De Basler Fasnacht 2024

De Basler Fasnacht (19-21 februari) is weer verleden tijd. Maar wat was het weer een magisch, emotioneel en tegelijkertijd vertrouwd moment op maandagmorgen om 04.00 op de Martinsplatz (en andere plaatsen in het centrum).

De weken en dagen voorafgaand, de Vorfasnacht, stonden al in het teken van dit moment. Diverse uitvoeringen in theaters, op scholen, cafés, restaurants en andere etablissementen en organisaties waren de warming-up.

Vele maanden daarvoor waren actieve deelnemers, de Fasnächtler en Fasnächtlerinnen en hun formaties, verenigingen en Cliques, echter al druk bezig met de creatieve, muzikale en organisatorische voorbereidingen. Hun komt alle eer toe van de erkenning als UNESCO-werelderfgoed.

Alleen zij?, Nee ook de honderdduizenden bezoekers, het Fasnachts-Comité, andere Fasnachtverenigingen, het stadsbestuur en de vele vrijwilligers, maken dit grandioze evenement tot een (eeuwenoude) beleving.

De Fasnacht is echter meer dan een evenement in en van Bazel. Het is ook een uiting van een karakteristiek van het land: de menselijke maat, de civil society, creativiteit, terughoudendheid en bescheidenheid.

De enorme drukte in de meest smalle steegjes en zelfs de vele drank in en buiten cafés tot in de vroege morgenuurtjes leiden (tot heden) niet tot ernstige incidenten.

De discipline, respect, plezier en organisatie van tienduizenden deelnemers gaan hand in hand met een intens, maar maatvol genieten, ingetogenheid en dankbaarheid van de honderdduizenden toeschouwers.

Of in de woorden van de hoofdredacteur van de Basler Zeitung:

“De Fasnacht van Bazel is niet alleen cultureel werelderfgoed. Ze is een fenomeen. 72 uur van uitzonderingstoestand, 72 uur van vrolijkheid, gezelligheid, een prachtige sfeer, geen gehaast, geen stress, zelfs niet in de grootste drukte, geen achterdocht en heel weinig agressie. Een stad bevrijdt zich van haar onvrede en wordt een bolwerk van tolerantie en humor. Morgestraich, Cortège, Schnitzelbängg, Kinder-Fasnacht, Guggen-muziek, rondstruinen in de steegjes – alles heeft zijn doel. Niets is te klein of te groot, te oud of te modern. Tradities zijn belangrijk voor een samenleving. Ze versterken de cohesie. En ze verbinden gisteren met morgen”.

(Marcel Rohr, hoofdredacteur van de Basler Zeitung op 22 februari 2024:

Die Basler Fasnacht ist nicht nur Weltkulturerbe. Sie ist ein Phänomen. 72 Stunden Ausnahmezustand, 72 Stunden Fröhlichkeit, Geselligkeit, prächtige Stimmung, keine Hetze, kein Stress, auch nicht im grössten Gedränge, kein Argwohn und nur ganz wenig Aggresivität. Eine Stadt befreit sich von ihrem Missmut und wird zu einer Hochburg von Toleranz und Humor. Morgestraich, Cortège, Schnitzelbängg, Kinder-Fasnacht, Gugge-Zyschtig, Gässle – alles hat seinen Sinn. Nichts ist zu klein oder zu gross, zu alt oder zo modern. Traditionen sind für eine Gesellschaft wichtig. Sie stärken den Zusammenhalt. Und sie verbinden das Gestern mit dem Morgen.

En om 08.00 ’s morgens op 22 februari liggen de (meeste) straten er weer bij alsof het 18 februari is.

Martinsplatz, maandag 19 februari, 03.59

 

Martinsplatz 04.00 en later

Stillevens

 

 

Impressies in de stad

De Laternen (of Street Art)

Hieronder een selectie foto’s van Guido Wasser, fotograaf uit Bazel

Blagedde en thema Fasnacht 2024, Vogelfrei

De internationale week van de Romaanse taal

De vierde editie van de internationale week van de Romaanse taal (Emna rumantscha) in het Zwitserse centrum van Milaan is op 19 februari van start gegaan. Het Zwitserse ministerie van Buitenlandse Zaken (FDFA) organiseert deze week in samenwerking met het kanton Graubünden en Lia Rumantscha.

