De Ronmühle in Schötz

De 400 jaar oude Ronmühle (Molen) in Schötz (Kanton Luzern) herbergt de ongeveer 7000 voorwerpen van de verzamelaar Paul Würsch, die in 2002 overleed.

In de oude molen vindt u voorwerpen die het leven van gewone mensen in het achterland van Luzern vele generaties hebben bepaald.

De collectie is ondergebracht in verschillende zalen van het historische molengebouw. Zo is er een woonkamer, een slaapkamer, een schoollokaal, een keuken, een werkplaats en twee kamers met religieuze voorwerpen.

In de zalen bevinden zich verder magische voorwerpen, curiosa, werktuigen en voorwerpen uit het dagelijks leven uit verschillende eeuwen. De vereniging ” Freunde der Ronmühle” (Vrienden van de Ron-molen) heeft tot doel de collectie en de molen toegankelijk te houden voor het publiek en de geschiedenis en cultuur ervan vast te leggen.

(Nadere informatie: Museum zur Ronmühle, www.ronmuehle.ch).

De abdij Pfäfers

De abdij van Pfäfers (Sankt Gallen) was in de Middeleeuwen het belangrijkste culturele en spirituele centrum in de regio.

Het klooster is rond 740 gesticht en bezat grond, bezittingen en rechten in Liechtenstein, het Sarganserland en Graubünden. Een grote crisis deed zich voor tijdens de Reformatie. Het klooster slaagde er echter geleidelijk in een eerste en tweede gouden tijd in de 17e en 18e eeuw te bewerkstelligen.

Met het einde van de oude Confederatie in 1798 kwam er nogmaals een crisis waarvan het klooster nooit hersteld is. In 1838 besloot de Grote Raad van het (nieuwe) kanton St. Gallen tot sluiting van het klooster en legde beslag op de bezittingen. Rond 1850 is in het klooster een psychiatrische kliniek gevestigd.

(Bron: Historsiches Lexikon der Schweiz, Pfäfers (Kloster) (hls-dhs-dss.ch).

St. Mauritius kerk Appenzell

De eerste kerk van St. Mauritius in Appenzell (Kanton Appenzell Innerrhoden) werd waarschijnlijk gebouwd rond 1068-1071. De tweede kerk werd rond 1291-1300 op dezelfde plaats gebouwd.

Van 1488-1513 werd de derde kerk gebouwd met de benedenkerk en de machtige toren en het laatgotische koor die er nu nog staan. Het schip werd in 1826 volledig vernieuwd. In 1890-1892 werd het interieur ingrijpend verbouwd en in 1917 volgde nog een uitwendige renovatie.

De laatste grote renovatie van het interieur vond plaats in 1969-1971. De buitenkant van de kerk werd in 1995/1996 gerestaureerd.

(Bron: www.appenzell.ch).

De eerste drukkerij van Engadin

In dit huis in het protestantse (sinds 1530) Scuol stichtte Jachen Andri Dorta in 1660 de eerste drukpers van het Engadin.

Er verschenen veel Romaanse boeken en andere geschriften en in 1679 de “Heilige Bijbel” in de Romaanse taal (Bibla da Scuol), vertaald door de predikanten Jacob Dorta en Jachen Tönet Vulpius. La Gazetta ordinaria da Scuol, gedrukt door de drukkerij, was de eerste krant in Graubünden.

Nadat de druk van de Bijbel in Scuol was voltooid, nam de drukker Nuot Cla Janett zijn houten drukpers mee naar Tschlin en verhuisde de Stamparia (drukkerij) daarna in 1689 naar Strada. Het origineel van de pers bevindt zich in het Rhätische Museum in Chur. Het museum in Strada is gehuisvest in de Stamparia.

De drukkerij in Scuol ging echter door tot de sluiting in 1881. Sindsdien is het een woonhuis. De heraldiek boven de ingang aan de rechterzijde herinnert nog aan de drukkerij, die er ruim tweehonderd jaar was gehuisvest.

(Bron: www.museumscuol.ch, Museum d’Engiadina bassa).

Stamparia Museum

Stuwmeer van Albigna

De eerste plannen voor het gebruik van waterkracht in het steile dal van Bergell (kanton Graubünden) werden al in de 19e eeuw gemaakt.

