Bally Schoenmuseum Schönenwerd

In de periode dat Zwitserse horlogemakers wereldwijd furore maakten, begon in het dorp Schönenwerd (kanton Solothurn) een andere episode. Het begin van de schoenendynastie Bally.

Carl Franz Bally (1826-1899) nam in 1847 het bedrijf van zijn vader, gespecialiseerd in de productie van zijdenband, over. Hij specialiseerde zich op basis van deze productie op het maken van schoenen in 1851 voor de betere kringen. De eerste fabriek stond in 1853 in dit dorp.

Zijn creativiteit, ondernemersgeest en organisatietalent leidden in enkele decennia tot de vijfde grootste werkgever in Zwitserland (ruim 3 700 banen) in 1905 en een mondiaal netwerk van fabrieken en winkels in Europa, Noord- en Zuid-Amerika.

Twee zonen, Arthur (1849-1912) en Eduard (1847-1926) Bally, hadden in 1892  de leiding overgenomen van het bedrijf dat toen C.F. Bally Söhne heette.

Het Bally Schoenmuseum (Bally Schuhmuseum) vestigde zich in 1942 in het oude woonhuis van de oprichter Carl Franz Bally, het Haus zum Felsgarten.

De collectie in twaalf ruimtes is een van de grootste ter wereld en toont de historie van schoeisel vanaf het oude Egypte van 3 000 v. Chr. tot het heden.

Het museum besteedt ook uitgebreid aandacht aan de historie en de producten van Bally sinds 1851. Het merk bestaat nog steeds, alleen is het sinds 1977 geen familiebedrijf meer. Bally heeft niet alleen het dorp Schönenwerd veranderd en het een (industrieel) aanzien van een stadje gegeven.

Het merk heeft ook generaties royals, onder wie Beatrix en Elisabeth II, aristocraten, dandy’s, minirok draagsters of conservatieve bankiers en topondernemers van schoeisel voorzien.

Topsporters of bijzondere evenementen hebben altijd de belangstelling gehad van het bedrijf. Olympische Spelen, bergbeklimmers, wandelaars, tennis of (winter) sporters, Bally maakte veelal speciaal voor de gelegenheid gemaakte schoeisel.

De sherpa Tenzing Norgay (1914-1986)  droeg bij de beklimming van de Mount Everest met Edmund Hillary (1919-2008) in 1953 bijvoorbeeld door Bally gemaakte laarzen van rendierhuid.

Het museum toont de (creatieve) historie van het bedrijf in rondleidingen op afspraak of op de zaterdagmiddag.

(www.schoenrewerd.ch/www.bally.ch).

 

Gösgen, een kalf, kapel en schoenen

Wandelen met uitzicht op een kerncentrale. Het ligt niet direct voor de hand, maar herbergt diverse verrassingen.

Zwitserland heeft nog drie actieve kerncentrales, in Beznau en Leibstadt (kanton Aargau) en Gösgen aan de rivier de Aare (kanton Solothurn).

De Zwitserse burgers stemden in 2017 tegen de bouw van nieuwe kerncentrales. De bestaande kerncentrales sluiten op termijn. Gezien de huidige discussies over schone energie is het echter nog maar de vraag of en wanneer de huidige centrales worden gesloten.

Deze vragen raken al snel op de achtergrond wanneer een wandeling begint in het mooie Olten (kanton Solothurn) en al spoedig de heuvels ten oosten van de stad bereikt. De kerncentrale van Gösgen en diens rookpluim zijn nooit ver weg.

Boerderijen, de herfsttinten van de bomen, dalen en vee begeleiden de wandelaar. Na de heuvel Leimgruben (448 meter) is er een unieke verrassing in het Chrisental (475 meter). Een koe heeft nog geen vijf minuten geleden op een boerderij een kalf gebaard. De placenta is nog zichtbaar. Dit is het eerste verrassing.

De tweede wacht in Däniken, in de wijk Eich op 433 meter hoogte. In de Nothelferkapelle zingt het wandelgezelschap het Dona nobis pacem onder begeleiding van een ervaren zanger.

Hoewel een heilige voor nucleaire straling ontbreekt (zie Swiss Spectator de Nothelferkapelle van Däniken, onder Monumenten, 18.11.2021), heeft deze kapel haar diensten weer bewezen.

De derde verrassing is aanwezig in Schönenwerd (kanton Solothurn), tevens eindpunt van de wandeling. Het Bally schoenenmuseum toont in het woonhuis van de oprichter Carl Franz Bally (1826-1899) de opmerkelijke geschiedenis van het kwaliteitsmerk Bally. Het bedrijf werd in 1851 opgericht.