Het openingsevenement ‘Van woorden naar ideeën: zes Zwitserse en Italiaanse regio’s in dialoog’ (Den Worten Ideen folgen lassen: sechs Regionen der Schweiz und Italiens im Dialog/Des mots aux idées: dialogue entre six régions suisses et italiennes) richtte zich op innovatie en duurzaamheid tussen Zwitserland en Noord-Italië, waarbij mode een prominente rol speelde gezien de gelijktijdigheid met de Milan Fashion Week.

Zwitserland en Italië delen niet alleen drie Europese talen (Italiaans, Duits en Frans), maar ook drie Reto-Romaanse talen (Romaans, Ladinisch en Friuliaans). De inzet van de twee landen om deze diversiteit te behouden is een bron van innovatie. Het is het decor van de vierde Week van de Romaanse taal in het Zwitserse centrum van Milaan.

De week van de Romaanse taal maakt deel uit van een reeks evenementen die het belang van meertaligheid voor de nationale cohesie en het buitenlands beleid van Zwitserland benadrukken.

Deze evenementen omvatten de Dagen van de Meertaligheid en de specifieke Italiaanse (Settimana della lingua italiana nel mondo), Franse (Semaine de la francophonie ) en Duitse (Woche der deutschen Sprache) taalweken.

(Bron en verdere informatie: www.admin.ch)

Een beknopte geschiedenis van Gelterkinden

Gelterich, het huidige dorp Gelterkinden (kanton Basel-Landschaft) is voor het eerst genoemd in een document uit 1103. De Alemannische naam betekent Hof van Geltrich of de familie Geltrichingen; ‘ingen’ is een naam uit de Alemannische periode.

De Thiersteiner van kasteel Farnsburg bestuurden het dorp. Het klooster Sint Alban, het klooster Sint Leonhard, het domkapittel en verschillende wereldlijke heren uit Basel bezaten ook landgoederen in Gelterkinden. In 1461 verwierf de stad Basel Gelterkinden samen met het de bezittingen van Farnsburg.

Gelterkinden bleef in 1832 trouw aan de stad Bazel en riep troepen van Bazel te hulp. Dit leidde tot een aanval op het dorp door troepen van de Landschaft (Gelterkinder Sturm van april 1832). Sinds 1833 maakt het dorp deel uit van het nieuwe kanton Basel-Landschaft.

(Bron en verdere informatie: W. Dettwiler, Gelterkinden, Historisches Lexicon der Schweiz;  Gemeinde Gelterkinden)

Kirche St. Peter, 9e eeuw 

De Arve, Rhône, Mont Blanc en Genève

Op het eerste gezicht hebben de rivieren Arve en Rhône weinig met elkaar gemeen. De Arve ontspringt bij het dorpje Le Tour aan de Frans-Zwitserse grens bij de Col de Balme, dat deel uitmaakt van het Mont Blanc Massief.

De Arve in Chamonix

De rivier stroomt eerst westwaarts en wordt gevoed door de machtige gletsjers van de Glacier du Tour, Argentière, Mer de Glace, Des Bossons en Tête Rousse en talloze beekjes. In Chamonix heeft ze al een respectabel volume om daarna in noordelijke richting naar Genève af te buigen.

De Arve in Carouge (Genève)

De Mont Blanc gezien vanaf Genève

Genève: Neptunes, Arve en Rhône, Mozaïek in de kathedraal

In Genève mondt ze bij het stadsdeel Carouge uit in de Rhône om vervolgens naar het zuiden af te buigen en in de Middellandse ze te eindigen. Het doet enigszins denken aan het verloop van de rivier Le Doubs.

Deze ontspringt in de Franse Jura om daarna in oostelijke richting de Zwitserse Jura in te stromen om na St. Ursanne weer in tegenovergestelde richting te gaan en uit te komen in de Saône, die bij Lyon ook in de Rhône eindigt.

Chamonix

Chamonix (Departement Haute-Savoie) is niet zo maar een plaats, maar de locatie van de Mont Blanc ( 4 808 m), de hoogste berg van Europa (afgezien van de Ebroes in de Kaukasus).

Chamonix is ook de woonplaats van de eerste succesvolle beklimmers van de Mont Blanc: Jacques Balmat (1762-1834) en Michel-Gabriel Paccard (1757-1824). Ze waren de eerste alpinisten die met succes een 4 000er beklommen.

