Kanton Basel-Stadt en de stad Bazel
17 april 2021
Bazel was voor de komst van de Romeinen al bewoond door de Keltische stam van Rauraken. Op de heuvel bij de huidige kathedraal (Münster) was een nederzetting met een verdedigingswal, de Murus Gallicus; in de woorden van de Romeinen was de nederzetting een ‘oppidum’.
De ligging aan de Rijn was belangrijk voor de visserij en de handel. Een andere keltische nederzetting bevond zich tegenover de monding van de Wiese in de Rijn, bij het huidige Novartis-complex en op de plaats van de Alte Gasfabrik.

Romeinse tijd en Alemannen
In de Romeinse tijd was de nederzetting bij de Alte Gasfabrik al verlaten, maar op de Münster waren een Romeinse legerplaats en daarnaast een klein dorp, dat de manschappen van de dagelijkse behoeften voorzag.
De nabijgelegen Romeinse kolonie Augusta Raurica (Augst en Kaiseraugst) was in die tijd een grote Romeinse provinciestad met ongeveer 15 000 inwoners. Het museum en archeologische park Augusta Raurica brengen deze historie uitgebreid in beeld.

Rathaus, Lucius Munatius Plancus, de mythische stichter van de stad, maar stichter van de Colonia Augusta Raurica
De bisschop en het prinsbisdom
Na het vertrek van de Romeinen rond 410 is de komst van de bisschop in de 5e of begin 6e eeuw een belangrijk moment voor de ontwikkeling van Bazel (Basilia). Bazel werd vanwege de invallen van Germaanse stammen (de Alemannen) de nieuwe zetel van de bisschop, die sinds de 5e eeuw in Augusta Raurica zetelde.

De heuvel bood een goed toevluchtsoord en de voorgangers van de huidige kathedraal waren frankische en later karolingische kerken. Tot het Karolingische Rijk van Karel de Grote (742-814) leidden het bisdom en de stad een (politiek en cultureel) onopvallend bestaan.
Twee bisschoppen springen er in deze periode uit: bisschoppen Waldo (740-814) en Haito (762-836), adviseurs van Karel en culturele vernieuwers.
In 999 zou het bisdom ook een seculiere en militaire macht worden. In dat jaar verwierf het de rechten van de abdij Moutier-Grandval (een geschenk van Rudolf III (971-1032), de laatste koning van Bourgondië).


Rond 1 000 wordt de bisschop vazal van de keizer van het Heilige Roomse Rijk en daarmee een prins, de aanvang van de prins-bisschop en het prinsbisdom Bazel, niet te verwarren met de kerkelijke provincie of diocese.
Een belangrijk moment is de (financiële) betrokkenheid van keizer Hendrik II (953-1024) bij de bouw van de Münster. Sculptuur van de keizer en zijn vrouw Cunegonde (980-1033) is op diverse plekken in de kathedraal te zien.
Met het verwerven van de abdij St. Ursanne in 1146 en door militaire expedities in de dertiende eeuw werd het prinsbisdom de sterkste seculiere macht aan de Bovenrijn.
Het gebied omvatte de huidige Jura, Sundgau, zuidelijke Elzas, Birseck, Birstal en nog verspreide bezittingen in Zuid-Duitsland, onder andere in Schliengen en Istein (bekend van de Isteiner Klotz).

De stad
In de dertiende en veertiende eeuw nam de macht van de welgestelde burgers en gilden steeds verder toe. Basel was vanwege de ligging een belangrijk handelsknooppunt. Bazel was op dat moment een vrije rijksstad (Reichsunmittelbarkeit) van het Heilige Roomse Rijk.
Ook de koningen en keizers van Habsburg bezochten de stad regelmatig. Ze hadden zelfs belangstelling om zich in de stad te vestigen. Onder andere door verzet van de burgerij en onrust in omringende Zwitserse kantons en Orte kwam het er niet van. Na de verloren veldslagen (1315, 1386, 1388 en het verlies van Aargau (1415) en zijn regionale bestuurscentrum, inclusief archief) waren Innsbruck, Wenen en in Vorderösterreich Ensisheim en Freiburg al de belangrijkste bestuurlijke centra.
Een grote aardbeving verwoestte in 1356 een groot deel van de stad en vrijwel alle kerken. Bazel was in deze periode nog verdeeld in Kleinbasel, aan de rechterrijnoever, en Grossbasel, aan de linkerrijnoever. Kleinbasel viel tot 1801 onder de Diocese van Konstanz en het Aartsbisdom Mainz, Grossbasel was zelf een bisdom en viel onder het Aartsbisdom Besançon.
De bouw van de Mittlerbrücke in 1225 markeert een belangrijk moment voor beide Bazels. De handel en bevolking nemen daarna snel toe. Beide Bazels werden in 1392 verenigd.