De overstromingen in deze streek in 1927 leidden tot de idee van een stuwmeer en dam. In 1955 begon de elektriciteitsmaatschappij van de stad Zürich met de bouw.

Onder de dam werd een dorp met barakken gebouwd om de arbeiders te huisvesten. Omdat er geen weg naar de Albigna Alp kon worden aangelegd, werden er drie kabelbanen gebouwd om toegang tot de bouwplaats te verschaffen. Eén kabelbaan is ook vandaag toegankelijk voor het publiek.

Sinds de voltooiing van de bouwwerkzaamheden in 1959 doet de Lägh da l’Albigna dienst als kunstmatig waterreservoir voor de elektriciteitsproductie. De waterkrachtcentrales staan in Löbbia en Castasegna.

(Bron: Kasteel Belvedere, Pro Natura).

8. Triennale Bad Ragaz

Een van ’s werelds grootste exposities in de buitenlucht vindt dit jaar weer plaats in Bad Ragaz en het dorp Valens in het Taminadal (kanton St. Gallen).

Ruim 400 beeldhouwwerken van 83 kunstenaars uit 16 landen zijn te zien. Het festival vindt iedere drie jaar plaats in de bebouwde kom en in de vrije natuur.

In Bad Ragaz is tegelijkertijd ook het festival van de kleine sculptuur.

(Verdere informatie: ww.wbadragartz.ch/triennale-2021).

Cursus Vallader-Romaans in Scuol

De cursus Vallader-Romaans is op 19 juli in Scuol (kanton Graubünden) begonnen met een bijzondere cursist: de minister (Bundesrat) van Buitenlandse Zaken (Eidgenössiches Departement für auswärtige Angelegenheiten) Ignazio Cassis zat om 08.30 ook in de schoolbanken.

Hoewel zijn werk alleen deelname op deze dag toeliet, was zijn enthousiasme (en van zijn aanwezige vrouw), er niet minder om.

De Lia Rumantscha, de organisator van deze cursus, telde ook dit jaar weer veel meer dan honderd deelnemers. De minister merkte dan ook terecht op dat het Romaans (en wel de vijf dialecten) zich in Zwitserland (en het buitenland) en in de Romaanse regio’s zich op een steeds grotere belangstelling mogen verheugen. De minister is bovendien een van de initiatiefnemers van de jaarlijkse Week van de Romaanse taal (Eivna rumantscha).

De minister benadrukte dat de (financiële) federale betrokkenheid en steun niet wordt ingegeven door economische motieven. Het grootste belang is de identiteit van de Romaansprekende regio en het federale Zwitserse model.

Het koesteren van de diversiteit, respect voor andere talen en culturen en het functioneren van de multiculturele samenleving is de bouwsteen van meertalig Zwitserland. Het verklaart ook deels het succes van Zwitserland als bemiddelaar in internationale conflicten.

Dertig jaar geleden was er op nationaal niveau nauwelijks belangstelling (en dus geld) beschikbaar voor het steunen en het ontwikkelen van de Romaanse taal en cultuur. Ook Romaans-sprekende  inwoners verloren hun betrokkenheid vanwege nieuwe media, toerisme en bedrijven uit andere regio’s.

Jonge mensen verlieten de regio vanwege studie of werk en kwamen vaak niet terug. Maar ook bij deze groep winnen de Romaanse taal en cultuur snel aan aanzien en status.

Tegenwoordig zingen, spelen en spreken de kinderen weer als vanzelfsprekend Romaans in de straten, thuis en op school van de dorpen en is het voor oudere inwoners (weer) een identiteit om trots op te zijn.

En met reden. Het Romaans is een van de oudste nog levende talen van Europa en een directe afstammeling van (vulgair) Latijn en de Raetische voorgangers. Bovendien is het een mooie, melodieuze taal, wat goed aansluit bij het muzikale niveau en karakter van de regio.

(Verdere informatie: www.liarumantscha.ch).

De Planta dynastie en chesa Poult in Zuoz

Na de val van het Romeinse Rijk kwam Engadin rond het jaar 500 onder de heerschappij van de Ostrogoten. In 539 kregen de Franken controle over deze regio.

