Splügen, Reto-Romanen, Walser, Bündner sinds 1803 Zwitsers

Het aantal inwoners van Splügen (kanton Graubünden) is in de loop der eeuwen opmerkelijk stabiel gebleven. Het aantal inwoners was 360 in 1690 (ten tijde van de Graue Bund, als een van de drie bonden van de Freistaat der drei, Bünde), 373 in 1900 en ongeveer 380 tegenwoordig.

In 840 is het dorp aangeduid als Speluca, Spleia in het Romaans. Het dorp ligt aan de Via Mala in het Rheinwald, het stroomgebied van de Hinterrijn, en aan de weg van en naar de Splügenpas en de San Bernhardinpas.

Tot het einde van 13e eeuw was Splügen een Romaans dorp. Tegen het einde van deze eeuw vestigden Walser zich ook in dit dorp.

Lange tijd was het klooster Pfäfers de grootgrondbezitter in deze regio. Daarna waren er lokale heersers, zoals de Heren Von Vaz en de graven van Werdenberg-Sargans.

In de 15e eeuw werden de Säumerei en het overige goederen- en personenverkeer over de passen steeds belangrijker. De Heren Von Vaz bouwden om deze reden een kasteel bij Splügen.

Het dorp verkreeg in 1530, na de overgang tot het protestante geloof en de stichting van de Freistaat der Drei Bünde in 1524 de status van zelfstandige gemeente. De huidige kerk stamt uit 1689.

In 1799 en 1780 bezette een Frans leger het dorp in de veldtocht tegen de Russische generaal Suvorov en de Oostenrijkers. De Splügenpas was een immers belangrijke route voor militaire transporten.

Na de opening van de Gotthardbahn in 1882 werd het dorp minder belangrijk. De opening van de Bernhardintunnel bood echter nieuwe perspectieven, evenals het tourisme.

Het Raeto-Romaans was tegen die tijd echter al lang verleden tijd in dit gebied. Zeer weinig inwoners spreken het idioom Sutselvan tegenwoordig nog. Dit doet niets af aan de schoonheid van de natuur en het dorp.

(Bron en verdere informatie: Gemeinde Rheinwald)

Hinterrhein

Albert Hofmann en LSD

Op vrijdag 16 april 1943 had de farmaceutische onderzoeker Albert Hofmann (1906-2008) in het bedrijf Sandoz in Basel een bijzondere ervaring. Hij deed al jarenlang tevergeefs onderzoek naar een stimulerend middel voor de bloedsomloop.

Op deze dag had hij echter een kleine hoeveelheid  Lyserginezuur Diatylamine ingenomen. Hij hallucineerde, balanceerde op het randje van de waanzin en eindigde met een gevoel van opperste gelukzaligheid.

Op 19 april herhaalde hij het experiment  met dezelfde gevolgen: hallucinaties, duizeligheid, angst gevolgd door rust en een geluksgevoel. Hij had LSD (Lyserginezuur Diatylamine) uitgevonden.

Het middel kwam in 1949 op de markt als medicijn in de psychotherapie om mentaal lijden te verlichten. Het middel kreeg in de jaren zestig echter een andere bestemming: de hippiescene, eerst in Amerika met de doorbraak op het Woodstock-festival van 1969, daarna in Europa.

LSD werd het symbool van het escapisme van de parallelwereld van de anti-establishment beweging. Het medicijn was een verslavend genotmiddel geworden met alle ellende van dien. In Amerika en daarna Europa werd LSD al snel verboden.

Hofmann was aan de ene kant trots op zijn uitvinding als medicijn in de psychotherapie. Hij was echter geschokt en niet voorbereid op het misbruik vanaf de jaren zestig.

Hij zal er in zijn hallucinerend mooie woonomgeving bij Burg in het Leimental (Kanton Solothurn) vaak over hebben nagedacht op zijn wandelingen in de Frans-Zwitserse Jura en de kantons Solothurn en Basel-Landschaft.

De Villa van Albert Hofmann bij Burg

Gedenksteen op de Rittimatte voor Albert Hofmann (1906-2008) en zijn vrouw Anita Hofmann-Guanella (1913-2007)

Bankje voor Albert Hofmann, aan de Frans-Zwitserse grens

Burg, 11e eeuw

De Remeltoren (Rämelturm), 832 m. 