Monument voor Jacques Balmat en Michel-Gabriel Paccard 

Chamonix, monument voor Horace-Bénédicte de Saussure

De wetenschapper, alpinist, botanist en geoloog Horace-Bénédicte de Saussure (1740-1790) was in 1787 de tweede beklimmer van de Mont Blanc. Hij was een burger van Genève, dat toen nog een zelfstandige republiek was. De steen die hij uit wetenschappelijke motieven destijds meenam van de top van de Mont Blanc is te zien in het Teylers museum in Haarlem!

Katholieke kerk van Chamonix, monument voor enkele verongelukte klimmers 

Tegenwoordig halen jaarlijks ongeveer 20 000 toeristen, klimmers is vaak een groot woord, de top. Bovendien is er een kabelbaan die belangstellenden naar de top van de Aiguille du Midi  ( 3842) vervoert.

De Aiguille du Midi

Het verbaast niet dat in eerste instantie Zwitserse ingenieurs met het plan kwamen. Ze hadden al veel ervaring opgedaan met de aanleg van kabelbanen en treinstations, zelfs op 3454 m hoogte (Jungfraujoch). Franse (1927) en later Italiaanse (1955) ondernemers en ingenieurs maakten het traject echter tot wat het nog steeds is.

Deze locatie biedt een geweldig uitzicht op het dal, het Mont Blanc Massief, en de Franse, Zwitserse en Italiaanse alpen. Zelfs de Matterhorn is bij helder weer te zien!

Een andere interessant station per spoor (een tandradbaan) gaat vanaf station Montenvers in Chamonix naar de gletsjer Mer de Glace. De opening van deze route in 1909 was een sensatie en typisch voor de technische vooruitgang in de Belle Époque. Aan de andere kant gaat bovendien een kabelbaan naar de Italiaanse kant van het Mont Blanc Massief.

Locomotief No 8, Winterthur 1922

De tandradbaan van het station Montenvers

De afstand tussen de Matterhorn en de Mont Blanc is hemelsbreed ongeveer 60 kilometer. Wat zich tussen de beroemdste, maar niet hoogste berg van Zwitserland, en de Mont Blanc bevindt is een ander verhaal en komt in een vervolg aan de orde.

La Mer de Glace

 

La Mer de Glace in 1907

La Mer de Glace in 2024

Hoe (goed) kennen het buitenland en expats Zwitserland?

In laatste editie van 2023 van de Neue Zürcher Zeitung am Sonntag stelt de correspondent van de Financial Times de vraag ‘Is Zwitserland sympathiek?'(Ist die Schweiz sympatisch).

Vervolgens noemt hij een aantal voorbeelden van het beeld dat Zwitserland in het buitenland oproept: welvarend geworden door niet opgehaalde Joodse tegoeden en roofgoed, neutraliteit en profiteren van en in Wereldoorlog II, bankgeheim, zwart en crimineel geld, een ‘Amerikaanse’ Grondwet, isolationistisch en zich niet bekommerend om de buitenwereld,  kortom, de gebruikelijke (voor) oordelen en stemmingmakerij.

Bazel, Fasnacht 2024

Hoe goed kent het buitenland Zwitserland?

De titel van zijn artikel is dan ook niet juist. Deze moet luiden ‘Hoe goed kent het buitenland (en deze correspondent) Zwitserland?’. De kennis van deze correspondent is al net zo oppervlakkig, onjuist en tendentieus als het oordeel van vakantiegangers op weg naar hun vakantiebestemming: ‘Bazel is een lelijke stad’.

Ze baseren hun oordeel op tunnels en industriegebieden op hun route, maar nemen niet de moeite de stad te bezoeken. Hetzelfde geldt voor de zelfbenoemde ‘Zwitserland expert’ van de Europese Unie Andreas Schwab. Hij meent dat Zwitserland zich afsluit (Die Schweiz schotte sich ab) van de rest van Europa (hij bedoelt de Europese Unie) vanwege het feit dat een (grote) meerderheid van burgers geen lid wil zijn van deze club.

Bazel

Neutraliteit

Het is tamelijk bizar Zwitzerland de neutraliteit in 1939-1945 kwalijk te nemen. Het land heeft zich altijd verweerd tegen het Duitse Rijk en Italië. Zwitserland was als enig Europees land niet formeel vertegenwoordigd bij de parade op 20 april 1939 (vijftigste verjaardag van de Führer) vanwege de inval van Duitsland in Tsjecho-Slowakije in maart 1939.