Bally werd in twee generaties een mondiaal merk voor kwaliteitsschoenen voor dames, heren en kinderen, van Parijs, Londen, New York tot Buenos Aires.

Het museum toont een van de grootste collecties schoeisels ter wereld vanaf het oude Egypte (3 000 v. Chr.), Grieken en Romeinen, tot aan Chinese, Japanse, Indiase, Noord- en Zuid Amerikaanse Afrikaanse, Arabische, Afghaanse, en Europese culturen.

Het merk Bally komt ook uitgebreid aan bod: de productie, het creatieve proces, de diverse doelgroepen en de ontwikkeling in de tijd en ook de afstemming voor bijzondere gelegenheden (zie Swiss Spectator onder Events, Bally Schoenmuseum, 18.11.2021).

Het merk Bally bestaat nog steeds, alleen is het sinds 1977 geen familiebedrijf meer. Bally heeft overigens ook wandelaars en anders (winter) sporters lang van schoenen voorzien.

De Zwitserse Alpen Club

De Zwitserse Alpen Club (Schweizer Alpen Club, SAC/Club Alpin Suisse, CAS) organiseert regelmatig wandeltochten in deze omgeving (en elders) in het land.

Hoewel de naam anders doet vermoeden, organiseert de SAC niet alleen skitochten, bergbeklimmingen en andere sporten in het hooggebergte en de Alpen, maar ook (wandel) activiteiten in andere regio’s.

(Bron en verdere informatie: www.sac-cas.ch).

De Nothelferkapelle van Däniken

Het is 1798. Franse revolutionaire troepen hebben in 1792-93 het Franstalige deel van prinsbisdom bazel geannexeerd, grofweg het huidige kanton Jura.

Napoleon Bonaparte, de Franse generaal, heeft in 1798 zijn oog laten vallen op de dertien soevereine kantons van de Zwitserse Confederatie (Eidgenossenschaft). Zijn doel is de controle van de bergpassen naar Italië en Oostenrijk, zijn belangrijkste tegenstander op het continent.

De kantons beginnen in allerijl hun legers te versterken. Zo ook het katholieke kanton Solothurn. Het mocht echter niet baten. Frankrijk bezet in korte tijd de Confederatie ondanks felle tegenstand in enkele kantons. De Helvetische Republiek (1798-1803) wordt gesticht.

In Eich, een dorp dat tegenwoordig deel uitmaakt van de gemeente Däniken, beloven twee vooraanstaande burgers een kapel te bouwen ter ere van Maria en de veertien heilige helpers in nood (de veertien Nothelfers) als de Franse bezetters weer vertrekken.

In 1803 vertrekken ze inderdaad. Daarvoor in de plaats komt de Confederatie van 19 soevereine kantons (de 13 oude en de nieuwe kantons Thurgau, Aargau, St. Gallen, Tessin, Graubünden en Vaud) Napoleon stichtte deze vazalstaat in de Mediationsakte van 1803, nadat hij had ingezien dat de kantons géén eenheidsstaat accepteerden.

De kantons waren voor hun interne zaken weer soeverein als ze de (hoge) belastingen aan Frankrijk maar betaalden en de Franse buitenlandse politiek steunden.

De kapel is in de jaren 1805-06 gebouwd. In tijden van oorlog (de Sonderbundskrieg van 1847, de Eerste (1914-1918) en Tweede (1939-1945) Wereldoorlog of voor mensen in nood is het altijd een veel bezocht oord geweest.

Veertien heiligen en Maria staan de bezoekers bij. Ze zijn achter het altaar in beeld gebracht. De heiligen zijn:

De heilige Achatius voor doodsangst,

de heilige Egidius voor zogende moeders,

de heilige Eustachius voor depressies en andere moeilijke omstandigheden,

de heilige Blasius bij pijnen aan de hals, zweren  en epidemieën (zeer actueel),

de beschermheilige Katharina von Alexandrië voor jonge meisjes, maagden en gehuwde vrouwen,

de heilige Cyriacus voor de doodsstrijd,

de heilige Margaretha voor alle wonden,

de heilige Vitus voor alle geestesziekten,

de heilige Dionysius voor hoofdpijn, gewetensnood en liefdesverdriet,

de heilige Joris (de drakendoder) voor het oorlogsgeweld, koorts en pest,

de heilige Christophorus voor de onverwachte dood, ondervoeding en slecht weer,

de heilige Barbara voor stervenden en donder en bliksem,

de heilige Pantaleon voor artsen en vroedvrouwen en

de heilige Erasmus van Formiae voor kolieken, krampen, maagpijn, gebit – en andere lichaamspijnen.