Biederthal (Elzas)

Bättwil (kanton Solothurn) 

Ettingen (kanton Basel-Landschaft)

De Flühmühle in Flüh

Flüh (kanton Solothurn), wellicht het dorp met de hoogste restaurantdichtheid van het kanton vanwege de ongeveer 250 000 pelgrims die jaarlijks Mariastein bezoeken.

Rodersdorf (kanton Solothurn)

De Raad van Staten

Het parlementaire systeem in Zwitserland kent twee kamers. In dit artikel staat de Raad van Staten (kantons), de Ständerat (Kantonskammer, Kleine Kammer, Zweite Kammer, Senat, Chambre de réflexion) centraal.

De  andere kamer, de Nationalrat komt hierna aan de orde. In deze bijdrage passeren in het kort de ontstaansgeschiedenis, de rol en plaats in het constitutionele systeem en het functioneren de revue.

Ontstaan

Het was bij het ontstaan van de nieuwe Grondwet in 1848 niet vanzelfsprekend dat de Ständerat er zou komen. Zijn ontstaan dankt ze niet in de laatste plaats aan de Sonderbundskrieg van 1847.

In deze (laatste) gewapende (burger) oorlog op Zwitsers grondgebied stonden wereldbeschouwingen, religie en urbane en rurale gebieden tegenover elkaar, katholiek-conservatieven uit overwegend rurale katholieke kantons (Uri, Schwyz, Unterwalden,Wallis, Zug. Luzern en Freiburg) tegenover de liberale (wat iets anders is dan democratische) protestante handelskantons (onder leiding van vooral Bern, Bazel en Zürich) van de overige kantons van de Eidgenossenschaft (Vaud en Neuchâtel waren neutraal).

In 1848 was Zwitserland nog niet de dienstverlenende en industriële natie die het de decennia na 1848 zou worden. Agrarisch stond tegenover handel, katholiek tegenover protestant, (ruraal) conservatief tegenover (urbaan) liberaal.

De Zwitserse burgeroorlog zou echter weinig slachtoffers en nog minder dagen tellen, onder andere dankzij het beheerste en op verzoening gerichte optreden van de overwinnaars.

Na deze burgeroorlog groeide het inzicht dat in de confederatie de minderheid (van katholieke kantons) ook een stem moesten hebben in de federatie, evenals de taalminderheden (Frans en Italiaans, Romaans is in 1938 erkend als vierde taal).

Als federale tegenwicht was de Ständerat ervoor de vertegenwoordiging van de kantons met in totaal 44 zetels voor de vijfentwintig zetels. twee zetels per kanton en een zetel per kanton voor de zes halfkantons. Het nieuwe kanton Jura kreeg in 1979 ook twee zetels, wat het totaal op 46 bracht.

Functioneren

De Ständerat wordt gekozen volgens de kieswet van ieder kanton (tegenwoordig op basis van directe verkiezingen door het abolute meerderheidssysteem (Majorzsystem), behalve in Vaud en Neuchâtel waar een Proportinoneel systeem (verkiezing naar evenredigheid van stemmen, Proporzsystem) is.

Zwitserland kent formeel het militiesysteem (Milizsystem) met halftijds politici. Ook in de Ständerat bestaat echter een tendens naar meer voltijdspolitici, al blijft het nog steeds een miliz-parlement.

Ständerat en Nationalrat

Het unieke aan de Ständerat is de volledige gelijkberechtiging met de Nationalrat: in wetgeving, federaal budget, controle op en benoeming van de regering (Bundesrat) en federaal bestuur, benoeming van federale rechters en andere federale instanties).

De Ständerat is het kantonale tegenhanger van de representatieve vertegenwoordiging van de Nationalrat. Ieder kanton heeft ongeacht religie, aantal inwoners of economie dezelfde stem.

De Ständerat vergadert apart van de Nationalrat (behalve bij het kiezen van de regering, federale rechters/bestuurders en in tijden van oorlog/onrust de opperbevelhebber (generaal) van de strijdkrachten). Beide organen vergaderen driemaandelijks in het Bundeshaus in Bern.

De federale wetten kunnen niet aan de Constitutie worden getoetst door de (hoogste) rechter.

De parlementaire instrumenten van de Ständerat komen in het artikel over de Nationalrat aan de orde, omdat deze identiek zijn.