De Duits- en Italiaanssprekende Zwitserse burgers waren in overgrote meerderheid tegen een ‘Anschluss’ of ‘Irredentismo’. Ze stemden juist massaal voor meertaligheid, hun directe democratie en hun multiculturele samenleving, zoals bleek bij de aanvaarding van de Reto-Romaanse taal als vierde landstaal in 1938.

Bruine of zwarte partijen hebben nooit een rol van betekenis gespeeld, in tegenstelling tot bijvoorbeeld Nederland, Frankrijk of Roemenië, om maar niet te spreken van Duitsland, Oostenrijk, Hongarije of Italië.

Ondanks de snelle capitulatie van Frankrijk in juni 1940 en omgeven door oppermachtige dictaturen verweerde het land zich en schoot regelmatig Duitse vliegtuigen neer.

Gland, La Villa rose. Foto: Wikipedia

De wil tot verdediging tot het uiterste, onder andere door het Réduit en steun van het volk, was ook voor de dictators duidelijk. De prijs woog niet meer op tegen de voordelen van een neutraal land. Wel bleef de dreiging van een inval altijd aanwezig (operatie Tannenbaum), zoals ook de Duitse inval in Hongarije in maart 1944 aantoonde.

Einsiedeln, Kanton Schwyz, ‘Toblerones’

Zwitserland moest wel compromissen aangaan, onder andere handel drijven met de vijand, zoals alle (neutrale en bezette) landen dat overigens deden, Frankrijk (Vichy), Sowjet-Unie (tot 22 juni 1941 een trouwe en net zo’n agressieve bondgenoot van Duitsland), Zweden en Finland (tot 1944 een bondgenoot van Duitsland) voorop.

Het beperken van toegang voor  (Joodse) vluchtelingen voor en tijdens de oorlog is een zwarte bladzijde, maar ook hier was Zwitserland geen uitzondering maar de regel. Amerika, Nederland, Canada of het Verenigd Koninkrijk hadden tot 1940 hetzelfde beleid. Zwitserland heeft relatief toch veel (Joodse) vluchtelingen opgenomen vanaf 1933.

De neutraliteit is bovendien al in 1648 (Vrede Westfalen) aanvaard. Ten tijde van het Congres van Wenen (1815) kreeg de nieuwe Confederatie haar beloning voor haar onverzettelijkheid en (militaire) waarde als neutraal land. Als enig bezet gebied moest Napoleon zijn ambities van een eenheidstaat (de Helvetische Republiek 1798-1803) naar Frans model opgeven door het verzet van de kantons! De Confederatie van soevereine kantons werd weer hersteld en was de basis voor de nieuwe Confederatie in 1815.

Foto:Franzoseneinfall in Nidwalden, www.franzoseneinfall.ch

Deze neutraliteit is niet in beton gegoten en is al twee eeuwen onderwerp van aanpassing aan nieuwe omstandigheden (lid VN en samenwerking met NAVO). Het is dan ook niet ‘schandalig’ (deze correspondent), dat het land geen tanks naar oorlogvoerende landen (in) direct uitvoert. Hij negeert ook de huidige politieke en publieke discussies en (voorgestelde) veranderingen over dit onderwerp.

Het land heeft nooit wat beloofd, dan kan het ook geen teleurstelling of ‘schandalig’ zijn. De Europese Unie, Duitsland, Frankrijk en Nederland handelen daarentegen ‘schandalig’ en komen beloftes en (NAVO) afspraken niet na.

Bankgeheim

Het oude bankgeheim is niet ontstaan om zwart of crimineel geld van buitenlanders te herbergen, maar vanwege privacy gevoeligheid van de zeer discrete Zwitsers. Daar is met name na 1945 massaal misbruik van gemaakt door het buitenland, waar de belastingmoraal aanzienlijk slechter is.  Zwitserse bankiers zijn geen haar beter of slechter dan bankiers in andere landen en hebben gebruik gemaakt van de mogelijkheid en het grote aanbod.

Dit geldt ook voor niet opgehaalde Joodse tegoeden. Joodse overlevenden konden na de oorlog hun geld of goederen zonder probleem opnemen of ophalen. De familie van Anne Frank vestigde zich al in 1929 in Bazel en haar vader in 1945. Het is in Bazel dat het Anne Frank Fonds is opgericht en het dagboek zijn leven ging leiden.

