De Zwitserse Deltawerken of de Jurawatercorrectie
17 april 2026
Zwitserse ingenieurs kunnen niet alleen tunnels boren en spoorwegen aanleggen, maar zijn ook kanalengravers, dijkenbouwers en uitmuntende watermanagers.
Seeland
Seeland en het grote moeras (das große Moor/le grand marais) zijn regio’s in het Drie-Meren-Land (Drei-Seen-Land/le Pays des Trois Lacs), de meren van Neuchâtel (Neuenburg), Bienne (Biel) en Morat (Murten), en strekken zich uit over de kantons Bern, Freiburg, Solothurn, Waadt en Neuchâtel.
De meren en rivieren
Na de laatste ijstijd (rond 12 000 jaar geleden) vormde zich een meer van ruim 100 kilometer lengte, dat zich uitstrekte van Yverdon-les-Bains (kanton Vaud) tot Solothurn. De rivieren de Aare, Emme en Zihl (Thielle in het Frans) doorkruisten deze regio en zorgden voor veel overstromingen.

De Thielle tussen Nidau en Büren vóór de waterregulering. De overstroming van 1817. Staatsarchief van Bern. Atlanten 21
De waterhuishouding
Vanaf het begin van de achttiende eeuw maakten ingenieurs en andere deskundigen plannen om deze wateroverlast te beperken. De technische mogelijkheden waren echter nog te beperkt. Dit veranderde door de Industriële revolutie in de negentiende eeuw.
De nieuwe Zwitserse Confederatie van 1848 had bovendien voor het eerst de bevoegdheid projecten in meerdere kantons te financieren. De regulering van waterhuishouding betrof de vijf bovenstaande kantons, die tot 1848 soeverein waren.

Beeld na het verlagen van het waterpeil in het meer van Neuchâtel en de restanten van Keltische paaldorpwoningen rond 1890
La Correction des Eaux du Jura/Juragewässerkorrektion
Dit is de zogenaamde Jurawatercorrectie (La Correction des Eaux du Jura/Juragewässerkorrektion). Deze vond plaats in twee etappes.
Het eerste project duurde van 1868 tot 1891 en stond onder leiding van de ingenieur Richard La Nicca (1794-1883). De Aare werd omgeleid in het meer van Biel door het graven van een kanaal tussen Aarberg en Hagneck (1).

Afbeelding: Musée d’Yverdon et région
Daarnaast werden drie andere kanalen gegraven: het kanaal La Broye (3) tussen het meer van Morat en het meer van Neuchâtel, het kanaal van Zihl/Thielle (2) tussen het meer van Bienne en het meer van Neuchâtel en het kanaal Nidau-Büren (4) dat de Aare vanaf Büren tot aan het meer van Bienne reguleerde.

Afbeelding: Amt für Wasser und Abfall (AWA, Kanton Bern).
De Emme werd bij nader inzien buiten het project gehouden. Afbeelding 5 geeft het gebied van Seeland aan. De Aare was de voornaamste bron van wateroverlast. Het waterpeil van de meren zakte door deze projecten enkele meters. Dit leidde weer tot nieuwe agrarische, natuur- en ontspanningsgebieden in deze regio.

Ook het eiland (St. Peter (île St. Pierre/St. Petersinsel in de Bielersee/lac de Bienne, verblijfplaats van Jean-Jacques Rousseau (1712-1778 in 1765), werd door het zakken van het waterpeil een schiereiland. Bij Hagneck kwam bovendien aan het einde van de negentiende eeuw een van Europa’s eerste hydro-elektrische werken, de BKW (Bernische Kraftwerke).
Kernstuk
Het centrale middelpunt van de nieuwe waterhuishouding was het reguleren van de Aare. De waterdoorlaatbare Dam van Port (Regulierwehr Port/Barrage de régulation) in het kanaal Nidau-Büren is de kern van het project.
Dit grote werk is tevens een sluis (Schiffsschleusse Port/Ecluse de Port), een wegverbinding tussen Brügg en Port en later is daar nog een waterkrachtcentrale (Wasserkraftwerk Brügg/Centrale hydroélectrique de Brügg) bijgekomen.
Er waren echter toch nog enkele overstromingen. De tweede watercorrectie werd uitgevoerd tussen 1962 en 1973. Dit project behelsde de bouw van de waterkrachtcentrale Flumenthal aan de Aare voorbij Solothurn en de uitbreiding en verbreding van de kanalen van Hagneck, Broye, Zihl en Nidau-Büren.

Hagneck Kanaal.
Deze installaties zijn bovendien aan het einde van de twintigste eeuw gemoderniseerd. Tevens is er nog een waterkrachtcentrale voor de opwekking van elektriciteit gebouwd in het kanaal Nidau-Büren.
De centrale regulering van de waterstanden in de drie meren en de waterdoorlaatbare dam Port vindt tegenwoordig plaats vanuit Bern ( Regulierzentrale/centrale de Régulation). Van hieruit worden de waterstanden in de drie meren en de regulering van de Aare in de gaten gehouden.

Nidau-Büren-Kanal
De regio is tegenwoordig het voor de landbouw meest vruchtbare deel van het land en de hofleverancier van groente en fruit. Bovendien zijn aan de oevers van de meren diverse natuurgebieden ontstaan, onder andere aan de zuidoever van het meer van Neuchâtel en is het gebied geschikt gemaakt voor toerisme en zijn faciliteiten.
Conclusie
De waterhuishouding van de drie meren en de rivieren de Aare, Emme en Zihl was sinds 1868 onderwerp van diverse projecten. Uiteenlopende, soms tegengestelde, belangen van scheepvaart, visserij, landschaps- en natuurbeheer, landbouw en veiligheid voor de bewoners speelden hierbij ook een rol.
Ondanks deze menselijke ingrepen is de natuur in de zomermaanden van 2021 toch weer sterker gebleken. De overstromingen waren niet zo verwoestend als voor deze ingrepen en de controlemechanismes hebben op zich gefunctioneerd, maar ze stemmen wel tot bescheidenheid in relatie met de natuur.
Aan de geweldige prestatie van de ‘Deltawerken’ van Zwitserland doet dit niets af. De regulering van de waterhuishouding in deze regio heeft ook gevolgen voor andere gebieden, onder andere voor de meren van Brienz en Thun en het verdere verloop van de Aare, die bij het Zwitserse Koblenz (kanton Aargau) in de Rijn uitmondt.
Het is wat dat betreft goed te beseffen dat de Aare meer water vervoert dan de Zwitserse Rijn. De Gotthardtunnels zijn wijd en zijd bekend. Deze Deltawerken van de Alpen verdienen echter ook de aandacht die ze verdienen.
(Bron en nadere informatie: Bezoekerscentrum krachtcentrale www.bielerseekraftwerke.ch; www.schlossmuseumnidau.ch)

Nidau, ingenieur Richard la Nicca (1794-1883), drijvende kracht achter het project.