In beide organen zijn negen commissies die samenwerken met de Bundesrat, experts, departementen en (belangen) organisaties en twee commissies van (financieel) toezicht.

Beide organen kiezen een president en vice-president voor de periode van maximaal een jaar. De consequente keuze in de Zwitserse Constitutie om machtsconcentraties tegen te gaan.

De Ständerat is zelf initiatiefnemer of behandelt als eerst een (wets) voorstel van de Bundesrat (dan is hij de Erstrat) of pas na de Nationalrat (dan is hij de Zweitrat). De presidenten van beide raden stellen hiervoor de agenda op.

De laatste decennia heeft de Ständerat een kleine voorsprong op de Nationalrat genomen en is hij in 55% van de zaken (honderden per jaar) Erstrat.

Beide Raden moeten het volledig over iedere letter en komma eens zijn. Bij onenigheid is er eerst maximaal drie keer een Differenzbereinigungsverfahren. In dit proces proberen leden van beide Raden de onenigheid te overbruggen, wat meestal lukt.

Indien dit niet het geval is, dan komt er een Einigungskonferenz. Dertien leden van iedere Raad bespreken dan de wetgeving of besluit om alsnog tot overeenstemming te komen.

Lukt dit niet, dan is de wetgeving mislukt en komt ze er niet. Lang overleg is noodzakelijk, omdat altijd de directe democratie (facultatief referendum of Volksinitiatief) op de loer licht.

Ständerat en kantons

Van belang is het feit dat leden van de Ständerat stemmen zonder ruggenspraak met de organen van het kanton, maar als zelfstandige leden van een federaal orgaan. Juist op dit punt biedt de in 1993 opgerichte Konferenz der Kantonsregierungen (KvK) in Bern een belangrijke rol.

De klacht was dat de leden van de Ständerat vooral zelfstandige federale politici waren. De kantons hadden daardoor in het federale wetgevingsproces veelal te weinig, te laat en te beperkte invloed.

Deze KvK voldoet uitstekend in deze leemte, waarover in komende artikelen meer.

Positie

De Ständerat neemt tegenwoordig een prominente plaats in bij het wetgevings- en besluitvormingsproces en de controle op en samenwerking met de regering en haar (zeven) departementen (inclusief commissies).

In de politieke machtsverhoudingen speelt de Ständerat tegenwoordig een net zo’n belangrijke en volgens sommigen zelfs een belangrijkere rol dan de Nationalrat. Dit is wel eens anders geweest.

Het politieke belang en prestige blijkt ook uit de leden van de Nationalrat die zitting nemen in de Ständerat, het omgekeerde komt nog nauwelijks voor.

Zoals ieder democratisch systeem heeft ook dit systeem zijn tekortkomingen en lacunes, ook de Ständerat. Na een aanvankelijk ondergeschikte positie ten opzicht van de Nationalrat tot de jaren 1950, heeft hij haar politieke (machts)positie en prestige steeds verder versterkt in de relatie met de regering en de nationalrat.

Als federaal instituut zonder ruggenspraak met de kantons is de band met de kanton en zijn regering en parlement soms te los geweest.

In deze leemte lijkt de KvK te voorzien. Een conclusie is niet omstreden: de Ständerat heeft een onmisbare rol en functie in het parlementaire systeem.

Klooster Werthenstein

In het dorp Werthenstein (kanton Luzern) aan de Emme wijdde de bisschop van Konstanz in 1520 een eerste bedevaartskapel in. Stilistisch was het kerkgebouw gekenmerkt door de overgang van laatgotiek naar renaissance.

Niklaus Ratzenhofer (1600-1649) beschreef het ontstaan van het bedevaartsoord in zijn boek “Kurtze Erzehlung dess Ursprungs und Wunderzeichen des Gotteshauses unser lieben Frawen zu Werdenstein” (1618). Rond 1500 sloeg een Nederlandse goudzoeker zijn kamp op voor de nacht bij de Emme. Daar hoorde hij “Ein gar herrliches, lieblichs und süesses Gesang und er sah einen schönen Glanz von vilen hellen Liechetern (een wonderbaarlijk, lieflijk en zoet gezang en zag hij een prachtige glans van vele heldere lichten)”. Hij hing daarna een afbeelding van Onze Lieve Vrouw (Maria) op.