(Bron: www.daeniken.ch).

De grillade

De grillade of barbecue is een vaste bekende op wandeltochten in Zwitserland. De SAC/CAS of andere organisaties onderhouden deze rustplekken die variëren van eenvoudige roosters tot overdekte huisjes. Wat ze alle gemeen hebben is de harmonie met de natuur en het respect waarmee gebruikers er mee omgaan.

Een voorbeeld is een rustplek met grillade in de bergen bij het stadje Willisau (kanton Luzern). De grillade is hier voorzien van allerlei keukengerei, zoals vleesvorken, opscheplepels en zelfs een visschepje. Bij vertrek wordt alles, uiteraard, keurig achtergelaten, stoffer en blik en schoonmaakmiddelen zijn ook aanwezig. Zelfs aan een drinkbakje voor de hond is gedacht.

Het meest typerende is wellicht dat het nog mogelijk is deze spullen aan het publiek ter beschikking te stellen in de wetenschap en het vertrouwen dat ze niet verdwijnen.

L´Etang de la Gruère

De twee turfvijvers l´étang de la Gruère de la Gruère en Les Royes en de grensrivier de Doubs zijn bijzondere juweeltjes van de Franches-Montagnes.

In de Fondation Les Cerlatez kunnen bezoekers deze en andere natuurschatten (beter) leren kennen.

De Etang de la Gruère is een nationaal natuurreservaat van meer dan 120 hectare. Het veengebied of hoogmoeras beslaat 56 hectare en heeft een dikte van negen meter turf die in 12.000 jaar (na het einde van de grote ijstijden) is geaccumuleerd.

Het reservaat ligt voor het grootste deel in de gemeente Saignelégier (kanton Neuchâtel), maar ook in de gemeenten Le Bémont en Montfaucon (kanton Jura) en Tramelan (kanton Bern).

Het meertje is te danken aan een kunstmatig waterreservoir dat in de 17e eeuw is aangelegd om een molen aan te drijven.

(Bron en nadere informatie: www.j3l.ch).

Kulturweg Limmat

Aan het eind van de 19e eeuw veranderde ook de beeldhouwkunst, in navolging van de ontwikkelingen in de schilderkunst en de opkomst van de fotografie.

Kunstenaars maakten Beelden zonder propagandistische, representatieve of officiële functie. Voordien waren de werken meestal heiligen, heersers of beroemde persoonlijkheden. En deze figuren werden altijd op een sokkel geplaatst.

Auguste Rodin (1840-1917) plaatste zijn figuren voor het eerst direct op de bodem. De meeste beeldhouwers volgden dit voorbeeld. Sindsdien kunnen beeldhouwwerken ook een zelfgekozen, zuiver artistiek thema hebben.

Bovendien is het spectrum van gebruikte materialen uitgebreid. Naast hout, steen en brons worden tegenwoordig ook ijzer, aluminium, kunststoffen of glas gebruikt, en soms ook in combinatie met fotografie, beweging en licht.

In 1991 hebben de gemeenten Baden, Wettingen en Neuenhof (kanton Aargau) in de aanloop naar het 700-jarig bestaan van de Zwitserse Bondsstaat de Kulterweg Limmat in het leven geroepen, kunstwerken in de vrije lucht. Het pad loopt tussen de twee houten bruggen van Baden en Neuenhof aan beide oevers van de Limmat.

De Stichting (Stiftung) Kulturweg Limmat  onderhoudt de (27) sculpturen en informatieborden en geeft opdrachten voor nieuwe werken.

(Bron en nadere informatie: www.kulturweg-limmat.ch).

Rigi, Pilatus en Willisauer Ringli

De koninklijke berg Rigi (kanton Luzern) is onder andere bekend vanwege ´s werelds eerste tandradbaan (21 mei 1871) en de huidige berg- en kabelbanen.

Het predicaat koninklijke dankt deze berg (1 800 meter) aan Albrecht von Bonstetten (1443-1504). Hij beschreef de berg in 1479 als de ´Regina Montium´, de koningin der bergen. Von Bonstetten was geograaf, humanist en decaan van het klooster Einsiedeln.

De naam Rigi is afgeleid van het Latijnse woord Riga, wat lijn betekent. Riginen is de geografische benaming voor de bovenrand van de berg. Deze aanduiding geeft al aan dat de berg niet stijl is. De berg is goed toegankelijk in tegenstelling tot de er tegenover gelegen berg Pilatus (2 137 meter).

