Das Judengässli zwischen Allschwil und Hegenheim. Foto/Photo: TES

De Judengässli Allschwil-Hégenheim symboliseert de regionale Joodse geschiedenis

Het mooie dorp Allschwil (kanton Basel-Landschaft) ligt aan de grens met de Sundgau (Elzas). Dagelijks steken tienduizenden Fransen (de frontaliers) deze grens over vanwege een goedbetaalde baan in het noordwesten van Zwitserland, afgezien van honderdduizenden die om deze reden in dit land wonen en werken. In heel Zwitserland bedraagt het aantal van deze ‘grensoverstekers’ ongeveer 400 000 mensen! Zwitserland is de grootste werkgever van de omliggende EU-regio’s.

Allschwil

De stad Bazel is al eeuwenlang een industriële-, handels- en universiteitsstad en de hoofdstad van het humanisme in de 16e eeuw, zoals Genève de hoofdstad van het Calvinisme was. En eeuwenlang trokken ‘frontaliers’ dagelijks de grens over in de regio Bazel. Een bijzondere groep vormde de Joodse bevolking in de Sundgau, een zuidelijke regio van de Elzas.

Bazel

De Joodse inwoners van Bazel mochten na de pogrom van 1349 en een korte tolerantie rond 1400 vanaf 1405 niet meer in de stad wonen. Velen emigreerden naar omliggende dorpen en naar de nabijgelegen Elzas, maar werkten vaak nog wel in Bazel. Deze ‘frontaliers’ reisden tot ver in de 19e eeuw dagelijks naar Bazel. De situatie veranderde echter na 1798.

De Franse bezetting van de oude Confederatie leidde tot de stichting van de Helvetische Republiek (1798-1803). De soevereine kantons hielden (tijdelijk) op te bestaan en Joden konden zich tot 1805 vestigen in Bazel, al duurde het tot 1866 voordat ze het burgerrecht en permanent vestigingsrecht kregen.

Bazel, de Synagoge (1869)

In Bazel ontwikkelde zich na 1866 weer een Joodse gemeenschap, onder andere met Joodse inwoners uit Elzas. Vanwege pogroms in Elzas trokken juist steeds meer Joden naar deze stad, waar immers werk en relatief grote tolerantie waren, ondanks de intolerantie van voorgaande eeuwen.

Tegenwoordig is er een bloeiende Joodse gemeenschap in Bazel, in tegenstelling tot deze regio in de Elzas. Niet de Duitse bezettingsjaren (1940-1945), maar de periode 1900-1920 markeert het einde van Joodse gemeenschappen in deze regio.

De huidige Judengässli in Allschwil

Een klein paadje van Allschwil naar Hegenheim (Elzas) symboliseert deze geschiedenis. De dichter en voordrachtskunstenaar Victor Saudan en de musicus Philippe Koerper hebben de ‘Judengässli’ in samenwerking met het Museum Allschwil onlangs dichterlijk en muzikaal in beeld gebracht.

Victor Saudan en Philippe Koerper

Eeuwenlang, tot begin 20e eeuw, gingen deze ‘frontaliers’ bij Allschwil over de ‘Judengässli’ naar Bazel en weer terug naar huis in de Sundgau. Wat tegenwoordig een mooie wandeling is, was toentertijd vaak een urenlange tocht door kou, sneeuw, wind en regen. Diverse dorpen in de Sundgau symboliseren deze historie, waaronder Hégenheim, Hagenthal-le-Bas en Hagenthal-le-Haut.

De ’toegangspoort’ van Hégenheim

  Hégenheim

Hégenheim had in de 17e en 18e eeuw een grote Joodse gemeenschap. 50% van de bevolking was joods. Het was zelfs de achtste grootste gemeenschap in Frankrijk. Velen waren afkomstig uit het noorden van Zwitserland, onder andere uit Bazel, Allschwil en de Birseck.

De unieke houten gedenkplaat (Holz-Grabmal). Collectie: Jüdisches Museum der Schweiz

Het Joodse kerkhof is in 1673 in gebruik genomen en dient nog steeds als begraafplaats, ook voor Joodse inwoners uit Zwitserland (al heeft de Joodse gemeenschap sinds  1905 ook haar begraafplaats in Bazel). Het kerkhof telt meer dan 7 000 grafstenen en een unieke houten grafzerk.

In Hégenheim en de Sundgau begonnen de problemen voor joodse inwoners juist na de Franse Revolutie van 1789. Tot de Franse Revolutie waren joden ook in Frankrijk geen vrije burgers. Ze hadden een van de koning en lokale grondbezitters afhankelijke status, maar ze waren relatief veilig. Na 1789 bgonnen de pogroms.

De Synagoge

De in 1740 gebouwde synagoge werd in 1815 verwoest, maar in 1821 weer hersteld. De synagoge heeft aan de buitenkant niets van een synagoge, terwijl het interieur de Joodse cultuur en religie uitstraalt. Ook in de Sundgau was het verstandig om de Joodse cultuur en religie niet uitbundig aan de buitenwereld te presenteren.

Na de formele erkenning van Joodse inwoners als gelijkberechtigde burgers van Zwitserland in 1866 emigreerden de meeste Joodse inwoners uit de Sundgau; velen hadden Bazel als eindbestemming.  De Frans-Duitse oorlog en Duitse annexatie van Elzas (1870-1871) , antisemitisme (Dreyfus-affaire!) en werk waren de belangrijkste motieven.

De Joodse gemeenschap in Bazel groeide zo snel dat in 1869 de eerste synagoge werd ingewijd, terwijl de synagoge in Hégenheim in 1920 werd gesloten, nadat de Joodse gemeenschap als zodanig had opgehouden te bestaan. De synagoge en haar bijzondere interieur doen tegenwoordig dienst als podium voor muziekuitvoeringen. De organisatie Le Ventre renoveert de synagoge om dienst te doen als cultuurhuis.

Hagenthal-le-Bas en Hagenthal-le-Haut

De dorpen Hagenthal-le-Bas en Hagenthal-le-Haut (Elzas) hadden in de achttiende eeuw ook een grote Joodse gemeenschap. De Joodse begraafplaats in Hagenthal-le-Bas is nog steeds toegankelijk. De begraafplaats in Hagenthal-Le-Haut is vervallen en vrijwel verdwenen.

Het Joodse kerkhof Hagenthal-le-Bas

Alleen de naam Rue de la Synagogue in Hagenthal-le-Bas herinnert nog aan de verdwenen synagoge van een grote Joodse gemeenschap. De synagoge in Hagenthal-le-Haut was al in 1903 afgebroken.

In 1784 telden Hagenthal-le-Bas 356 en Hagenthal-le-Haut 271 Joodse inwoners, bijna de helft van de bevolking. Na de Eerste Wereldoorlog (1914-1918) waren deze gemeenschappen verdwenen.

In 1848, ook een Frans revolutiejaar, vond een andere pogrom plaats in deze regio en daarna emigreerden de meeste Joodse inwoners naar Bazel.

Impressies van Hégenheim