In de volgende jaren deden steeds meer verhalen over genezingen de ronde en nam de toestroom van pelgrims snel toe. De regering van Luzern besloot daarop een kapel te bouwen, met de kapel van 1520 als resultaat.

Het beroemde Mariabeeld, een uit hout gesneden Pietà, kwam in 1528 naar het bedevaartsoord. Het stond oorspronkelijk in de Frybachkapel bij Huttwil (kanton Bern). Nadat het kanton Bern in 1528 tijdens de reformatie tot het andere geloof was overgegaan, werd het beeld naar Werthenstein gebracht. De bedevaart kende daardoor een grote opleving.

De huidige barokke kerk is ingewijd in 1616. In 1621 wijdde de bisschop van Konstanz vervolgens het nieuwe kruisaltaar en de twee kapellen (Rundkapellen) bij de hoofdingang in. Het kruisaltaar was een gift van de Franse koning Lodewijk XIII (1601-1643). De gebroeders Christoph en Hans Ludwig Pfyffer schonken de twee kapellen.

De gift van de Franse Koning onderstreepte de goede relatie tussen de (katholieke) Kantons van de Eidgenossenschaft op basis van de Eeuwige Vrede van 1516 en de vele Zwitserse huurlingen in Franse dienst.

De bron van de latere “Gnadenbrünnelis” is in 1634 ontdekt. De bron bevindt zich op het pad van de houten brug over de Emme naar de kerk. Over de vele wonderbaarlijke genezingen door het heilzame water van de bron deden al snel vele verhalen de ronde en het  bedevaartsoord werd steeds drukker bezocht.

De Franciscanen namen in 1636 hun intrek in het nieuw gebouwde kloostergebouw. Van de 17e tot het begin van de 18e eeuw beleefde de bedevaart zijn hoogtijdagen met tot 80.000 pelgrims per jaar.

Aan het eind van de 18e eeuw nam de stroom pelgrims echter snel af. Het kanton Luzern hief in 1838 het klooster Werthenstein tenslotte op. Een groot deel van de inrichting werd geveild en de ruimtes werden gebruikt als instelling voor doofstommen.

Tegenwoordig is het klooster een parochie. De zalen worden ook verhuurd voor evenementen en er is overnachtingsmogelijkheid voor pelgrims die de Jakobsweg afleggen.

Het complex is omgeven door watervallen (de Sulzigbachwaterval, de Stäubligbachwaterval en de Bielbachwaterval), de kloostertuin en prachtige wandelpaden.

(Bron en verdere informatie: Klooster Werthenstein)

Fondation Beyeler in Riehen en de stichters Ernst en Hildy Beyeler

In 2022 vierde de Fondation Beyeler in Riehen/Basel haar 25-jarig bestaan. Ernst Beyeler (1921-2010) was samen met zijn vrouw Hildy (1922-2008) een vooraanstaand galeriehouder en bouwde een van ’s werelds belangrijkste collecties moderne kunst op. Deze is sinds 1997 ondergebracht in de Fondation Beyeler in een gebouw dat is ontworpen door Renzo Piano.

Bäumleingasse  9 in Basel, de Galerie (1945-2010) 

Sinds de oprichting in oktober 1997 is het museum uitgegroeid tot een van de meest bezochte kunstmusea in Zwitserland met wereldwijde faam. Ter gelegenheid van haar lustrum presenteerde de Fondation in de loop van het jaar een reeks prachtige tentoonstellingen.

Spalenberg, Bazel, het Sperber-Kollegium en ‘die Ehrespalebärglemer’

Het startschot werd gegeven met een grote overzichtstentoonstelling over “Georgia O’Keeffe” (23  januari- 22 mei) gevolgd door de zomertentoonstelling “Mondriaan” (5 juni – 9 oktober 2022).

De wisselwerking tussen figuratie en abstractie is van bijzonder belang in de moderne kunst. De tentoonstelling Passages – Landschap, figuur en abstractie (12 februari – 14 augustus 2022) illustreerde dit op voorbeeldige wijze aan de hand van topwerken uit het impressionisme, het klassieke modernisme en de hedendaagse kunst.

De Fondation toonde tegelijkertijd de meeslepende beeld-geluidinstallatie Lineage for a Phantom Zone (13 februari – 13 maart 2022) van de Amerikaanse kunstenares Sondra Perry.