De eerste vermelding van Zuoz dateert uit 843. De naam Zuoz is waarschijnlijk verwant met suot (onder in het Romaans). Rond het jaar 1000 bezat de bisschop van Chur talrijke rechten en landgoederen in het Oberengadin.

Zuoz was het centrum van deze heerschappij. De Plantas waren de machtigste en meest vooraanstaande familie. De bisschop van Chur verleende Andreas Planta het kanselierschap in 1244.

San Luzi wordt in 1139 in documenten genoemd als een van de belangrijkste kerken van het Oberengadin. De woontoren was de residentie van de Plantas.

Chesa Poult

Het kubusvormige gebouw is gebouwd voor een familie die rijk was geworden door huurlingen te rekruteren. De familie Poult kocht het huis in 1757 en breidde het in 1766 verder uit.

Het is een kubusvormig gebouw met een inspringend middendeel dat een binnenplaats vormt, een woontoren omsluit en wordt bekroond met een sierlijke puntgevel. Binnen zijn er salons met lambriseringen en rococo stucwerk.

(Bron: Gesellschaft für Schweizerische Kunstgeschichte, Kunstführer durch die Schweiz, Band 2, Bern 2005).

Kapel San Bastiaun. De romaanse kapel is in de 13e eeuw gebouwd en was na de Reformatie (1554) niet langer als gebedshuis in gebruik.

De kerk van San Luzi is, naast St. Mauritius in St. Moritz en San Peter in Samedan, een van de drie oudste dal- en doopkerken van het Engadin. De kerk werd in 1200 in romaanse stijl gebouwd. In 1507 is de kerk in de laatgotische stijl uitgebreid. Nadat Zuoz in 1554 tot het gereformeerde geloof was overgestapt, werd San Luzi een protestantse kerk. Bezienswaardig zijn in het bijzonder de glas-in-loodramen van Augusto Giacometti en Giuseppe Scartazzini en de werken van Constant Konz en Gian Casty.

De Planta-Turm (13e eeuw)

Kulturarchiv Oberengadin

De meren van Oberengadin

Kristalheldere en diepblauwe meren in het landschap van het Oberengadin zijn nauwelijks te beschrijven schoonheden. Je moet ze gewoon zien. Water en land raken en overlappen elkaar in de oeverzone.

Dit is waar de grootste rijkdom aan leven in deze meren te vinden is. Nergens anders is de verscheidenheid aan soorten zo groot. Maar veel van het leven speelt zich in het in het onzichtbare af.

Riviergedeelten die van tijd tot tijd overstroomd zijn, worden in het Romaans ‘auen’  genoemd. Ongeveer 85% van alle inheemse diersoorten leven hier. De meest voorkomende dieren in deze uiterwaarden zijn insecten.

(Bron, Pro Natura, Maloja).

Het Frey-Grynäische Instituut en de historische Bibliotheek

In 1747 richtte de theologieprofessor Johann Frey (1684-1759) ter nagedachtenis aan zijn vriend en collega Johannes Grynaeus (1705-1744) het Frey- Grynäische Instituut ter bevordering van de theologie en de aangrenzende wetenschappen op (das Frey- Grynäische Institut zur Förderung von Theologie und benachbarter Wissenschaften).

De belangrijkste schat van dit Instituut in Bazel is de historische bibliotheek. De collectie telt duizenden boeken en manuscripten vanaf het begin van de boekdrukkunst in de vijftiende eeuw tot in de 19e eeuw.

De aandacht gaat vooral uit naar theologie, oriëntaalse studies en Engelse studies. Talrijke boeken werden in Bazel gedrukt en getuigen van de grote geschiedenis van de boekdrukkunst in deze stad. (zie ook het fraaie museum die Basler Papiermühle, www.papiermuseum.ch).

Terwijl de meeste bibliotheken in de negentiende en twintigste eeuw zijn geïntegreerd in grote instellingen, is deze bibliotheek bewaard gebleven en uitstekend gedocumenteerd. Het is dus een unieke getuigenis van de geschiedenis van de wetenschap in de 18e eeuw.

(Bron: www.freygrynaeum.unibas.ch).