Opekta en het Merwedeplein in Amsterdam, waar de Familie Frank vanaf eind  1933 tot 6 juli 1942 woonde. Foto: TES. Tentoonstelling Anne Frank und die Schweiz. Nationalmuseum Zürich

Het probleem lag bij het kleine aantal Joodse overlevenden en dus bevoegden. Meestal waren er geen directe erfgenamen en verder wist vaak niemand dat er een bankrekening of (gestolen) kunst was. Banken zijn hierarchisch, bureaucratisch en formeel en zonder tekenbevoegden of erkende ergenamen was er geen toegang tot de rekeningen of kluizen.

Het werd pas actueel door het actief opsporen van veelal zeer indirecte erfgenamen door veelal op provisie en geld beluste advocaten. Deze vaak zeer verre erfgenamen wisten zelf meestal niets van deze familieleden, dat geldt ook voor de restitutie van  goederen.

Dat directe familieleden recht hebben is duidelijk. Dat zeer indirecte familieleden en hun advocaten vooral op eigen gewin uit waren en niet op gerechtigheid, blijkt ook uit het feit dat slechts weinigen kostbare kunst of hun ‘erfenis’ aan musea of goede doelen hebben geschonken.

Uiteraard zijn er ook kwesties, zoals geroofd goud van andere landen, andere roofkunst of bijvoorbeeld de “J” in paspoorten na 1938. De omgang had anders gekund en gemoeten. Maar het is achteraf en zonder dreiging van dictaturen  makkelijk en anachronistisch praten en (ver) oordelen.

De Engelse correspondent schetst echter uitsluitend deze stereotypen en morele (voor) oordelen zonder historische, juridische en sociale context.

Zwitserse kringen

In Zwitserse academische en (zelfbenoemde) intellectuele kringen is het vaak ook bon ton het land als middeleeuws, isolationistisch en egoïstisch voor te stellen. Boeken hebben ze al volgeschreven over het ‘achterlijke’ Willem Tell verhaal, het ontstaan van Zwitserland dankzij Europese grootmachten of de afwijzing van de Europese Unie.

Alsof academici in andere landen Romulus en Remus, het kruis van Constatijn, de Kenau van Haarlem, de godin Athena of de revolutionaire Marianne aan de orde stellen. Het is niet relevant of Willem Tell heeft bestaan of niet. Het mooie (mythische) verhaal symboliseert de tijdsgeest rond 1300 in deze regio.

Stadhuis van Fribourg/Freiburg en het Eeuwige Vrede Verdrag met Frankrijk, 1516

Feit is de historische ontwikkeling  van de Confederatie of Eidgenossenschaft van Orte (vanaf de 16e eeuw ook kantons genoemd) vanaf de dertiende eeuw. Het militaire en politieke prestige na de vele overwinningen op machtige Habsburgers (1315-1499), Bourgondiërs (1476-1477)  en hertogen van Savoie (1536) was groot.

Zonder de Eidgenossenschaft was er waarschijnlijk een koninkrijk Bourgondië en geen koninkrijk Frankrijk in 1500. Frankrijk had de Eidgenossenschaft nodig na 1516 vanwege de kwaliteit van haar soldaten, verkeerswegen, (textiel) industrie en handel.

Kosmopolitisch

Zwitserland heeft zich bovendien na 1848 door innovatie, onderwijs, industrie, handel, openheid, ondernemerschap en het ontwikkelen van een federale, decentrale, multiculturele en sociale rechtstaat tot een unieke directe ‘miliz’ democratie en welvaarststaat ontwikkeld.

Dat heeft niets te maken met een Grondwet naar Amerikaans model, wat deze Correspondent ten onrechte beweert. Hij baseert zich uitsluitend op de Senaat (Ständerat)  die inderdaad op het Amerikaanse model is gebaseerd, maar so what! Het toont vooral het kosmopolitische en open karakter van het land.

Bovendien ligt het land al vanaf de Keltische en Romeinse tijd midden in Europa en is het altijd internationaal georiënteerd geweest met belangstelling voor andere culturen, handel, kunst en wetenschap.

Bazel, Haus zur Mücke, Europa’s eerste museum

Misschien kan deze correspondent publicaties (ook in het Engels beschikbaar)  lezen over het eeuwenoude wereldburgerschap van handelaren en ondernemers in onder andere textiel, horlogerie,  grondstoffen, levensmiddelen, keramiek, financiële sector, machinebouw, scheepvaartondernemers, schoenen, haarkammen of bijvoorbeeld chocolade.