Momenteel omvat de collectie van het museum ongeveer 400 werken uit de 19e, 20e en 21e eeuw, waaronder schilderijen, tekeningen, beeldhouwwerken, installaties, foto’s en films.

De Fondation sluit het lustrumjaar af met een tentoonstelling (30 oktober 2022- 8 januari 2023) van de belangrijkste werken uit haar collectie. Er zijn ongeveer 100 werken te zien van 31 kunstenaars – van klassiekers uit de moderne kunst tot recente aanwinsten van hedendaagse kunst.

Het gaat om kunst van onder anderen Vincent van Gogh, Claude Monet, Pablo Picasso, Henri Matisse, Alberto Giacometti, Mark Rothko, Andy Warhol, Louise Bourgeois en anderen worden samengebracht met hedendaagse posities van onder meer Marlene Dumas, Felix Gonzalez-Torres, Tacita Dean en Rachel Whiteread.

De tentoonstelling biedt een unieke gelegenheid om de collectie van de Fondation in al haar indrukwekkende kwaliteit en diepgang te (her)ontdekken.

Joan Miró (1893-1983), Oiseau lunaire, 1966  (Sammlung Beyeler) en Duane Hanson, Kunstenaar met ladder, 1972.

Deze jubileumtentoonstelling wordt verder verrijkt met enkele hyperrealistische sculpturen van de grote Amerikaanse kunstenaar Duane Hanson (1925-1996).

Parallel aan deze collectietentoonstelling toont de Fondation tot slot van het jubileumjaar Palimpsest tot  januari 2023, een tentoonstellingsproject van de Colombiaanse kunstenares Doris Salcedo.

Uitbreiding

De Fondation heeft onlangs het naburige Islein-Weberpark verworven. Deze uitbreiding zal twee parken met elkaar verbinden. Daarnaast zullen drie nieuwe gebouwen, aangepast aan de (dorps)huizen van Riehen, het complex aanvullen: een galerie voor de kunst, een paviljoen voor evenementen en een gebouw voor administratie.

De omvang van de parken verdubbelt en de nieuwe gebouwen zullen weer harmonieus opgaan in de natuurlijke omgeving.

(Bron en verdere informatie: Fondation Beyeler, Riehen)

Mark Rothko (1903-1970). Ohne Titel, 1968, Sammlung Beyeler. Duane Hanson. Altes Paar auf einer Bank, 1994

Henri Rousseau (1844-1910). Der hungrige Löwe wirft sich auf die Antilope (1898-1905). Sammlung Beyeler. Duane Hanson. Spielende Kinder, 1979.

Anselm Kiefer (* 1945). Dein und mein Alter und das Alter der Welt, 1997. Sammlung Beyeler. Duane Hanson, Mittagspause, 1989. 

Paul Cézanne (1839-1906), Madame Cézanne à la chaise jaune, 1888-1890. Sammlung Beyeler. Duane Hanson. Alte Dame auf dem Klappstuhl, 1976.

Plakat der Ausstellung. Vincent van Gogh (1853-1890), Champ aux meules de blé, 1890 (Sammlung Beyeler) und Duane Hanson. Künstler mit Leiter, 1972.

Impressies van het museum complex

 

De tuin

De omgeving

Het Kiesstelsel

Inleiding

Directe demokratie, federalisme en een uniek politiek systeem van direct gekozen leden bij absolute meerderheid van uitvoerende macht (de regering) door het nationale parlement en door de burgers in het kanton en de gemeente zijn de basis van de politieke stabiliteit van het land.

Op alle drie niveaus, gemeente, kanton en federale overheid (Bund/Fédération) geldt bovendien het collegialiteitsprincipe: de regering spreekt met één stem. De regering/het bestuur kan nooit tussentijds worden weggestuurd, de regering kan daarentegen geen vervroegde verkiezingen uitschrijven of het parlement ontbinden.

Het Konkordanzsystem en de Zauberformel van de federale regering betekent, kortweg, dat de zeven leden op basis van een vaste zetelverdeling per partij worden benoemd.

Dit is een weerspiegeling van de politieke krachtsverhoudingen over een langere periode. Een grote verkiezingsoverwinning van een nieuwe partij leidt nooit meteen tot opname in de regering. Eerst moet deze partij zijn stabiliteit en duurzaamheid aantonen.