Beide fameuze bergen tonen zich samen met enkele Alpenreuzen op een wandeling van het stadje Willisau (kanton Luzern) naar Menzberg.

De cultuurhistorische achtergrond  van Willisau is niet de enige reden te beginnen met een stadswandeling (zie Swiss Spectator 11 november, Willisau, Lokale Historie). De Willisauer Ringli is een ‘must’ bij een bezoek aan Willisau.

Dit kleine koekje met een doorsnee van 3 cm heeft een juridische procedure van 55 jaar achter de rug (1920-1977), voordat de rechter besliste dat de koekjes op basis van het uit Willisau afkomstige recept alleen in deze stad geproduceerd mochten worden.

Rond 1860 werden de eerste Willisauer Ringli in Willisau gebakken in het Ursprungshaus in de oude stad. Door het grote succes werden ze al snel in heel Zwitserland gebakken, zeer tot ongenoegen van de bakkers uit Willisau en hun (veronderstelde) geheime recept.

Na de Willisauer Ringli volgt de wandeling de route van de kapelletjes en kruizen van het katholieke kanton door schitterende dalen, bossen, toppen van bergen (tot 1016 meter), langs de grote en goed onderhouden boerenhoeves.

Aan het einde van de tocht doemen de Rigi en de besneeuwde Pilatus op met in het dal het oude kuuroord Menzberg. Het Kurhaus (tegenwoordig  Landgasthof Hotel Menzberg) opende in 1834 zijn deuren.

Niet alleen de zuivere lucht, maar ook de louterende werking van het zicht op de Rigi en de Pilatus maakten Menzberg tot een destijds bekend kuuroord.

De Zwitserse Alpen Club

De Zwitserse Alpen Club (Schweizer Alpen Club, SAC/Club Alpin Suisse, CAS) organiseert regelmatig wandeltochten in deze omgeving (en elders) in het land.

Hoewel de naam anders doet vermoeden, organiseert de SAC niet alleen skitochten, bergbeklimmingen en andere sporten in het hooggebergte en de Alpen, maar ook (wandel) activiteiten in andere regio’s.

(Bron en verdere informatie: www.sac-cas.ch).

World Nature Forum

Het World Nature Forum in Naters (kanton Wallis) is het nieuwe bezoekerscentrum van het UNESCO-werelderfgoed Zwitserse Alpen Jungfrau-Aletsch.

De interactieve tentoonstelling toont de verschillende landschappen van de Alpen en de gletsjers en gaat in op de actuele problematiek van de klimaatverandering.

De klimaatverandering zal (on)voorziene veranderingen en nieuwe uitdagingen met zich meebrengen voor de landbouw, het toerisme, de irrigatie van weiden, tradities, talen en het culturele erfgoed.

(Bron en verdere informatie: www.wnf.ch).

Cricket in de Alpen

De oprichtingsvergadering van “Cricket Switzerland”, de eerste Zwitserse cricketvereniging, werd gehouden op 9 maart 1980.  Ongeveer 1.200 leden spelen tegenwoordig cricket in Zwitserland.

Zwitserland is zelfs de bakermat van het zeer prestigieuze “Cricket On Ice”, een toernooi dat elke winter op het bevroren meer van St. Moritz wordt gespeeld.

In 1985 organiseerde de Vereniging, op initiatief van het Lyceum Alpinum in Zuoz, het eerste Zuoz Cricket Festival.

Het Lyceum heeft een lange traditie op het gebied van cricket en andere Britse sporten, die teruggaat tot de jaren 1920 toen een Engelse sportmeester werd aangesteld.

De sport werd geïntroduceerd door Britse burgers die na de Napoleontische oorlogen in Zwitserland woonden, werkten of verbleven.

St. Niklaus Kapelle van Willisau

De graven van Habsburg bouwden aan het einde van de twaalfde eeuw de burcht Alt-Willisau op de St. Niklausen heuvel. Het kasteel is in 1386 tijdens de oorlog van Sempach (Sempacherkrieg) verwoest. Alleen de kapel heeft het overleefd.

De oorspronkelijke Romaanse kapel is in 1497 gerenoveerd. De Barokke fase gaf de kapel in 1655 weer een ander gezicht. De kapel is vooral bekend vanwege de fresco’s uit de periode 1497-1660 en de bronzen torenklok uit de twaalfde eeuw.

(Bron: A. Häfliger, Die Kapelle St. Niklaus auf dem Berg in Willisau, Willisau, 2003).