De talloze soldaten, politieke adviseurs, ‘Zuckerbäcker’, wetenschappers, studenten, kunstenaars, architecten en andere beroepen blijven dan nog buiten beschouwing. Dit innovatieve en nieuwsgierige land  heeft dan ook tegenwoordig relatief een van de hoogste aantallen patenten wereldwijd.

Het Mont Terri Rock Laboratory

Vluchtelingen en multicultureel

Dat Zwitsers in ‘exil leven in hun eigen land’ en zich niets aan trekken van ellende in andere landen is ook een gotspe (Die Schweizer leben, ohne es zu bemerken, in einer Art Exil. Sie sind betäubt, unempfindlich gegenüber den problemen der Welt. Die Psychologie des Exils).

Het Rode Kruis en andere (huidige) hulpverlening, de eerste internationale arbitrage in Genève in 1869, Bourbaki of Straatsburg in 1871, de Mission in Bazel, Franse militairen in 1914-1918, Hugenoten en andere religieus vervolgden in de 16e en 17e eeuw, Lord Byron, Edward Gibbon, Erasmus, Rousseau, Hortense de Beauharnais, Calvijn, Madame de Staël, Charly Chaplin, Rilke, Kirchner, Franse,  Italiaanse, Duitse en Russische politieke vluchtelingen in de 19e eeuw, Dada, Eugen von Habsburg of bijvoorbeeld ’s werelds eerste (volkenkundige) musea vertellen een ander verhaal. Nog steeds neemt Zwitserland relatief veel vluchtelingen op in een relatief goed opvang- en integratiesysteem.

George Kuhnt, Konditorei Barth & Cloetta, Breslau, c. 1854. Ausstellung ‘Die Bünder Auswanderungsgeschichte von Zuckerbäckern’.

Dagelijks reizen bijna 400 000 Fransen, Italianen en Duitsers uit de (verarmde) Europese Unie naar het kleine Zwitserland voor een goed betaalde baan, honderdduizenden anderen wonen en werken er permanent.

Een zeer groot deel van de inwoners heeft een niet-Zwitserse achtergrond, maar de integratie verloopt relatief goed. De eeuwenoude samenwerking met en tussen verschillende regio’s, talen en contacten met het buitenland dragen daar ook toe bij. De diversiteit van de eeuwenoude bisdommen is een indicatie voor het multiculturele karakter van het land.

Conclusie

De correspondent, Sam Jones is zijn naam, is geen karikatuur van een correspondent of journalist. Hij symboliseert het niveau en de opleiding, betrokkenheid en activisme van de huidige generatie journalisten en hun media. Het buitenland heeft met name deze bronnen tot zijn beschikking en expats verdiepen zich veelal niet in het land.

Ook het drama van Credit Suisse past in dit rijtje. Met name Amerikaanse en Britse financiële avonturiers met de naam CEO en CFO, als het al geen criminelen of oplichters zijn, hebben de ondergang ingeluid, met een slapende of naïeve Raad van Commissarissen en aandeelhouders, die mee wilden doen met de grote financiële jongens, die echter een andere moraal en wetten hebben.

Bazel, Fasnacht 2024

Hopelijk is dit een Marignano-moment (de nederlaag van de dan overmoedige Confederatie in 1515) voor deze sector.

Zwitserland is, helaas, geen paradijs, noch een eiland en haar burgers zijn niet beter of slechter dan elders. Zwitserland is echter een oase van directe democratie, civil society, Europa’s beste krant en gezond verstand in een vaak in diverse opzichten niet comfortabele Europese Unie. Of, in de woorden van de schrijver Sándor Márai (1900-1989):

“Het wonderschone Zwitserland was zichzelf gebleven. En zichzelf blijven is tenslotte net zo heldhaftig als panisch zoeken naar de waarheid. Sommige zaken kunnen alleen in  hoger beroep gewonnen worden, en dit kleine eilandje in Europa hield in de afgelopen eeuw koppig en consequent vast aan het winnen van een zaak in hoger beroep. Het land hoeft zich niet te schamen geen deel te hebben genomen (aan WWII). Het is voldoende dat ik me schaam dat ik erbij was en niets kon doen.  Schaam je niet dat je de rotsige grenzen van het kleine landje bewaakt, waar een volk ‘nee’ heeft durven zeggen, met alle gevolgen van dien.