De zeven zetels worden verdeeld over de vier grootste partijen: 2-2-2-1, waarbij de een soms verliest ten koste van de ander. Het parlement maakt uiteindelijk echter de keuze voor de personen.

Uniek kiessysteem

Van net zo groot belang voor de politieke stabiliteit is echter het kiessysteem. Zwitserland heeft  twee parallelle systemen: het Majorzsystem of de absolute meerderheid van stemmen per kandidaat of het Proporzsystem of de evenredige vertegenwoordiging op basis van het aantal behaalde stemmen van een partij.

De volksvertegenwoordiging in gemeente, kanton of op nationaal niveau wordt in de meeste gevallen (niet alle, zie hieronder) gekozen op basis van de evenredige vertegenwoordiging van het aantal behaalde stemmen per partij.

De senaat (Ständerat/ Conseil des ’États) op nationaal niveau wordt echter gekozen per kanton op basis van het Majorzsystem. Alleen de kantons Jura en Neuchatel hanteren het Proporzsystem. Het gaat om twee zetels per kanton, alleen Basel-Stadt, Basel-Landschaft, Obwalden, Nidwalden, Appenzell Innerrhoden en Appenzell Ausserrhoden hebben één zetel. De senaat heeft 46 zetels.

Het dagelijks bestuur van de gemeentes  en de kantons (meestal 5-7 leden) wordt direct gekozen door de burgers op basis van het Majorzsystem. De (veronderstelde) kwaliteiten van de persoon en niet zijn politieke partij zijn doorslaggevend.

Voordeel

Het gunstige effect van de evenredige vertegenwoordiging is de focus op partijen. Dit biedt een grotere kans om gekozen te worden voor kandidaten. De politieke profilering is sterker. Ook kleinere partijen maken een kans. Het nadeel is dat partijkaders ontstaan die vanzelf wel een keer gekozen worden, als je maar lang genoeg lid blijft.

Bij de Majorzkeuze tussen kandidaten (niet partijen) is deze politieke profilering minder sterk. Het gaat om individuen (die wel aan een partij verbonden zijn) maar zichzelf direct aan de kiezers moeten presenteren. Ze kunnen zich niet achter de partij verschuilen. De band tussen kiezer en kandidaten is veel sterker dan bij anonieme partijen.

Met pure ideologie zijn in het Majorzsystem niet makkelijk meerderheden te halen. Met moet gematigd zijn om ook kiezers van het midden te trekken. Het gaat immers om de absolute meerderheid. Dit impliceert compromisbereidheid, regerings/bestuursbekwaamheid en er wordt ook veelal gekeken naar de consistentie van de politieke loopbaan.

Het garanderen van het politieke midden is het belangrijkste voordeel van dit systeem. Ook voorkomt het versnippering in tal van kleine partijen. Het geeft de regeringen vaak een hoge mate van stabiliteit.

In grote lijnen komt het kiessysteem er dus op neer dat het kantonale parlement op basis van de evenredige vertegenwoordiging wordt gekozen, de kantonale regering door een keuze van de absolute meerderheid per kandidaat.

Het dagelijks bestuur van de gemeentes en de kantons heeft een directe band met de kiezer, in de parlementen is er de band met de partijen.

Kiesdistricten 

De kantons organiseren zelf de verkiezingen voor de senaat, het kantonale parlement en het bestuur. Ze moeten voldoen aan de voorwaarde van Art. 51-1 BV: directe democratische verkiezingen.

De keuze voor de regering van gemeente en kanton van 5 of 7 leden of de 2 (of 1) leden van de senaat per kanton vinden plaats in kiesdistricten.

Het kanton maakt zelf de indeling in de kiesdistricten, waarbij in meertalige kantons ook naar representativiteit wordt gekeken.

Bij de keuze voor de verkiezingen van parlementen geldt vrijwel altijd het proportionele systeem per kiesdistrict.

Echter, een aantal kantons, waaronder Schwyz, Graubünden, Appenzell Ausserrhoden en Appenzell Innerhoden hebben kiesdistricten met een Majorzsystem.

De Hoogste rechter (Bundesgericht/Tribunal fédéral) heeft geoordeeld dat dit in bepaalde gevallen afbreuk doet aan het democratische gehalte. Immers, zoals bijvoorbeeld in het Verenigd Koninkrijk, 40% van de stemmen leidt dan vaak niet tot een vertegenwoordiging in het parlement, omdat de absolute meerderheid geldt. Artikel 51-1 BV stelt dat in dat geval niet is voldaan aan een democratische verkiezing.