Slag aan de Birs, 1444. Onbekende kunstenaar. Collectie: Dreiländermuseum Lörrach
Bazel had nauwe contacten met de regio’s Elzas, Baden en met de Confederatie die zich ontwikkelde in deze periode. In militaire conflicten met Habsburg bleef de stad neutraal. Wel was de stad in 1444 het toneel van de strijd tussen Franse (huurlingen) troepen (les Armagnacs) en Eidgenossen (slag bij St. Jacobs aan de Birs, 26 augustus 1444).


St. Jacobs Kapelle
Deze slag vond plaats ten tijde van het Concilie van Bazel (1431-1449). In 1460 is de universiteit van Bazel opgericht met steun van paus Pius II (1405-1464). De stad groeide uit tot een centrum van uitgeverijen, boekdrukkunst, humanisme en wetenschap. In de Bourgondische oorlogen (1474-1477) en de Schwabenkrieg (1499) bleef Bazel neutraal.

Het oude universiteitsgebouw (rechts) en de tuin aan de Rijn
1501-1536
Door de toetreding van de stad Bazel tot de Eidgenossenschaft in 1501 werd de relatie tussen de bisschop en het stadsbestuur steeds moeizamer. In deze periode verwierf Bazel ook de huidige gemeenten Riehen en Bettingen, die nog steeds een zelfstandige status van gemeente hebben.
Het stadsbestuur en de elite (met name gildes en kooplieden) waren de belangrijkste politieke macht na het vertrek van de bisschop en het (aristocratische) domkapittel vanwege de Reformatie in 1525-1529.
Wat van de bisschop blijft, is de heraldiek van de stad: de zwarte bisschopsstaf. De bisschopsstaf tegenwoordig de heraldiek van de stad Bazel en kanton Bazel-Stadt. Deze heraldiek was al bekend in de dertiende eeuw.

Raadshuis en kantongebouw van kanton Basel-Stadt
De rode bisschopsstaf was de heraldiek van de bisschop. In de elfde en twaalfde eeuw gebruikte de bisschop deze rode bisschopsstaf al als symbool van het prinsbisdom. De kantons Jura (ontstaan in 1979) en Basel-Landschaft (ontstaan in 1833) hebben nog steeds de rode bisschopsstaf in spiegelbeeld in hun wapen.
De katholieke Erasmus van Rotterdam (1467-1536) woonde tijdens de Reformatie in Bazel en is in 1536 begraven in de protestante Münster.


1798-1848
Na de val van Napoleon werd Bazel in 1815 ook lid van de nieuwe confederatie. In 1833 was er een splitsing tussen Basel-Stadt en Basel-Landschaft (Baselbiet). In 1848 kregen beide kantons in de nieuwe grondwet de status van halfkanton (met één zetel in de Ständerat per kanton in plaats van twee). Vanaf de wijziging van de Grondwet in 2000 zijn het formeel kantons, maar met maar één stem per kanton in de Ständerat.
1875
In 1875 introduceerde het kanton een nieuwe grondwet met onder andere de volgende vernieuwingen:
Invoering van de scheiding der machten, het algemeen kiesrecht (voor mannen, de invoering van het vrouwenstemrecht volgde in 1966), het volksinitiatief (het initiatief op grondwettelijk en wetgevend niveau op basis van 3 000 geldige handtekeningen binnen 18 maanden) en het referendum (verplicht referendum voor alle grondwetswijzigingen en het facultatief referendum, na 2 000 geldige handtekeningen, voor nieuwe wetten en wetswijzigingen en uitgavenbesluiten van meer dan 1,5 miljoen frank). In het kanton gaan de rechten van de burgers verder dan op federaal niveau.




Stadhuis van de gemeente Bazel
Bestuur
De Grote Raad (der Grosse Rat) is de wetgever. De Grote Raad, een instelling met een traditie die teruggaat tot de Middeleeuwen, wordt om de vier jaar gekozen volgens het proportionele systeem (Proporzsystem) De zetels (200) worden aan de partijen toegewezen op basis van het aantal stemmen.
de Regeringsraad (Regierungsrat) met 7 leden is de uitvoerende macht. De regeringsraad wordt echter gekozen volgens het systeem van de absolute meerderheid (Majorzsystem) per kandidaat.
Wat Basel-Stadt onderscheidt van de andere kantons, is dat de Regeringsraad en de Grote Raad verantwoordelijk zijn voor zowel het kanton Basel-Stadt als de gemeente Bazel.
De gemeente Bettingen en Riehen hebben nog hun eigen bestuur, maar hebben ook zitting in de Grote Raad van het kanton.
(Bron en verdere informatie: A. Berchtold, Bâle et l’Europe. Une Histoire culturelle (Deux tombes, Lausanne 1991).

Middeleeuws en modern Bazel






Het Kanton en stad Basel-Stadt vanuit Ötlingen (Baden)



De oude (gerenoveerde) stadsmuur en toren bij St. Alban (12e eeuw) en de Roche-torens (21e eeuw).




Numa Donzé (1885-1952), Johannes der Taufer (Johannes de Doper), 1919. De Stad telt ongeveer 250 bronnen

Laterne, Fasnacht 2023


Het oude FCB-Stadion in Kleinbasel