En je hoeft je ook niet te schamen dat je in het kapitalisme leeft, want dit systeem functioneert vooralsnog op een manier die kennelijk tot tevredenheid stemt: waar je ook kijkt doen goedbetaalde mensen werk en iedereen blijft van andermans eigendom af”.  (Sándor Márai, Land, Land!…, Amsterdam 2002).

Grondwet van de Zwitserse Confederatie, Bern, 12.9.1848. Kopie in de tentoonstelling ‘Zum Geburtstag viel Recht. 175 Jahre Bundesverfassung’, Landesmuseum Zürich. Het origineel bevindt zich in het Federaal Archief in Bern. 

Reigoldswil, Regio Wasserfallen, Luftseilbahn, Molens en Rifenstein

De eerste bekende bezitters van het dorp Reigoldswil (kanton Basel-Landschaft) waren de heren van Frohburg. De naam Rigoltswire (gehucht Rigolt) is voor het eerst vermeld in 1152.

In 1366 ging het dorp over naar de bisschop van Basel. Van 1400 tot 1798 viel het dorp onder de de heerschappij van stad en kanton Bazel. Kasteel Rifenstein was bewoond van 1200 tot het midden van de 14e eeuw, waarna het in verval raakte.

Tijdens de jaren van de scheiding van het kanton Bazel (1832-1833) bleef Reigoldswil aanvankelijk aan de kant van de stad staan. Om Reigoldswil te steunen, marcheerden troepen van Bazel op 3 augustus, tevergeefs, het dorp binnen.

Op 26 augustus 1833 werd tot de afscheiding besloten bij een resolutie van de Tagsatzung, de bijeenkomst van afgevaardigen van de kantons, en ook Reigoldswil ging deel uitmaken van het nieuwe kanton Basel-Landschaft.

De gondellift Reigoldswil-Wasserfallen is in 1956 in gebruik genomen.

Het gebouw rechts was eind 19e eeuw het kantoor voor de Wasserfallenbahn van de Schweizerische Zentralbahn. Deze spoorlijn moest Liestal met Olten verbinden. Er was echter geen geld om de tunnel te bouwen en de spoorweg aan te leggen. Het gebouw werd vervolgens een zagerij, de Äussere Säge.

De zagerij is tot 1943 aangedreven door een waterrad. Twee andere zagen en twee molens in het kleine dorp werden ook aangedreven door waterraderen! Het waterrad of de foto is een replica uit 1991, maar levert nog steeds elektriciteit voor het publieke netwerk van Elektra Reigoldswil.

(Bron: www.reigoldswil.ch).

Het jagerspaadje (Das Jägerswägli)

 

De Regio Wasserfallen, nomen est omen

Salvan, Marconi en de Titanic

Zoals bekend grenst Zwitserland niet aan zee, hoewel het land 20 miljoen jaar geleden nog aan en in zee lag. Toch heeft het kleine bergdorp Salvan (kanton Wallis) zijn eigen maritieme geschiedenis.

De Titanic, het grootste en meest luxueuze passagierschip van zijn tijd, botste op 14 april 1912 op een ijsberg tijdens haar reis van Southampton naar New York. Ook Alexis Bochatay (1881-1912) uit Salvan was aan boord als kok. Hij overleefde het niet.

Een andere gebeurtenis, die 17 jaar eerder in Salvan plaats vond, was ook voor de  Titanic van belang. Alexis Bochatay heeft het niet geholpen, maar talloze schipbreukelingen zijn gered door SOS-signalen van schepen in nood. Ook de Titanic verzond dit signaal en ongeveer 700 opvarenden konden alsnog worden gered.

Deze tragedie benadrukte de humanitaire rol van de telegrafie. Dankzij de uitvinding van de Italiaan Guglielmo Marconi (1874-1937) kon de Titanic noodberichten versturen: SOS (Save Our Souls) en andere morsecodes.

Op de kolossale zwerfkei Pierre Bergère zond Marconi in de zomer van 1895 de eerste telegrafische berichten. Na vele pogingen lukte het uiteindelijk, eerst 5, dan 100 en vervolgens over honderden meters.  De telegrafie was geboren, in Salvan!

Het Marconipad (Sentier Marconi) en het Marconimuseum (musée Marconi) in Salvan tonen de experimenten van de Nobelprijswinnaar.

(Bron en verdere informatie: Gemeente Salvan)

Het huis (rechts) waar Marconi in de zomer van 1895 woonde.

