmuseum Basel und Sammlung Ludwig

Permanente tentoonstelling 2: De wereld van de Etrusken

In zes zalen geeft deze permanente tentoonstelling een uitgebreid beeld van deze opmerkelijke cultuur, waarvan kunstig versierd keramiek, filigreinjuwelen, wapens en alledaagse voorwerpen getuigen.

Een bijzondere focus van de tentoonstelling ligt op de sociale en culturele veranderingen die voortvloeiden uit het intensieve contact van de bevolking met andere culturen in het oude Middellandse Zeegebied.

Nieuwe permanente tentoonstelling “Wereld van de Etrusken” (Welt der Etrusker). © Ruedi Habegger, Antikenmuseum Basel und Sammlung Ludwig

Permanente tentoonstelling 3: Hoe een Grieks meesterwerk werd gemaakt

Grieks keramiek fascineert met zijn prachtige vormen en uitgebreide decoraties. Het geeft inzicht in het leven, de gewoonten en het geloof van een voorbije beschaving die niettemin de meest fundamentele verworvenheden van het Westen voortbracht: Dialoog, muziek, de Olympische Spelen, kunst, onderwijs, wetenschap, filosofie, sport, literatuur, theater en ’s werelds eerste (directe) democratie.

De nieuwe didactische en interactieve tentoonstelling laat de diversiteit van Griekse vazen zien en illustreert op levendige wijze hun productie en gebruik.

Nieuwe permanente tentoonstelling  «Hoe een Grieks meesterwerk werd gemaakt”(Wie ein Meisterwerk entsteht) © Ruedi Habegger, Antikenmuseum Basel und Sammlung Ludwig

Opening

(Bron en verdere informatie: Antikenmuseum Basel und Ludwig Sammlung)