Iedere stem heeft dezelfde waarde en moet dus meetellen in het parlement. Om deze reden heeft de hoogste rechter op 26 september 2014 (Appenzell Ausserrhoden) en 26  september (2019 Graubünden) geoordeeld dat het Majorzsystem in enkele kiesdistricten de kiezers niet voldoende vertegenwoordigt.

Een Majorzsystem in een kiesdistrict kan op zich wel, maar alleen onder bepaalde voorwaarden (onder andere weinig inwoners, minder belang politieke partijen).

Graubünden past om deze reden zijn systeem voor de verkiezingen van het parlement (Grosse Rat)  in 2022 aan. Het aangepaste systeem is op 13 juni 2021 in een referendum goedgekeurd.

Conclusie

In hoofdlijnen is het kiessysteem op federaal, kantonaal en gemeentelijk niveau aan de orde gekomen.

Parlementen die op basis van proportionaliteit worden gekozen geven in principe iedere burger een stem die telt. Het doel van een volksvertegenwoordiging.

Dit is anders voor het dagelijkse lokale bestuur in de kantons en gemeenten en in de senaat.  Daar kijkt de kiezer eerst naar de persoon. Het Majorzsystem is hierop gebaseerd, ‘dat de beste moge winnen’. Er bestaat dan een sterke band tussen kiezer en gekozene.

De hoogste rechter houdt er toezicht op dat de kantons niet gaan marchanderen met de kiesdistricten en dat iedere stem telt.

Al met al een goedlopend systeem van directe keuzes voor individuen voor de regering, en via partijen voor het parlement.

Bron: U. Häfelin, W. Haller, H. Keller, D. Thurnherr, Schweizerisches Bundesstaatsrecht, Basel 2020); A. Auer, Staatsrecht der schweizerischen Kantone, Bern, 2016).

Bevers en Wolven in Zwitserland

In sommige kantons, onder andere in Tessin, Wallis en Graubünden, is de wolf het gesprek van de dag en op nationaal niveau zelfs onderwerp van een referendum. De mens heeft eeuwenlang op de wolf gejaagd en ze was tot voor kort uit het land verdwenen.

Sinds enkele jaren is ze echter weer terug van weggeweest. Zoals bekend is de wolf een vleeseter, wat haar populariteit niet verhoogt en in de samenleving tot hoogoplopende discussies leidt.

Ook vegetariërs zorgen echter voor onenigheid en discussie in de samenleving. Een voorbeeld is de bever in Auvernier (gemeente Milvignes, kanton Neuchâtel). De Franse naam castor doet het dier overigens meer eer aan dan bever. Castor ( de wetenschappelijke naam is castor fiber) is afgeleid van het Latijnse woord  castrare, wat snijden betekent.

Met messcherpe en ijzerachtige tanden knaagt hij bomen om. Zijn tanden zijn oranje-geel vanwege het ijzer in het glazuur. De wilg, populier, els, kersenboom en ander zacht hout hebben zijn voorkeur.

In Auvernier aan de oevers van het meer van Neuchâtel verblijven sinds enkele jaren kolonies van bevers, aanvankelijk tot genoegen van de bewoners. Na enkele jaren knagen begint een deel van de bevolking zich echter ongerust te maken over de ontbossing. De bever is een beschermd dier en heeft geen natuurlijke vijanden. Bovendien zijn  er twee geboortegolven per jaar.

Kortom, ook aan de oevers van het meer zijn de gemoederen verhit, zozeer zelfs dat de gemeente een publieke oproep heeft gedaan om tot een vorm van samenleven (cohabitation)  te komen met deze vegetariër.

Laatste Laatste Nieuws van 2022

Het jaar 2022 loopt ten einde, de oorlog en agressie die op 24 februari werden ontketend helaas niet.

Kerstmis is echter een symbool van hoop, licht en bezinning, en biedt ondanks de schaduwzijden van de (Europese) beschaving aanleiding fijne kerstdagen en een gelukkig nieuwjaar te wensen.

In de toekomst kijken kunnen we niet, het verleden kunnen we niet veranderen. Het heden heeft echter de mogelijkheid tot reflectie en het omzetten van woorden in daden.