Het nieuwe Themapark Barryland in Martigny

Het leggen van de eerste steen gisteren, 30 januari 2024, markeert de start van de bouwwerkzaamheden aan het toekomstige Barryland Themapark (Parc thématique Barryland) in Martigny (kanton Wallis). Ter gelegenheid hiervan is een tijdcapsule in het beton geplaatst als symbolisch gebaar voor toekomstige generaties.

Afbeelding: Bureau d’architecture GAME, Martigny

De Barry Stichting (Fondation Barry) wil het nieuwe park van 20.000 m2 in de zomer van 2025 openen. In augustus 2023 begonnen de bouwwerkzaamheden om een aantal voorbereidende fasen uit te voeren, voordat in september de definitieve bouwvergunning is verkregen.

De werkzaamheden aan de funderingen naderen nu hun voltooiing en de betonnen muren van het centrale gebouw van het museum zullen binnenkort worden opgetrokken.

Beeld: Bureau d’architecture GAME, Martigny

Het gebouw is ontworpen in de oorspronkelijke vorm van een pootafdruk van een St. Bernhard door GAME architecten in Martigny. Bezoekers van het 20.000 m2 grote park zullen alles te weten komen over deze mensenvriend en sociale viervoeter, van de geschiedenis, mythes en legendes rond zijn 300-jarige geschiedenis tot de speciale kenmerken van zijn karakter.

Het Barryland Themapark is een project van de Barry Stichting, die in 2005 de legendarische fokkerij van Sint-Bernardshonden overnam van de Congrégation des chanoines de l’Hospice du Grand-St-Bernard.

Haar missie is om het fokken van dit ras van meer dan driehonderd jaar oud is voort te zetten en de St. Bernhard hond in al zijn facetten aan het publiek te presenteren.

(Bron en verdere informatie: Fondation Barry)

Het viertalige Zwitserland in beeld door historiaHelvetica

De website historiaHelvetica.ch is een nieuw viertalig initiatief, dat documenten publiceert  van vier geschiedenisplatforms: notreHistoire.ch (Frans), lanostraStoria.ch (Italiaans), nossaistorgia.ch (Reto-Romaans) en unsereGeschichte.ch (Duits).

Het portaal brengt het beste van de foto’s, video’s en audioarchieven samen die door het publiek en instellingen in de vier taalgebieden van het land zijn gepubliceerd. De inhoud, geselecteerd door regionale uitgevers, biedt een uniek panorama van het dagelijks leven in Zwitserland gedurende meer dan een eeuw.

De site is een eerste stap in de gewenste toenadering tussen de vier bovengenoemde platforms. Het portaal is meertalig van opzet en creëert een unieke digitale ruimte waar de audiovisuele archieven van meer dan een eeuw worden samengebracht. Een nieuwsbrief informeert over de nieuwe publicaties op de website.

(Bron en verdere informatie: www.historiaHelvetica.ch)

De Rijn en zijn Romeinse bruggen bij Augusta Raurica

Vanaf  80 na Christus hoorden delen van het gebied op de rechteroever van de Rijn ook tot het Romeinse Rijk. Het wegennet speelde een beslissende rol in de overheersing en het bestuur van het rijk, de militaire transporten en de handel. Er was een uitgebreid en goed functionerend netwerk voor de postbezorging.

Ongeveer 80.000 kilometer aan lange-afstandswegen (!) maakten dit mogelijk. Naast de verharde lange-afstandswegen, die tot zeven meter breed waren, waren er ook talrijke regionale wegen. De meesterwerken van de civiele ingenieurs waren echter de bruggen en aquaducten die valleien en rivieren overspanden.

De verschillende Rijnbruggen van Augusta Raurica (Kaiseraugst) over de rechteroever van de Rijn waren van groot belang. Augusta Raurica, met ruim 20.000 inwoners, lag op het kruispunt van twee wegen en had dus een belangrijke betekenis.

Hier kruisten de west-oost verbinding van Basilea (Bazel) naar Vindonissia (Windisch) en de weg vanuit het zuiden in de richting van Aventicum (Avenches) naar het noorden.

De oudste brug lag bij het huidige dorp Kaiseraugst. De twee andere bruggen waren de benedenbrug en de middenbrug bij Gewerth Island.

Tegenwoordig, na de stuwdam en het afdammen van de Rijn in 1912, herinnert weinig meer aan deze eens zo belangrijke bruggen.

(Bron: Museum für römische Alltagskultur, Grenzach).